Auteur Topic: Stroom-intrede(r), Een Verkennend Onderzoek  (gelezen 7194 keer)

0 leden en 1 gast bekijken dit topic.

Offline Passievrucht

  • Eerwaarde
  • ******
  • Berichten: 3392
Stroom-intrede(r), Een Verkennend Onderzoek
« Gepost op: 04-07-2016 12:29 »
Stroom-intrede(r), Een Verkennend Onderzoek
 
Inleiding

Om mijn persoonlijk begrip te vergroten van stroom-intrede en de stroom-intreder (sotapanna) ben ik een verkennend onderzoek gestart. Ik heb me gericht op die fragmenten in de Nikaya’s die over stroom-intrede(r) gaan.

Ik begrijp dat dit hooguit een studie-achtig soort begrip geeft. Geen gerealiseerd begrip van stroom-intrede waar het echt om draait, maar het leek me toch nuttig dit onderwerp eens wat nader te bekijken en te toetsen aan de ideeën die bij me zijn gaan leven.

Het leek me ook leuk de informatie die ik gevonden heb hier te delen. Ik zal het in de komende dagen in delen posten. Ik stel op het prijs wanneer jullie eventuele vragen, kritiek en/of opmerkingen even in de wacht zetten totdat alles gepost is.

Van Khuddaka Nikaya heb ik alleen Khuddakapatha, Dhammapada, Udana, Itivuttaka en Sutta Nipata verkend. Behalve een enkel fragment uit Udana heb ik eigenlijk niet uit deze Nikaya geput. Voor Digha Nikaya (DN) heb ik de vertaling van Walshe geraadpleegd en van Majjhima Nikaya (MN), Samyutta Nikaya (SN) en Anguttara Nikaya (AN) de vertalingen in het Engels van Bhikkhu Bodhi.
Verwijzingen naar de teksten heb ik tussen haken toegevoegd. Dit pretendeert niet een compleet overzicht te geven van al die plekken waar het betreffende onderwerp in de Nikaya’s ter sprake komt.

Ik hoop met dit verkennend onderzoek antwoord te geven op de volgende vragen:

-Wat wordt bedoeld met de stroom?
-Wat wordt bedoeld met stroom-intrede?
-Wat wordt bedoeld met een stroom-intreder? Wat zijn diens kenmerken?
-Zijn er verschillende soorten stroom-intreders?
-Wat zijn de factoren die leiden naar stroom-intrede?
-Wat zijn de voordelen van stroom-intrede?
-Wat zijn obstakels voor stroom-intrede?

Als laatste zal ik posten:
-Extra informatie (ook uit andere bronnen dan de Nikaya’s)

Ik zal nu eerst een samenvatting geven. Dit geeft denk ik een goede eerste indruk en is waarschijnlijk behulpzaam bij het lezen van de rest. Na de samenvatting zal ik op elk van bovenstaande vragen dieper ingaan aan de hand van de teksten uit de Nikaya’s.

Ik heb dit niet als leraar geschreven maar als geïnteresseerde leek. Het heeft verder geen andere status  dan een verkennend onderzoek van een leek. 

hartelijke groet,
Siebe


Offline Passievrucht

  • Eerwaarde
  • ******
  • Berichten: 3392
Re: Stroom-intrede(r), Een Verkennend Onderzoek, Samenvatting
« Reactie #1 Gepost op: 04-07-2016 12:36 »
Stroom-intrede(r), Samenvatting

Als leerlingen van de Boeddha cultiveren we het achtvoudige pad. Eigenlijk kan dit onderscheiden worden in een wereldlijk achtvoudig pad en het bovenwereldlijke edele Pad. Het wereldlijke achtvoudige pad bevrijdt niet uit samsara maar voert wel omhoog, het verheft, het leidt tot minder lijden en hogere wedergeboorte. Dit pad is verbonden met positief kamma, met verdienste.
Het zogenaamde boven-wereldlijke edele achtvoudige Pad bevrijdt wél van samsara en maakt een einde aan begeerte en kamma. Het is dit edele boven-wereldlijke Pad wat wordt bedoeld met de ‘stroom’. Iemand wordt ook een ‘edele’ leerling genoemd wanneer iemand het edele (boven-wereldlijke) achtvoudige Pad betreedt/bezit.

Het betreden of binnengaan van deze stroom wordt in de teksten beschreven met woorden als (het maken van) ‘een doorbraak tot de Dhamma’ , en als ‘een doorbraak tot de Vier Edele Waarheden’. Het verwijst mijns inziens naar een beslissend moment. Dit beslissende moment wordt ook aangeduid als ‘het ontstaan/verrijzen van het Dhamma-oog’ of ‘het verkrijgen van de visie/zicht van de Dhamma’.
Hoewel het niet letterlijk zo wordt gezegd in de Nikaya’s beduiden de vertalers van de Nikaya’s (en ook ik) dit als manieren om stroom-intrede aan te geven.
Wat gebeurt hier nu concreet? Eigenlijk weet je dat alleen echt als je dit meemaakt maar als je het in woorden uitdrukt dan zou je het zo kunnen zeggen dat de Vier Edele Waarheden en Voorwaardelijk Ontstaan nu op een niet-filosofische manier maar rechtstreeks door ervaring of zien, worden begrepen. Er wordt een glimp opgevangen van Nibbana of beëindiging. Dit wordt niet gedeeld met velen. Men verwerft de edele juiste visie/begrip van het (boven-wereldlijke) Pad.

Iemand die de doorbraak tot de Dhamma meemaakt, waarin dus het Dhamma-oog is ontluikt, die heeft de edele stroom betreden die binnen maximaal 7 levens naar Nibbana of volledige verlichting voert. Zo iemand wordt binnen het onderricht aangeduid als een stroom-intreder.

Bij stroom-intrede ontstaat ook zogenaamd bevestigd-vertrouwen in de Boeddha, Dhamma en Sangha (Drie Juwelen). Begrip van het onderricht is niet meer intellectueel en/of dan eens zus en dan eens zo, maar men begrijpt het onderricht over de Vier Edele Waarheden en Voorwaardelijk Ontstaan nu op een directe wijze, door ervaring/zien/realisatie, en op een manier dat er geen twijfel meer is. Men is hierin ook niet meer afhankelijk van anderen.
Dit bevestigd-vertrouwen wordt onderscheiden van het soort devotioneel vertrouwen van de vertrouwen-volgeling, en de soort acceptatie/vertrouwen van de dhamma-volgeling wiens vertrouwen berust op grondig onderzoek van de onderrichtingen. Naast bevestigd-vertrouwen in de Drie Juwelen verwerft iemand bij stroom-intrede ook een smetteloos soort moraliteit (ethische gedrag). Dit worden ‘de vier factoren van een stroom-intreder’ genoemd.

Stroom-intrede verwijst dus naar een beslissende gebeurtenis die de overgang markeert van iemand die nog oefende om de vrucht van stroom-intrede te realiseren, naar de realisatie er van. Vanaf dat moment kan iemand aangeduid worden als stroom-intreder.

Het grote voordeel van het realiseren van de vrucht van stroom-intrede is dat iemand dan verzekerd is van het realiseren van Nibbana binnen maximaal 7 levens. Iemand zit dan op een vaste koers naar Nibbana, de volledige beeindiging van lijden. Iemand kan niet achteruitgaan en wordt niet meer wedergeboorte in de lagere rijken. Er volgt dus alleen nog wedergeboorte of als mens of als deva (hemels wezen). In die zin is iemand dus vanaf stroom-intrede ook beschermd.

Een stroom-intreder heeft afstand gedaan van drie mentale ketens of neigingen; identiteitsvisie, twijfel/onzekerheid en gehechtheid aan louter regels en rituelen. De stroom-intreder heeft nog niet de soort kennis van de arahant dat geboorte al beeindigd is. Diens taak zit er ook nog niet op. Niet alle ketens zijn ook al afgeworpen. Stroom-intrede is het eerste stadium van heiligheid, de andere zijn eenmaal-terugkeren, niet meer terugkeren en de volbrenging is het arahantschap.

Omdat het zulke grote voordelen met zich meebrengt, zou iemand hevig moeten verlangen naar stroom-intrede of de doorbraak tot de Dhamma. Met hetzelfde gevoel van urgentie alsof je hoofd en kleding in brand staan en je ook heel sterk zou verlangen dat vuur te doven. Zonder doorbraak is geen beeindiging van lijden mogelijk.

In de volgende posten zal ik meer in detail ingaan op de vragen uit de inleiding.

hartelijke groet,
Siebe

Offline Passievrucht

  • Eerwaarde
  • ******
  • Berichten: 3392
Re: Stroom-intrede(r), Wat wordt bedoeld met de stroom?
« Reactie #2 Gepost op: 05-07-2016 14:30 »
Wat wordt bedoeld met de ‘stroom’?

Stroom-intrede(r). Wat wordt bedoeld met de ‘stroom’? Het edele achtvoudige Pad, d.i. Juiste Visie/Begrip, Juiste Intentie/Motivatie, Juiste Spraak, Juist Handelen, Juist Levensonderhoud, Juiste Inspanning, Juiste Mindfulness, Juiste Concentratie (SN55.5).
 
Het onderricht verdeelt leerlingen in gewone leerlingen en edele leerlingen. Edele leerlingen zijn leerlingen die tenminste de vrucht van stroom-intrede hebben gerealiseerd.  Ze zijn ontwaakt. Het Dhamma-oog is verrezen/geopend. Dit komt later aan bod.

Bij het achtvoudige pad speelt ook dit soort onderscheid. Dit is o.a. onderwerp van Majjhima Nikaya 117. Van factoren van het achtvoudige pad bestaan eigenlijk twee varianten. De ene zou je een wereldlijke variant kunnen noemen en de ander een edele of boven-wereldlijke variant.
De wereldlijke variant is nog verbonden met bezoedelingen en verdienste (positief kamma) en rijpt aan de kant van gehechtheid. Wanneer je dit wereldlijke achtvoudig pad cultiveert, verheft dat. Het is een weg die omhoog voert. Het vermindert lijden, brengt hogere wedergeboorten, maar het bevrijdt niet van samsara en daarmee komt er ook geen einde aan lijden. Het overstijgt samsara niet.

Neem bijvoorbeeld de factor 'juiste visie'. Wat is juiste visie binnen dit wereldlijke achtvoudige pad? (Twee voorbeelden) ‘Er is de vrucht en het resultaat van goede en slechte activiteiten’ en ‘er is deze wereld en de andere wereld’. Dit zijn twee voorbeelden van juiste visies, verdienstelijke visies. Wanneer zulke visies worden aangehangen, leiden ze omhoog, geven ze een hogere wedergeboorte maar ze bevrijden niet van samsara, de cyclus van geboorte en dood. Zo ook voor andere factoren van dit pad. Samengevat: het wereldlijke achtvoudige pad verheft maar bevrijdt niet van samsara.

Daarnaast zou je kunnen zeggen dat er een edel achtvoudig Pad bestaat dat wordt aangeduid als het boven-wereldlijke Pad (supra-mundane path). Juiste visie is hier edel, smetteloos, boven-wereldlijk, een factor van het Pad. En eigenlijk is dit de soort visie die je als leerling wilt verwerven. De visie van het boven-wereldlijke edele Pad.
Wat is hierbij Juiste Visie? De wijsheid, het vermogen tot wijsheid, de kracht van wijsheid, de verlichtingsfactor van onderzoek naar staten, pad-factor van juiste visie van diegenen wiens geest edel is, smetteloos en het pad bezitten.
Dus juiste visie is hier de visie van diegenen die de doorbraak tot de Dhamma al gemaakt hebben (zie volgend posten). Voor wie het Dhamma-oog al geopend/ontstaan is. Zij zijn al minimaal stroom-intreder. Zij begrijpen het onderricht op rechtstreekse wijze, d.w.z. niet langer conceptueel of filosofisch zoals bij het wereldlijke achtvoudige pad. Bijvoorbeeld de Vier Edele Waarheden worden op rechtstreekse wijze begrepen omdat van Nibbana, de waarheid van de beëindiging van lijden, een glimp is opgevangen. Men heeft de juiste visie/begrip van het edele boven-wereldlijke Pad verkregen.
Het boven-wereldlijke edele Pad bestendigt niet samsara en is geen weg omhoog maar het bevrijdt van samsara. Dit boven-wereldlijke Pad maakt ook een einde aan begeerte en kamma (zie bijvoorbeeld AN4.237).

Je kunt volgens mij ook zeggen dat het eerste wereldlijke achtvoudige pad wordt gedeeld met talloze andere mensen die ook boeddhisme beoefenen, maar het boven-wereldlijke edele Pad dat bezitten enkel die mensen die al een vrucht gerealiseerd hebben (van stroom-intrede, eenmaal terugkeren, niet meer terugkeren en arahant). Dit wordt dus niet met velen gedeeld.

De ‘stroom’ verwijst dus naar het boven-wereldlijke edele Pad. Iemand heeft dan de doorbraak tot de Dhamma gemaakt (zie verdere bijdrages) en heeft bijvoorbeeld kennis opgedaan van de Vier Edele Waarheden die niet langer meer filosofisch of conceptueel/intellectueel van aard is maar direct, rechtstreeks. Door die stroom te betreden, die wordt voorafgegaan door de juiste Pad-visie, is iemand verzekerd van volledige verlichting binnen maximaal 7 levens.

Het onderricht onderscheidt personen die oefenen voor het realiseren van deze vrucht van stroom-intrede en degenen, de edelen, de stroom-intreders, die dit al gedaan hebben (o.a. AN 8.59+AN9.9, Udana5:5).

Er worden twee categorieën van toegewijde personen onderscheiden die oefenen voor de vrucht van stroom-intrede en voor wie (kennelijk) stroom-intrede zeker is nog voor de dood:
1. De vertrouwen-volgeling. Dit verwijst naar iemand die een soort gelovig vertrouwen heeft in het onderricht en toegewijd hiermee aan de slag is. Diens begrip/wijsheid is nog beperkt. Van deze persoon wordt gezegd dat het vertrouwen-vermogen (het vermogen om te vertrouwen) het voertuig is waarmee deze persoon vordert. Deze persoon heeft ‘de vaste koers van juistheid/rechtschapenheid’ (fixed course of rightness) betreden, het terrein van superieure personen betreden en is het niveau van de wereldlingen te boven gegaan. Deze persoon is niet meer in staat een daad te verrichten waardoor ie wedergeboren zou kunnen worden in de lagere rijken. Deze persoon is niet in staat om te sterven zonder de vrucht van stroom-intrede gerealiseerd te hebben.
2. De Dhamma-volgeling. Dit verwijst naar iemand die de onderrichtingen accepteert op basis van voldoende onderzoek met wijsheid. Dus ten opzichte van de vertrouwen-volgeling komt dit type persoon  meer tot vertrouwen door onderzoek. Van deze persoon wordt gezegd dat het wijsheid-vermogen het voertuig is waarmee deze persoon vordert. Deze persoon heeft  ook ‘de vaste koers van juistheid/rechtschapen betreden’, het terrein van superieure personen betreden en is het niveau van de wereldlingen te boven gegaan. Deze persoon is niet meer in staat een daad te verrichten waardoor ie wedergeboren zou kunnen worden in de lagere rijken. Deze persoon is ook niet in staat om te sterven zonder de vrucht van stroom-intrede gerealiseerd te hebben.

Deze twee soorten toegewijde boeddhistische beoefenaars zijn van de stroom-intreder onderscheiden in die zin dat ze weliswaar elk op hun eigen manier vertrouwen hebben in het onderricht, maar ze kennen en zien het nog niet op rechtstreekse wijze zoals de stroom-intreder wel doet (SN25.1-10). De vertrouwen-volgeling en dhamma-volgeling hebben dan ook nog niet het zogenaamde bevestigd-vertrouwen van de stroom-intreder.

Samengevat kun je zeggen dat de ‘stroom’ verwijst naar het boven-wereldlijke Pad waarin de factoren, zoals juiste visie (en anderen), edel zijn, smetteloos, boven-wereldlijk.

hartelijke groet,
Siebe

Offline Passievrucht

  • Eerwaarde
  • ******
  • Berichten: 3392
Re: Stroom-intrede(r), Wat wordt bedoeld met stroom-intrede?
« Reactie #3 Gepost op: 06-07-2016 10:47 »
Wat wordt bedoeld met stroom-intrede?

Eigenlijk weet je dit natuurlijk pas echt wanneer je het meemaakt. Vanuit die ervaring kan ik er niet over schrijven. Ik ga dus af op de teksten. Op basis van wat ik gelezen heb, ben ik van mening dat stroom-intrede vooral verwijst naar een beslissende doorbraak in visie of begrip. De visie van het edele boven-wereldlijke Pad wordt verkregen of verrijst in de geest.
 
Naar deze beslissende gebeurtenis wordt in de teksten op verschillende verwezen. Ik heb hieronder een indeling in drieen gemaakt maar het verwijst waarschijnlijk naar dezelfde soort beslissende openbaring.

A. Het ontstaan/ontluiken van het smetteloze dhamma-oog. De context waarin dit speelt is dat de Boeddha onderricht geeft en bij de luisteraar(s) ontluikt dan het smetteloze dhamma-oog. Dit beschrijft een moment dat bij iemand de stofvrije smetteloze visie of het zicht van de Dhamma ontstaat: ”Wat dan ook onderhevig is aan ontstaan, is ook allemaal onderhevig aan beëindiging” (MN56§18, SN35.74, DN2§102, DN3§2.21, DN5§29, DN14§3.15, DN21§2.10). 

Hoewel het er in de teksten niet letterlijk bij wordt vermeld, althans dat heb ik niet gezien, verwijst dit ontstaan/ontluiken van het dhamma-oog volgens bhikkhu Bodhi naar stroom-intrede (MN, noot 588). Ook Walshe, de vertaler van Digha Nikaya, brengt dit in verband met stroom-intrede (zie DN, noot 140). Dit oog wordt ook wel dhamma-cakkhu genoemd. Dit is niet gelijk aan het wijsheidsoog (panna-cakkhu) dat de wijsheid van de arhant is.

In noot 588 van Majjhima Nikaya wordt door bhikkhu Bodhi uitgelegd dat de zinsnede “alles wat onderhevig is aan ontstaan, is onderhevig aan beëindiging”, de manier toont waarop het Pad ontstaat. Het Pad neemt beëindiging (Nibbana) als diens object, maar diens functie is om in alle geconditioneerde staten door te dringen als zijnde onderhevig aan ontstaan en beëindiging. In MN28§38 wordt gezegd dat wie de Dhamma ziet, die ziet voorwaardelijk ontstaan en wie voorwaardelijk ontstaan ziet, ziet de Dhamma.
In noot 746 van Majjhima Nikaya wordt door bhikkhu Bodhi duidelijk gemaakt dat wanneer het Dhamma-oog verrijst iemand begrijpt dat de khandha’s enkel lege verschijnselen zijn, verstoken van de zelf/ik-heid die men er gewoonlijk op projecteert (‘dit ben ik, dit is van mij-dit is mijn zelf’). Dus dit is nogal wat, nietwaar, want wie ervaart bijvoorbeeld het lichaam(sbesef) niet als 'dit ben ik, dit is van mij, dit is mijn zelf'?

In DN5§29 wordt ook gesproken over het ontluiken van het smetteloze Dhamma-oog bij de brahmaan Kutadanta. Verder wordt er aansluitend in §30 geschreven “Nadat Kutadanta de Dhamma had gezien, gerealiseerd, ervaren en er in doorgedrongen was en voorbij gegaan aan twijfel, onzekerheid te boven gekomen, en na volmaakt vertrouwen verworven te hebben in het onderricht van de Leraar zonder van anderen afhankelijk te zijn, zei hij; ‘Moge de eerwaarde Gotama en zijn gemeenschap van monniken morgen een maaltijd van me accepteren’.” Een vergelijkbare tekst is te vinden in DN14§12 en MN56§18.
Ik denk dat deze fragmenten aangeven dat bij het ontluiken van het smetteloze Dhamma-oog of visie van de Dhamma, iemand de Dhamma ziet/ervaart. De Dhamma hier mijns inziens in de betekenis van het boven-wereldlijke Pad, het ongeconditioneerde, de waarheid van de beëindiging van lijden (zie ook MN, noot 589). Wordt deze beëindiging meegemaakt dan verrijst volgens mij ook inzicht in voorwaardelijk ontstaan want hoe kun je, bijvoorbeeld, het voorwaardelijk ontstaan van bewustzijn echt kennen, direct, als je de beëindiging van visueel bewustzijn, auditief bewustzijn etc. niet op een rechtstreekse manier  meemaakt (zoals ik). Dan is voorwaardelijk ontstaan van bewustzijn immers nog een  filosofie of afgeleid uit het feit dat je bijvoorbeeld diep droomloos slaapt oid. Bij stroom-intrede ontstaat een ander soort visie, lijkt me.

B. De doorbraak tot de Dhamma. Mijns inziens verwijst dit naar dezelfde soort openbaring als het openen van het Dhamma-oog. Een stroom-intreder maakt een “doorbraak tot de Dhamma” mee en samen met het volgen van het aanzwellen en de afname van de vijf khandha’s die onderwerp zijn van hechten, ziet iemand op rechtstreekse wijze zoals het werkelijk is: ‘Dit is lijden’; ‘Dit is oorzaak van lijden’; ‘Dit is de beëindiging van lijden’; ‘Dit is de weg naar de beëindiging van lijden’. Deze realisatie wordt “de doorbraak tot de Dhamma genoemd en “het verkrijgen van het Pad” (SN46.30). Dhamma en Pad lijken me hier synoniemen.

Hoewel iemand hier de doorbraak tot de Dhamma heeft gemaakt en het (boven-wereldlijke) Pad heeft verkregen, en dus de vier edele Waarheden en voorwaardelijk ontstaan nu ook op niet filosofische wijze begrijpt, maakt dit sutta ook duidelijk dat iemand weliswaar zo het Pad heeft verkregen dat leidt naar volledige verlichting, maar men is er bij de doorbraak tot de Dhamma nog niet. Men is nog geen arahant.

Het maken van “een doorbraak tot de Dhamma” is volgens bhikkhu Bodhi de verklaring van het realiseren van stroom-intrede (SN, deel II, Bojjhangasamyutta, noot76 en noot 116). De doorbraak tot de Dhamma wordt ook genoemd in SN22.90 en SN46.56.
Iemand die de doorbraak tot de Dhamma gemaakt heeft, heeft (o.a.) de juiste edele visie  verworven (SN13.1 e.a.). Ik denk dat je kunt zeggen dat dit eigenlijk de visie is van beëindiging van al het geconditioneerde, van Nibbana. Het ongeconditioneerde, het boven-wereldlijke Pad heeft zich aan het geestesoog geopenbaard. Er wordt hierdoor een doorbraak gemaakt op het vlak van edele visie/begrip.

C. De doorbraak tot de Vier Edele Waarheden. Eigenlijk is dit ook al genoemd maar omdat het in de sutta’s ook apart wordt genoemd (met name in SN56) vermeld ik het hier ook apart. Mijns inziens is deze doorbraak gelijk aan het bovenstaande. Het verwijst mijns inziens naar de directe ervaring van de beëindiging van lijden, Nibbana, en directe kennis dus van de Vier Edele Waarheden. Het wordt aangegeven als het doel van al die mensen die vroeger, momenteel en in de toekomst vanuit thuis de thuisloosheid intrekken, het doel van het heilige leven onder de Boeddha (SN56.3+4, SN56.26/32/34/35/37,44/51/60).

Zonder de doorbraak tot de Vier Edele Waarheden te maken is het onmogelijk om lijden te beëindigen (SN56.44). Deze doorbraak is echter niet gemakkelijk te realiseren. Er waren mensen voortreffelijk bekwaamd in boogschieten. Ze konden hun pijl door een nauwe opening schieten maar de doorbraak wordt daarbij vergeleken met het splitsen van een haar in 7 delen (SN56.45). Toch zou men gezien de voordelen zijn uiterste best moeten doen om de doorbraak te realiseren, zoals iemand ook vurig zou verlangen om zijn haar en kleding te doven wanneer deze in brand zouden staan (SN56.34).

Samengevat verwijst stroom-intrede mijns inziens naar een beslissende gebeurtenis waarbij de juiste edele visie/begrip in de geest ontluikt. De visie van het boven-wereldlijke edele Pad, de visie of het zicht van de Dhamma, van beeindiging.
Deze vrucht, deze edele visie/begrip, wordt niet gedeeld met velen. Als je het bekijkt naar de effecten die het heeft, waarover later meer, kan het niet anders of stroom-intrede moet een krachtig soort openbaring zijn, in staat om veranderingen te veroorzaken op het vlak van de persoonlijkheid. Met deze juiste visie/begrip gaat men vervolgens verder met de beoefening om uiteindelijk de vrucht van arahantschap te realiseren en geest te bevrijden van alle bezoedelingen.

hartelijke groet,
Siebe



« Laatst bewerkt op: 23-03-2018 19:53 door Sybe »

Offline Passievrucht

  • Eerwaarde
  • ******
  • Berichten: 3392
Wat wordt bedoeld met een stroom-intreder, wat zijn diens kenmerken?
« Reactie #4 Gepost op: 07-07-2016 11:07 »
Wat wordt bedoeld met een stroom-intreder? Wat zijn diens kenmerken?

Dit wordt ook weer op verschillende manieren belicht in de teksten. Ik geloof dat dit echter op hetzelfde neerkomt. Voor het overzicht heb ik toch verschillende kopjes gemaakt. Het dient wel zo begrepen te worden dat een stroom-intreder al deze zaken die onder die verschillende kopjes worden besproken, heeft gerealiseerd. Wat wordt bedoeld met een stroom-intreder? Wat zijn diens kenmerken?

Daarmee wordt iemand aangeduid die het Edele Achtvoudige Pad bezit (SN55.5).

Wat betekent dit? Als iemand nog niet de vrucht van stroom-intrede heeft gerealiseerd, dan is nog niet de stroom van het (boven-wereldlijke) edele achtvoudige Pad betreden die wordt voorafgegaan door de juiste visie. Wanneer dat wel geschiedt, bij de doorbraak tot de Dhamma of Vier Edele Waarheden, verwerft iemand het boven-wereldlijke edele achtvoudige Pad beginnend bij de edele Juiste Visie/Begrip (SNII, Inleiding SN45, Maggasamyutta, p.1496, bhikkhu bodhi). Bij de beëindiging van drie ketens (zie verder) kan dan iemand aangeduid worden als een stroom-intreder. De beëindiging van drie keten (waarover hier onder meer) lijkt me wel belangrijk. Ik geloof wel dat de teksten uitdrukken dat stroom-intrede echt gepaard gaat met merkbare veranderingen. Zouden deze uitblijven dan kun je volgens mij niet spreken van stroom-intrede(r).

Daarmee wordt iemand aangeduid die bevestigd-vertrouwen heeft in de Drie Juwelen en smetteloze moraliteit.

Dit wordt in de teksten ‘de vier factoren van een stroom-intreder’ genoemd. Naast een doorbraak in visie/begrip maakt iemand bij stroom-intrede ook een doorbraak in vertrouwen mee, zou je kunnen zeggen. Eerst heeft iemand waarschijnlijk nog twijfels over het onderricht en begrijpt iemand het misschien dan eens zus en dan eens zo, maar na stroom-intrede ontstaat zogenaamd bevestigd-vertrouwen in de drie Juwelen. Men begrijpt het onderricht nu op een manier die voorbij denken en bespiegelen is. Je kunt echter niet zeggen dat alles al volledig wordt begrepen. Dat is meer het domein van de arahant.

Het bevestigd-vertrouwen in de Drie Juwelen wordt op de volgende manier in de sutta’s beschreven:
A. Een stroom-intreder heeft door diens realisatie bevestigd-vertrouwen gekregen in de Boeddha op deze manier; ‘De Gezegende is een arahant, volmaakt verlicht, verwezenlijkt in kennis en waarachtig gedrag, fortuinlijk, kenner van de wereld, ongeevenaarde leider van personen die getemd moeten worden, leraar van deva’s en mensen, de Verlichte, de Gezegende’.
B. De stroom-intreder heeft door diens realisatie bevestigd-vertrouwen gekregen in de Dhamma, op deze manier; ‘De Dhamma is goed uiteengezet door de Boeddha, op rechtstreekse wijze zichtbaar, ogenblikkelijk, iemand uitnodigend te komen en te zien, toepasbaar, persoonlijk te worden ervaren door de wijze’.
C. De stroom-intreder heeft door diens realisatie ook bevestigd-vertrouwen gekregen in de Sangha, op deze manier; ‘De Sangha van de leerlingen van de Gezegende oefent op de juiste manier, de rechte/pure (straight) weg beoefenend, de ware weg praktiserend, de gepaste weg beoefenend; dat is, de vier paren van personen, de acht soorten individuen- deze Sangha van de leerlingen van de Gezegende is giften waardig, gastvrijheid waardig, offers waardig, eerbiedwaardige verwelkoming waardig, het onovertroffen veld van verdienste voor de wereld’.
D. Smetteloze moraliteit. Diens smetteloze moraliteit wordt zo beschreven dat hij of zij
de deugden bezit die de edelen dierbaar zijn- ongebroken, onverdeeld (untorn), onbesmet, onbevlekt, vrijmakend, geprezen door de wijzen, ongegrepen (ungrapsed), naar concentratie leidend (SN55.1-4; SN55.7+8+11+30, DN33§1.11(14))

Een enkele keer wordt het ook zo omschreven dat iemand een stroom-intreder kan worden genoemd wanneer iemand afstand heeft gedaan van vier dingen; wantrouwen naar de Boeddha, Dhamma en Sangha en immoraliteit, dat de niet geïnstrueerde wereldling nog bezit (SN55.13).

Het bevestigd-vertrouwen van de stroom-intrede is wat anders dan het gelovig vertrouwen van de vertrouwen-volgeling en het soort vertrouwen dat is ontstaan bij de dhamma-volgeling door grondig wijsgerig onderzoek. Het is een vertrouwen dat is ontstaan vanuit zien (zie vorige post over wat wordt bedoeld met stroom-intrede).

De combinatie van bevestigd-vertrouwen en smetteloze moraliteit wordt soms ook wat anders verwoord en/of meer uitgewerkt in de teksten. Zo wordt er gesproken over de 7 goede kwaliteiten en 4 wenselijke staten van een stroom-intreder. Wat zijn de 7 goede kwaliteiten? Een stroom-intreder beseft dat wat onaangenaam is voor zichzelf dat ook is voor een ander. “Hoe kan ik een ander iets aandoen wat ook onaangenaam is voor mij?” Dit reflecterend doet iemand afstand van doden, van stelen en seksueel wangedrag, spoort anderen daar ook toe aan en prijst dit afstand doen van lichamelijk wangedrag. Iemand doet ook afstand van de vier verbale immorele activiteiten van liegen, verdeeldheid-zaaien, grof taalgebruik en leeg geklets, spoort ook anderen er toe aan en prijst dit afstand doen van verbaal wangedrag.
Wat zijn de 4 wenselijk staten? Dat zijn weer bevestigd-vertrouwen in de Boeddha, Dhamma en Sangha en het bezitten van deugden die de edelen dierbaar zijn (SN55.7)

De smetteloze moraliteit en bevestigd-vertrouwen wordt ook op zo’n manier verwoord dat bij een stroom-intreder vijf gevaren/risico’s en vijandelijkheden zijn geëlimineerd. De volgende 5 gevaren en vijandelijkheden zijn geëlimineerd: doden, stelen, seksueel wangedrag, liegen en alcoholische dranken nuttigen die leiden tot achteloosheid (5 voorschriften).
Verder bezit de stroom-intreder weer onwankelbaar vertrouwen in de drie Juwelen en deugden die de edelen dierbaar zijn (AN9.27, AN10.92)

Wat moraliteit aangaat wordt ook aangegeven dat de edele (o.a. de stroom-intreder) niet meer in staat is tot de vijf zeer ernstige wandaden, namelijk, het doden van je vader, van je moeder, een arahant, het creeeren van tweedeling in de Sangha en het verwonden van een Tathagata (MN115). 

Daarmee wordt iemand bedoeld die de visie van het (boven-wereldlijke) edele Pad bezit (maggaditthi), de visie van beeindiging, het zicht van de Dhamma

Ook op andere manieren wordt belicht wanneer iemand een stroom-intreder kan worden genoemd. Het wordt verschillend verwoord maar mijns inziens komt het er op neer dat iemand de visie van het (boven-wereldlijke) edele Pad bezit. Men kent Nibbana, het ongeconditioneerde, beëindiging, op directe wijze, ook al was dat wellicht maar een glimp. Omdat de onderstaande fragmenten mijns inziens dezelfde soort boven-wereldlijke visie uitdrukken, heb ik ze hier samengebracht onder de kop ‘visie van het (boven-wereldlijke) edele Pad’. Voor een stroom-intreder is de onderstaande soort kennis, mijns inziens, geen filosofie of intellectueel soort kennis.

-Wanneer iemand begrijpt zoals het werkelijk is, het ontstaan en verdwijnen, de voldoening, het gevaar en het ontsnappen in het geval van de vijf aggregaten onderhevig aan hechten, dan wordt hij een edele leerling genoemd die een stroom-intreder is (SN22.109).

-Wanneer er geen perplexiteit meer is ten aanzien van het vergankelijke, leedvolle en aan verandering onderhevige karakter van de khandha’s en ten aanzien van het geziene, gehoorde, geproefde, gerokene, tactiel gevoelde, gekende, bereikte, gezochte en dat wat zich uitstrekt tot de geest, en wanneer ook nog afstand is gedaan van de perplexiteit ten aanzien van de Vier Edele Waarheden, dan wordt iemand een edele leerling genoemd die een stroom-intreder is (SN24.1).
De sutta’s van Ditthisamyutta, SN24, geven aan dat door het bestaan en hechten aan de khandha’s er uiteenlopende visies ontstaan. Talloze worden beschreven in SN24. Zonder te hechten aan wat vergankelijk, lijden en onderhevig aan verandering is, kunnen de besproken visies ook niet ontstaan. Opvallend vind ik dat daarbij niet de juiste visies van het boeddhisme worden genoemd zoals ‘er is wat gegeven is, ‘er is vader en moeder’, ‘er is deze wereld en volgende wereld’ etc. Bij een stroom-intreder die niet meer gehecht is aan de khandha’s ontstaan zulke visie niet meer als bijvoorbeeld de tien speculatieve of onbepaalbare visies (zie http://www.boeddhaforum.nl/index.php/topic,2034.0.html). Er is geen gehechtheid meer aan visies.

-Wanneer een edele leerling het voorwaardelijk ontstaan op rechtstreekse wijze begrijpt en van elke voorwaarde het ontstaan kent, het beëindigen van de voorwaarde kent en de weg die leidt naar de beëindiging van de voorwaarde kent, dan wordt iemand een edele leerling genoemd die in visie volleerd is, volleerd is in zicht, die aangekomen is bij deze ware Dhamma, die deze ware Dhamma ziet, die de kennis van een novice bezit, een novice ware kennis, die de stroom van de Dhamma heeft betreden, een edele met doordringende wijsheid, iemand die recht voor de deur van het Doodloze staat. (SN12.27+28)
Noot 85 bij SN12 geeft aan iemand nu de visie van het (boven-wereldlijke) Pad heeft (maggaditthi).

-Wanneer een edele leerling begrijpt zoals het werkelijk is, het ontstaan en verdwijnen van de wereld, dan wordt iemand een edele leerling genoemd die in visie volleerd is, volleerd is in zicht, die aangekomen is bij deze ware Dhamma, die deze ware Dhamma ziet, die de kennis van een novice bezit, een novice ware kennis, die de stroom van de Dhamma heeft betreden, een edele met doordringende wijsheid, iemand die recht voor de deur van het Doodloze staat (SN12.49).

-Samyutta Nikaya 12.41 geeft dat een stroom-intreder duidelijk gezien heeft en met wijsheid doorgedrongen is in ‘de edele methode’. Wat wordt hier bedoeld met ‘de edele methode’? Dit verwijst naar het op directe wijze kennen van voorwaardelijk ontstaan, ‘wanneer dit bestaat, dan ontstaat dat; met het ontstaan van dit, ontstaat dat. Wanneer dit niet bestaat, komt dat niet te bestaan; met het eindigen van dit, eindigt dat’. En zo kent de stroom-intreder op directe wijze van alle schakels van het voorwaardelijk ontstaan, hun ontstaan, hun beëindiging en de weg die leidt naar hun beëindiging.

-Wanneer wordt begrepen zoals het werkelijk is, de voldoening, het gevaar, en de ontsnapping, het ontstaan en verdwijnen van de vijf vermogens (vertrouwen, energie, mindfulness, concentratie en wijsheid) wordt hij een edele leerling genoemd die een stroom-intreder is, niet langer gebonden aan de lagere wereld, met een vaste bestemming, met verlichting als diens bestemming (SN48.2+3).
Er is een graduele schaal wat betreft de kracht van de vijf vermogens. Bij een arhant zijn ze voltooid en vervuld en dan worden ze steeds zwakker voor de eenmaal terugkerende, de niet-meer terugkerende, de stroom-intreder, dhamma-volgeling en het zwakst zijn ze nog bij de vertrouwen-volgeling (SN48.12+18).
Door de verschillen in vermogens zijn er ook verschillen in de vrucht. En door verschillen in de vrucht zijn er ook verschillen onder mensen (SN48.13).

-Wanneer wordt begrepen zoals het werkelijk is, de voldoening, het gevaar, en de ontsnapping in het geval van de zes zintuig-vermogens (het zintuiglijke vermogen van het oog, oor, neus, tong, lichaam en geest) wordt hij een edele leerling genoemd die een stroom-intreder is (SN48.26). Zij die het doel van asceten en brahmanen realiseren met directe kennis (ik reken hier ook de stroom-intreder onder) kennen het ontstaan, beëindigen en de weg leidend naar de beëindiging van de zes zintuig-vermogens (SN48.30).

-Wanneer wordt begrepen zoals het werkelijk is, de voldoening, het gevaar, en de ontsnapping in het geval van het plezier-vermogen, het pijn-vermogen, het vreugde- vermogen, het ongenoegen-vermogen en gelijkmoedigheid-vermogen wordt hij een edele leerling genoemd die een stroom-intreder is (SN48.32).
Zij die het doel van asceten en brahmanen realiseren met directe kennis (ik reken hier ook de stroom-intreder onder) kennen het ontstaan, beëindigen en de weg leidende naar de beëindiging van deze vijf vermogens (SN48.35).

Daarmee wordt iemand aangeduid waarbij drie ketens/neigingen volledig zijn geëlimineerd/ontworteld

Wat tijdens de doorbraak tot de Dhamma wordt ervaren of zich openbaart, is kennelijk zo krachtig dat het in staat is drie neigingen te elimineren. Deze worden ook wel mentale ketens genoemd, te weten: identiteitsvisie, twijfel/onzekerheid en gehechtheid aan louter regels en rituelen, soms ook beschreven als een verkeerd begrip van praktijken en regels (MN2§11, DN6§13, DN19§62, MN22§45. MN68§13, MN118§12).
Het worden de bezoedelingen genoemd waarvan afstand moet worden gedaan door zien (MN2§11).

Voor meer informatie over de keten van identiteitsvisie zie: http://www.boeddhaforum.nl/index.php/topic,2365.0.html

De keten van twijfel of onzekerheid wordt meestal zo uitgelegd dat een stroom-intreder door diens realisatie bevestigd-vertrouwen verkrijgt in de Drie Juwelen. Daarvoor kan iemand wel gelovig vertrouwen hebben of vertrouwen door grondig onderzoek verkregen hebben, maar dat is nog geen bevestigd-vertrouwen. Dat ontstaat bij stroom-intrede.
De keten van de gehechtheid aan louter regels en rituelen verwijst vooral naar een verkeerd soort begrip van wat echt behulpzaam is, wat zuivert en bevrijdt. Men verwacht bijvoorbeeld zuivering van louter rituelen maar gaat gewoon door met wangedrag. Of men verwacht bescherming van amuletten etc. Het wordt door bhikkhu Samahita uitgelegd als een keten die vooral verwijst naar het verdwijnen van allerlei soorten bij-geloof (magisch denken).

Samengevat: een stroom-intreder heeft door diens ontwaken (het openen van het Dhamma-oog) een bevestigd-vertrouwen gekregen in de drie Juwelen. Diens moraliteit is smetteloos. Een stroom-intreder heeft drie ketens afgelegd. Qua identiteit beziet een stroom-intreder bijvoorbeeld het lichaam (en ook de andere khandha's) niet meer als 'dit ben ik, dit is van mij of mijn zelf'. Het is nog wel altijd zo dat over de khandha's een soort restgeur van subjectiviteit hangt in de vorm van het geloof in "Ik ben". Deze keten van onwetendheid zal later afgelegd worden, bij arahantschap. Een stroom-intreder bezit de visie van het boven-wereldlijke Pad en deelt die niet met velen.





Offline Passievrucht

  • Eerwaarde
  • ******
  • Berichten: 3392
Re: Stroom-intrede(r), Zijn er verschillende stroom-intreders?
« Reactie #5 Gepost op: 08-07-2016 10:23 »
Zijn er verschillende soorten stroom-intreders?

Een stroom-intreder heeft als algemene kenmerk dat deze nog tot maximaal 7 keer wordt wedergeboren als mens of als deva voordat Nibbana, volledige verlichting, wordt gerealiseerd.

Er worden verschillende soorten stroom-intreders onderscheiden in de teksten:
A. degene die maximaal 7 keer wordt wedergeboren en die na maximaal 7 keer te zijn wedergeboren onder mensen en deva’s een einde maakt aan lijden;
B. degene die van goede familie tot goede familie gaat. Deze wordt nog 2-3 keer in goede families wedergeboren en maakt dan een einde aan lijden;
C. Een zogenaamde ‘1-zaad realiseerder’ die nog één keer geboren wordt als mens en dan een einde maakt aan lijden (AN3.87).

Ze realiseren het doel, bevrijding, in deze wereld (AN10.64).

Noot 525 bij AN3.87 geeft aan dat de eerste categorie stroom-intreders de meest langzame/trage (sluggish) is van de de drie. De Pali namen voor de drie zijn respectievelijk: sattakkhattuparama, kolamkola en ekabiji.

In AN10.64 wordt het woord sotapanna (stroom-intreder) op een ruime manier gebruikt en verwijst daar naar leerlingen van alle vier stadia van ontwaken. Ze hebben immers allemaal de stroom van het edele Pad betreden. Meestal houdt het onderricht echter een strikt onderscheid aan met name op basis van de ketens waarvan afstand is gedaan. Zie ook: http://www.boeddhaforum.nl/index.php/topic,2120.0.html

hartelijke groet,
Siebe

Offline Passievrucht

  • Eerwaarde
  • ******
  • Berichten: 3392
Wat zijn de factoren die leiden naar stroom-intrede?

Er worden vier factoren genoemd die leiden naar stroom-intrede (sottapattiyanga). Iemand is dan dus nog géén stroom-intreder, oftewel heeft nog niet de vrucht van stroom-intrede gerealiseerd. De doorbraak is nog niet gemaakt. Welke vier factoren leiden naar stroom-intrede? Omgaan met superieure mensen, de ware Dhamma horen, zorgvuldige aandacht (zie verder), oefenen overeenkomstig de Dhamma (SN55.50, DN33§1.11(13)).

Wanneer deze vier worden ontwikkeld en gecultiveerd, leiden ze tot de vrucht van stroom-intrede (SN55.55). Ze leiden ook tot de andere drie vruchten van eenmaal terugkeren, niet meer terugkeren en arahantschap (SN55.56 -58).
Ze leiden tot het verkrijgen van wijsheid, de groei van wijsheid, de uitbreiding van wijsheid, tot de grootsheid van wijsheid, tot de uitgebreidheid van wijsheid, de ruimheid van wijsheid, de diepte van wijsheid, de staat van ongeevenaarde wijsheid, tot vlotheid van wijsheid, blijgeestigheid van wijsheid, tot de vreugdevolheid van wijsheid, tot de snelheid van wijsheid, tot de scherpte van wijsheid, tot de doordringendheid van wijsheid (SN55.59 t/m 74)

Het vervullen van de voorschriften kan leiden tot stroom-intrede (MN6§11).

Iemand kan de vrucht van stroom-intrede realiseren wanneer er op zorgvuldige wijze aandacht wordt besteed aan de vijf aggregaten. Hoe? Men beschouwt de khandha’s als vergankelijk, als lijden, als een ziekte, als een gezwel, als een pijl, als ellende, als een aandoening, als wezensvreemd, als desintegrerend, als leeg, als niet-zelf (SN22.122).
Dit verwijst naar het beoefenen van vipassana of inzichtmeditatie. In wezen valt deze inzichtmeditatie uiteen in de beschouwing van de drie aspecten van al het geconditioneerde, namelijk ‘vergankelijk’ en ‘desintegrerend’ vertegenwoordigt de contemplatie op het vergankelijke karakter van het geconditioneerde. ‘Leeg’ ,‘niet-zelf’ en ‘wezensvreemd’ vertegenwoordigen de contemplatie op het niet-zelf karakter van het geconditioneerde (anatta). De rest vertegenwoordigt de contemplatie op het leedvolle karakter van het geconditioneerde (dhukka). 
Als men zo door inzichtmeditatie de vrucht van stroom-intrede realiseert, gaat men daarna gewoon door met deze beoefening om ook de andere vruchten te realiseren. Slechts voor de arahant zit de taak er op.

Wanneer één ding ontwikkeld en gecultiveerd wordt, leidt dat tot de vrucht van stroom-intrede (en ook tot de andere drie vruchten van eenmaal terugkeren, niet meer terugkeren en arahantschap). Wat is dat? Het is mindfulness gericht op het lichaam (AN1.596-599).

Wat de trainingregels aangaat worden er drie terreinen onderscheiden: a. Training in hogere deudgzaam gedrag, b. Training in hogere geest (concentratie/jhana) en c. Training in hogere wijsheid (het rechtstreeks kennen van de vier edele waarheden). 
Iemand brengt de training in hoger deugdzaam gedrag tot vervulling maar cultiveert concentratie (jhana) en wijsheid op een matige manier. Bij de volledige vernietiging van de drie ketens (identiteitsvisie, twijfel/onzekerheid, gehechtheid aan louter regels en rituelen) is hij een stroom-intreder. Hetzelfde wordt nu beschreven voor de eenmaal-tergkeerder, behalve dat bij deze persoon ook nog hebzucht, haat en begoocheling zijn verminderd.
Iemand die deugdzaam gedrag vervult en óók concentratie (jhana) maar wijsheid op een matige manier ontwikkelt, kan bij de volledige vernietiging van de vijf ketens (identiteitsvisie, twijfel, gehechtheid aan regels en rituelen, hebzucht en haat/kwade wil) een niet meer terugkeerder worden.
Iemand die én deugdzaam gedrag én concentratie én wijsheid cultiveert, realiseert bij de vernietiging van de asava’s de smetteloze bevrijding, de bevrijding door wijsheid.
Voor al deze personen die zo trainen geldt dat ze nog kleine overtredingen kunnen begaan wat betreft de traininsgregels maar ze corrigeren zichzelf. Met betrekking tot de trainingsregels die fundamenteel zijn voor het spirituele leven, conform het spirituele leven, is hun gedrag constant en stabiel (AN3.86).
Je kunt dus hieruit afleiden dat bij de stroom-intreder deugdzaam gedrag is geperfectioneerd maar nog niet concentratie en wijsheid.

hartelijke groet,
Siebe

Offline Passievrucht

  • Eerwaarde
  • ******
  • Berichten: 3392
Re: Stroom-intrede(r), Wat zijn de voordelen van stroom-intrede?
« Reactie #7 Gepost op: 09-07-2016 11:03 »
Wat zijn de voordelen van stroom-intrede?

In talloze sutta’s, vrijwel overal waar de stroom-intreder wordt genoemd, wordt er bij vermeld dat een stroom-intreder niet langer gebonden is aan de lagere werelden en zeker is van volledige verlichting of Nibbana. Er is dus geen geboorte meer in de hel, in het dierenrijk en het rijk van geesten (hongerige geesten of kwaadaardige). Dus in die zin kun je zeggen dat er bescherming is.
De bestemming van de stroom-intreder staat dus ook vast, met verlichting of Nibbana als diens bestemming (SN55.11+24+30, DN16§2.7, DN18§27, maar ook op talloze andere plaatsen in de Nikaya’s).

De vier factoren van een stroom-intreder (bevestigd-vertrouwen in de Drie Juwelen en smetteloze moraliteit) worden ook vier stromen van verdienste genoemd, stromen van heilzaamheid, voedingen van geluk (SN55.31, SN55.41-43).
Deze vier factoren leiden tot de vernietiging van de asava’s (SN55.38). Voor meer informatie over asava zie: http://www.boeddhaforum.nl/index.php/topic,2125.0.html.

Een stroom-intreder die bevestigd-vertrouwen heeft in de Drie Juwelen en de deugden bezit die de edelen dierbaar zijn, verwerft een lange levensduur, zal mooi zijn, gelukkig, faam verwerven, heerschappij verwerven, en dat allemaal ofwel in een hemel of als mens (SN55.30).

Iemand die bevestigd-vertrouwen in de Drie Juwelen bezit en smetteloze moraliteit, de kenmerken van een stroom-intreder, die helt, loopt af en neigt in de richting van Nibbana, zoals een scheve boom die je omkapt ook valt in de richting waarin ie helt (SN55.22).

Drie ketens zijn bij een stroom-intreder volledig vernietigd en daarmee is diens lijden een stuk verminderd. Het betreft de volgende drie ketens: identiteitsvisie, twijfel/onzekerheid en gehechtheid aan louter regels en rituelen/voorschriften, soms ook beschreven als een verkeerd begrip van praktijken en regels (MN2§11, DN6§13, DN19§62, MN22§45. MN68§13, MN118§12).
Het worden de bezoedelingen genoemd waarvan afstand moet worden gedaan door zien (MN2§11).
Enorm veel lijden wordt vernietigd bij stroom-intrede want er is immers nog een maximum van 7 verdere levens of als deva of als mens (SN13.1).

Er worden ook de volgende zes voordelen genoemd van het realiseren van de vrucht van stroom-intrede. Welke zes? Men is stevig gevestigd in de goede Dhamma (fixed in the good Dhamma); men is niet in staat achteruit te gaan; iemands lijden is beperkt (want nog maar een beperkt aantal wedergeboorten en drie leed veroorzakende ketens/neigingen zijn verdwenen); men verkrijgt kennis die niet gedeeld wordt door anderen; men heeft op heldere wijze oorzakelijkheid gezien; men heeft op heldere wijze verschijnselen gezien/begrepen die op oorzakelijke wijze ontstaan (AN6.97). 

hartelijke groet,
Siebe

Offline Passievrucht

  • Eerwaarde
  • ******
  • Berichten: 3392
Re: Stroom-intrede(r), Wat zijn de obstakels voor stroom-intrede?
« Reactie #8 Gepost op: 09-07-2016 11:06 »
Wat zijn de obstakels voor stroom-intrede?

Het spirituele leven wordt geleefd voor het afstand doen en de ontworteling van vijf soorten vrekkigheid/gierigheid. Welke vijf? Vrekkigheid met betrekking tot verblijfplaatsen, families, aanwinsten, lof en de Dhamma. Zonder daarvan afstand te doen is men niet in staat om de vrucht van stroom-intrede (en ook de andere) te realiseren (AN5.257).

De sutta’s geven ook aan dat wanneer iemand geconditioneerde verschijnselen beschouwt als duurzaam (AN6.98) en als plezierig (AN6.99) en als zelf (6.100) of Nibbana beschouwt als lijden (AN6.101) deze onmogelijk een overtuiging kan bezitten die overeenstemt met het onderricht. Wanneer dit zo is, is het ook onmogelijk dat iemand de zogenaamde ‘vaste koers van juistheid’ (fixed course of rightness) betreedt. In dat geval is het ook onmogelijk dat iemand de vrucht van stroom-intrede (en ook de andere vruchten) realiseert. Het wordt wel mogelijk als iemand geconditioneerde verschijnselen beschouwt als vergankelijk, lijden en niet-zelf en Nibbana beschouwt als geluk.

Ik kan me nog wel meer obstakels voorstellen maar deze zag ik vermeld worden.

hartelijke groet,
Siebe

Offline Passievrucht

  • Eerwaarde
  • ******
  • Berichten: 3392
Re: Stroom-intrede(r), Extra informatie
« Reactie #9 Gepost op: 10-07-2016 10:39 »
Extra informatie

Hieronder heb ik aanvullende informatie verzameld uit inleidingen van de Nikaya’s en uit andere bronnen.

-Stroom-intrede verwijst volgens Walshe (vertaler van Digha Nikaya) naar een moment dat er een glimp wordt opgevangen van Nibbana of een glimp van de realiteit. De onwaarheid van het zelf-geloof wordt dan (in)gezien/begrepen. Dit moment wordt in de sutta’s aangeduid als ‘het openen van het Dhamma-oog’ (Digha Nikaya, Walshe, Inleiding, pag 26).

-Volgens Buddhagosa in zijn Visuddhimagga (Path of Purification) is het zien van Nibbana op het moment van stroom-intrede een realiseren door zien. Op de andere Pad-momenten een realiseren door ontwikkeling (Path Of Purification, deel 3, HXXII, §127, vertaald door Bhikkhi Nanamoli).

-Bhikkhu Bodhi schrijft in zijn vertaling van Samyutta Nikaya deel 1 (...) “Op het moment van stroom-intrede ziet de leerling de zelfloze natuur van de aggregaten en overwint dus alle visies van zelf. Om deze reden is het bepalende kenmerk van ‘de geinstrueerde edele leerling’, degene die de doorbraak gemaakt heeft, de eliminiatie van iedere soort identiteitsvisie. Echter, leerlingen in training (sekha), zelfs die op het voorlaatste stadium van niet-meer terugkeren, behouden nog altijd een subtiele notie van ‘Ik ben’ dat blijft sluimeren over de vijf aggregaten als de geur over pas gewassen kleding (SN22.89). Echter als de edele leerling doorgaat met het beschouwen van het ontstaan en weer verdwijnen van de aggregaten, verdwijnt met de tijd zelfs deze resterende notie 'Ik ben'. Het is alleen de arahant die de vijf aggregaten tot aan de wortels volledig begrepen heeft en dus de subtielste neigingen tot zelf-bevestiging heeft ontworteld” (SNI, Inleiding Khandhavagga, p. 846).

-Stroom-intrede is de (....) “ervaring van beeindiging, waar er geen zintuiglijke ervaring ontstaat (inclusief mentale zintuiglijke ervaring). Dit is de realisatie van Nibbana, en dit is wat leidt tot de ontworteling van de eerste drie ketens”...
(http://buddhism.stackexchange.com/questions/216/how-does-stream-entry-occur)

-“Wanneer de spirituele pelgrim voor het eerst Nibbana realiseert, wordt hij sotapanna (stroom-intreder) genoemd, iemand die de stroom heeft betreden die voor het eerst naar Nibbana leidt. De stroom vertegenwoordigt het edele Achtvoudige Pad. Een stroom-intreder is niet meer een wereldling (puthujjana) maar een ariya (edele)”.
Met gevoel voor beeldtaal wordt hier ook een tekst aangehaald waarin wordt gezegd dat iemand een glimp van Nibbana opvangt zoals een reiziger in de nacht ook een glimp opvangt van het landschap rondom hem dankzij een bliksemschicht. Het na-beeld vervaagt nooit meer uit diens geest, wordt gezegd (The Buddha and His Teachings, venerable Narada Mahathera, H.38, p.434). 

-“De sotapanna (de stroom-intreder, die het eerste stadium van verlichting heeft gerealiseerd) heeft de moha-mula citta ontworteld die wordt vergezeld door twijfel, vicikiccha; hij heeft geen twijfel meer over paramatha dhamma’s, hij kent de “wereld op de edele wijze”. Hij heeft geen twijfels over de Boeddha, Dhamma en Sangha. Hij heeft geen twijfel over het Pad dat leidt naar het einde van de bezoedelingen (...) “hij heeft nog altijd de soort van moha-mula-citta vergezeld door udhhacca, rusteloosheid. Alleen de arhant heeft alle akusala ontworteld” (Abhidhamma in Daily Life, Nina van Gorkom, 2010, H.7 blz. 50
“Er zijn vier stadia van verlichting: het stadium van de sotapanna (stroom-intreder), de sakadagami (eenmaal terugkeerder), de anagami (niet meer terugkeerder) en de arahant. Op elk van deze stadia ontstaat de lokutarra kusala citta, de magga-citta, die Nibbana ervaart en bezoedelingen ontwortelt. De sotapanna, de edele die het eerste stadium van verlichting heeft gerealiseerd, heeft ditthi (verkeerde visie, Siebe) volledig ontworteld, zodat het nooit weer kan ontstaan, maar hij heeft nog niet alle bezoedelingen ontworteld. Bezoedelingen worden per stadium ontworteld en alleen wanneer arahantschap is gerealiseerd zijn alle bezoedelingen ontworteld”. (Abhidhamma in Daily Life, Nina van Gorkom, 2010, H. 23, blz. 157)
“Mensen kunnen zich afvragen hoe men kan weten of men verlichting heeft gerealiseerd. De lokutarra citta wordt vergezegd door panna (wijsheid) dat ontwikkeld is in vipassana. Men realiseert verlichting niet zonder dat men inzicht-wijsheid vipassana heeft ontwikkeld”(Abhidhamma in Daily Life, Nina van Gorkom, 2010, H.23, blz 157)

-”Het betreden van het onomkeerbare pad naar bevrijding wordt stroom-intrede genoemd, en de citta die deze realisatie ervaart, is het pad-bewustzijn van stroom-intrede (sotapatti-maggacitta). De stroom (sota) is het Edele Achtvoudige Pad, met diens acht factoren van juiste visie, juiste intentie, juiste spraak, juiste handelen, juist levensonderhoud, juiste inspanning, juiste mindfulness en juiste concentratie. Zoals het water van de Ganges op een ononderbroken manier van de Himalaya naar de oceaan stroomt, zo stroomt het bovenwereldlijke Edele Achtvoudige Pad op ononderbroken wijze vanuit het ontstaan van juiste visie naar de verwezenlijking van Nibbana.
Hoewel de factoren van het achtvoudige pad in de wereldlijke heilzame citta’s van deugdzame wereldlingen kunnen ontstaan, zijn deze factoren niet vast qua bestemming aangezien een wereldling van hoedanigheid/aard kan veranderen en zich kan afkeren van de Dhamma. Maar in een edele leerling die de ervaring van stroom-intrede heeft bereikt, worden de pad factoren vast in bestemming, en vloeien als een stroom leidend naar Nibbana.
Het pad bewustzijn van stroom-intrede heeft de functie om de eerste drie ketens door te snijden- “persoonlijkheidsvisie” of verkeerde visies van zelf, twijfels over de Drie Juwelen, en hechten aan rituelen en ceremonien in het geloof dat zij tot bevrijding kunnen leiden. Het snijdt verder alle hebzucht, haat en begoocheling weg dat sterk genoeg is om een wedergeboorte te veroorzaken lager dan als mens. Deze citta (die Nibbana ervaart tijdens stroom-intrede, sotapatti-maggacitta, Siebe) elimineert ook op permanente wijze vijf andere citta’s, namelijk, de vier citta’s geworteld in hebzucht die verbonden zijn met verkeerde visie (ditthi, verkeerde visie is geelimineerd, Siebe), en de citta geworteld in begoocheling (moha-mula-citta, Siebe) verbonden met twijfel (twijfel is geelimineerd, Siebe). Iemand die de ervaring van stroom-intrede heeft ondergaan, is verzekerd definitieve bevrijding te bereiken in maximaal 7 levens en nooit meer wedergeboren te worden in één van de ellendige staten van bestaan”(Abhidhammattha Sangaha, Comprehensive Manual of Abhidhamma, Bhikkhu Bodhi, H.1, Compendium of Conciousness, p. 67).
Een stroom-intreder...(...) “van de vier bezoedelingen (asava’s) heeft hij de bezoedeling van verkeerde visie geelimineerd en van de veertien onheilzame cetasika’s (mentale factoren, Siebe) heeft hij verkeerde visie en twijfel geelimineerd en volgens de commentaren ook jaloezie/afgunst en gierigheid” (idem CMoA, Guide to §38, p. 359)

-Voor een uitgebreide studie naar stroom-intrede(r) in het Engels zie: http://www.accesstoinsight.org/lib/study/into_the_stream.html
-------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Dit beeindigt het verkennend onderzoek over stroom-intrede en de stroom-intreder.

Ik hoop dat jullie dit verkennend onderzoek leerzaam vonden. Ik heb er wel wat van geleerd.

Moge we allemaal de doorbraak maken, de juiste visie van het boven-wereldlijke Pad realiseren, het grote vertrouwen deelachtig worden, door wijsheid bevrijd het lijden te boven komen. 

Mochten jullie kritiek, vragen of opmerkingen hebben dan hoor ik het graag.

Siebe, Juli 2016

Offline nico70+

  • Sangha Ouderling
  • *****
  • Berichten: 918
  • Geslacht: Man
    • Facetten van het Boeddhisme
Re: Stroom-intrede(r), Een Verkennend Onderzoek
« Reactie #10 Gepost op: 10-07-2016 12:22 »
Hallo Siebe,

Dat heb je goed onderzocht. Hier enkele opmerkingen en aanvullingen.

in reactie 1 =  ... dan zou je het zo kunnen zeggen dat de Vier Edele Waarheden en Voorwaardelijk Ontstaan nu ... rechtstreeks door ervaring of zien, worden begrepen. Er wordt een glimp opgevangen van Nibbana of beëindiging. ...

dit wordt herhaald in reactie 2 =  ... Zij begrijpen het onderricht op rechtstreekse wijze, ...  Bijvoorbeeld de Vier Edele Waarheden worden op rechtstreekse wijze begrepen omdat van Nibbana, de waarheid van de beëindiging van lijden, een glimp is opgevangen. Men heeft de juiste visie/begrip van het edele boven-wereldlijke Pad verkregen. ...


   Bij stroomintrede is er door eigen ervaring een inzicht in één van de drie aspecten van het leven (dukkha, anatta, anicca). Zo begreep de eerwaarde Anna Kondañña na de eerste toespraak van de Boeddha de waarheid dat alles wat ontstaan is, ook zal vergaan. En de eerwaarde Sariputta en de eerwaarde Maha Moggallana vernamen: “Van alle dingen die oorzakelijk zijn ontstaan, heeft de Volmaakte de oorzaak uitgelegd. En ook hoe die tot uitdoving komen.” Dat was genoeg voor beiden om de waarheid in te zien: “Alles wat aan ontstaan onderhevig is, is ook onderhevig aan vergaan.” Door dit inzicht bereikten zij het eerste niveau van heiligheid. Anderen zien in dat er geen zelf is, zoals de eerwaarde Rahula.

   "Wanneer iemand elke bestaansvorm als niet blijvend, als vergankelijk beschouwt, of als hij elke bestaansvorm als niet-ik beschouwt, dan is het mogelijk dat hij overtuiging overeenkomstig de leer zal hebben. En dan kan hij het volmaakte pad van zekerheid betreden. Dan is het mogelijk dat hij de vrucht van stroomintrede, [...] zal verwerkelijken." (AN.VI.98 en AN.VI.100)
   Hier wordt gesproken over de facetten van het leven, anatta en anicca. Het is inzicht in een deel van de vier edele waarheden.


   Stroomintrede is een kort moment van inzicht, dat voor altijd iemand verandert. Men behoort dan tot de heiligen, bestemd voor Nibbana. Die momenten van direct inzicht komen daarna heel vaak voor. Men krijgt steeds meer de bevestiging ervan dat men de stroom is ingetreden, dat men het edele pad heeft betreden. Men is dan definitief op weg naar Nibbana.
Men gaat ook het oorzakelijk ontstaan van alle samengestelde dingen inzien.
En men volgt dan ook de 5 regels van deugdzaamheid strikt op.

   

in reactie 2 : Er worden twee categorieën van toegewijde personen onderscheiden die oefenen voor de vrucht van stroom-intrede ... 1. De vertrouwen-volgeling. 2. De Dhamma-volgeling.

   Ter aanvulling.
   Er zijn twee soorten van personen die in de stroom treden, die het pad van de edelen betreden, namelijk de vertrouwen-toegewijde (saddhānusārī) en de waarheid-toegewijde (dhammānusārī). De Boeddha legde dit uit in meerdere leerreden.
   "Het oog is vergankelijk, veranderlijk. Het oor, de neus, de tong, het lichaam en de geest zijn vergankelijk en veranderlijk."
   Veranderlijk en vergankelijk zijn ook de vormen, geluiden, geuren, smaken, aanrakingen en gedachten.
   Het zien-bewustzijn, het hoor-bewustzijn, het ruik-bewustzijn, het smaakbewustzijn, het tastbewustzijn, en het geest-bewustzijn zijn eveneens veranderlijk en vergankelijk.
   Het contact door zien, horen, ruiken, proeven, aanraken en door de geest is veranderlijk en vergankelijk.
   Het gevoel dat ontstaat door de verschillende bovengenoemde contacten is veranderlijk en vergankelijk. 
   De waarneming van vormen, geluiden, geuren, smaken, aanrakingen en van de geest is veranderlijk en vergankelijk.
   De wil naar vormen, geluiden, geuren, smaken, aanrakingen en naar geestelijke objecten is veranderlijk en vergankelijk.
   Het verlangen naar vormen, geluiden, geuren, smaken, aanrakingen en naar geestelijke objecten is veranderlijk en vergankelijk.
   Het aarde-element, het vloeibare element, het hitte-element, het lucht-element, het ruimte-element, het bewustzijns-element – ze zijn veranderlijk en vergankelijk.
   De lichamelijkheid, het gevoel, de waarneming, de formaties, het bewustzijn – dat alles is veranderlijk en vergankelijk.
   Wie aldus in deze dingen vertrouwen heeft, aldus ervan overtuigd is, die wordt een vertrouwen-toegewijde  (saddhānusārī) genoemd; hij heeft de juiste weg betreden, hij heeft het bereik van hogere, edele mensen betreden; hij heeft het bereik van de wereldse mensen achter zich gelaten. Hij is niet in staat om een daad te verrichten tengevolge waarvan hij in de hel, in de dierenwereld of in de wereld van de geesten wedergeboren zou kunnen worden. Hij is niet in staat om heen te gaan voordat hij het doel van de stroomintrede verwerkelijkt heeft.
   Wie deze dingen zo begrepen heeft dat ze hem in zekere mate duidelijk worden, die wordt een waarheid-toegewijde (dhammānusārī) genoemd; hij heeft de juiste weg betreden, hij heeft het bereik van hogere, edele mensen betreden; hij heeft het bereik van de wereldse mensen achter zich gelaten. Hij is niet in staat om een daad te verrichten tengevolge waarvan hij in de hel, in de dierenwereld of in de wereld van de geesten wedergeboren zou kunnen worden. Hij is niet in staat    heen te gaan voordat hij het doel van de stroomintrede verwerkelijkt heeft.
   Wie deze dingen zo begrijpt en inziet, die wordt een in de stroom getredene genoemd. Hij kan niet meer terugvallen in lagere werelden van bestaan. Hij is veilig en gaat de Verlichting tegemoet.” (S.25.1-10)

   Degenen die de Dhamma navolgen, of die vol vertrouwen zijn, zij allen gaan de Verlichting tegemoet. (M.22) (M.34)
         
   Markant bij de in de stroom ingetredenen is het feit dat zij door het eerste inzicht van de waarheid over elke twijfel verheven zijn. De beide geestelijke eigenschappen waardoor twijfel vernietigd wordt, zijn weliswaar onderling afhankelijk, maar zijn toch te onderscheiden, namelijk wijsheid en vertrouwen. Dientengevolge zijn er twee soorten van individuen die op het punt staan in de stroom van de Dhamma in te treden en de drie lagere boeien te vernietigen, namelijk de waarheid-toegewijde bij wie wijsheid de voerende geestelijke vaardigheid is, en de vertrouwen-toegewijde bij wie het vertrouwen op de voorgrond staat. 
   Het verschil tussen in de stroom ingetredenen enerzijds en waarheid-toegewijden en vertrouwen-toegewijden anderzijds is dat de toegewijden nog niet doelbewust van het pad zijn. Met andere woorden de in de stroom ingetredene weet dat hij de stroom is ingetreden, de toegewijde is een stroomintredende (anusāri) ; hij weet niet met zekerheid dat hij de stroom heeft betreden. (voetnoot bij MN.22, vertaald in het Duits door Karl Eugen Neumann)


   Er wordt onderscheid gemaakt in pad en vervulling van stroomintrede. Tussen het begaan van het pad van stroomintrede en de vervulling van stroomintrede kan enige tijd vergaan. Het is niet zo – zoals vroeger beweerd werd – dat pad en vervulling elkaar onmiddellijk opvolgen.
   Misschien zou men degenen die toegewijd zijn, kunnen beschouwen als degenen die het pad van stroomintrede opgaan. Terwijl degenen die de stroom ingetreden zijn, degenen zijn die de vervulling van stroomintrede hebben verkregen.


In reactie 4 schrijf je dat met iemand die de stroom is ingetreden aangeduid wordt iemand die het edele achtvoudige pad bezit. Je verwijst naar SN.55.5.

    Volgens mij luidt de vertaling aldus: Iemand is een in de stroom getredene wanneer hij het edele achtvoudige pad navolgt. (SN.55.5)
Navolgen en bezitten is niet hetzelfde. Maar wellicht bedoel je hetzelfde.


Reactie 7: de voordelen.
... iemands lijden is beperkt (want nog maar een beperkt aantal wedergeboorten en drie leed veroorzakende ketens/neigingen zijn verdwenen); ...


   Niet alleen is het lijden beperkt door aantal wedergeboorten en het verdwijnen van de drie lagere boeien, maar het lijden is ook beperkt omdat men inziet dat er geen "ik" is die iets ervaart. En men ziet ook heel vaak hoe iets ontstaan is. Men trekt zich niet meer alles aan. Men wordt rustig van gemoed.


Reactie 8, obstakels.

In MN.16 = MN.II.6, het Cetokhila sutta, worden als obstakels o.a. vermeld:
twijfel over de oefening,
onvriendelijkheid jegens medevolgelingen,
onmatigheid in eten en drinken,
monnik of non worden enkel om in een hemelse sfeer van bestaan wedergeboren te worden.
   Deze obstakels werden speciaal vermeld voor monniken. Maar ze gelden ook voor leken.

Groeten, Nico

Offline Passievrucht

  • Eerwaarde
  • ******
  • Berichten: 3392
Re: Stroom-intrede(r), Een Verkennend Onderzoek
« Reactie #11 Gepost op: 11-07-2016 12:54 »
Hallo Nico,

Bedankt voor je opmerkingen en aanvullingen. Hieronder weer wat commentaar van mij, in de hoop dat het zo tot een goed begrip leidt van stroom-intrede en stroom-intreder.

Jij schrijft: “Bij stroomintrede is er door eigen ervaring een inzicht in één van de drie aspecten van het leven (dukkha, anatta, anicca).

Ik denk dat dit ook speelt maar vooral omdat er tijdens stroom-intrede een ervaren en zien is dat juist voorbij deze drie kenmerken gaat. Dat zicht, het zicht van het boven-wereldlijke Pad, het ongeconditioneerde, dat verrijst/ontstaat volgens mij. Dankzij kennis van donker heb je ook kennis van licht en vice versa. Zo zie ik dat ook hier. Dankzij kennis van dat wat voorbij dhukkha is, voorbij anicca en anatta, namelijk het ongeconditioneerde, Nibbana, beëindiging, verdiept kennis zich van dhukkha, anicca en anatta. Het is complementair. Stel dat bijvoorbeeld iemand de beëindiging van al het geconditioneerde meemaakt, dan is het voorwaardelijk ontstaan van het geconditioneerde ook geen leer of theorie meer. Dan is de vergankelijkheid van het geconditioneerde ook geen leer meer. Het is gezien, het wordt gekend.
En als iemand de beëindiging van al het geconditioneerde meemaakt, dus de beëindiging van alles wat komt en gaat in de geest, maar zelf niet eindigt (dwz gewaarzijn eindigt niet) dan is het ook geen leer meer dat het geconditioneerde niet-zelf is.
De doorbraak tijdens stroomintrede verwijst mijns inziens dus juist naar een ervaren en zien wat dhukkha, anatta en anicca overstijgt maar nogmaals, daardoor dring je pas echt op een niet-filosofische of beschouwelijke manier door in de waarheid van dhukkha, anicca en anatta.

-----------------------------------------

Je schrijft: “Er wordt onderscheid gemaakt in pad en vervulling van stroomintrede. Tussen het begaan van het pad van stroomintrede en de vervulling van stroomintrede kan enige tijd vergaan. Het is niet zo – zoals vroeger beweerd werd – dat pad en vervulling elkaar onmiddellijk opvolgen.
Misschien zou men degenen die toegewijd zijn, kunnen beschouwen als degenen die het pad van stroomintrede opgaan. Terwijl degenen die de stroom ingetreden zijn, degenen zijn die de vervulling van stroomintrede hebben verkregen


Ja, ik heb het zo begrepen dat de  directe opeenvolging van pad-moment (magga-citta) en vrucht (phala citta's) de visie van de Abhidhamma is. Hoe dit precies zit weet ik niet. Maar ik ben jouw suggestie dat de vertrouwen-volgeling en dhamma-volgeling het pad van de stroom-intrede hebben betreden maar de vrucht nog niet hebben gerealiseerd, wel ergens tegengekomen in een noot bij één van de Nikaya’s.
De sutta’s SN25.1-10 die jij aanhaalt heb ik ook genoemd en gelezen. Ze geven denk ik precies het verschil aan tussen de vertrouwen-volgeling en dhamma-volgeling enerzijds en de stroom-intreder anderzijds. De laatste begrijpt en ziet echt de vergankelijkheid van het geconditioneerde (in de sutta's respectievelijk beschreven als: de zintuiglijke domeinen, de zintuiglijke objecten, de zes vormen van bewustzijn, contact, gevoel, waarneming, wil, begeerte, de elementen, de khandha’s). Waarom begrijpt een stroom-intreder dit anders dan de vertrouwen-volgeling en dhamma-volgeling? Volgens mij omdat de stroom-intreder de ervaring kent van het beeindiging van al dit geconditioneerde,  in tegenstelling tot de vertrouwen-volgeling en de dhamma-volgeling. De beëindiging van al het geconditioneerde lijkt me de volledige openbaring of onthulling van het ongeconditioneerde. Het Pad. Een stroom-intreder heeft zo bezien dankzij deze ervaring een nog dieper of existentieler begrip verkregen van dhukkha, anicca en anatta.

-----------------------------------------

Wat de vertaling aangaat van SN55.5. Ja, ik schreef daar dat iemand die de stroom is ingetreden, iemand  is die het boven-wereldlijke achtvoudige Pad bezit.
Ik heb de vertaling van bhikkhu Bodhi gebruikt, die schrijft hier:
What now, Sariputta, is a stream-enterer?"
"One who possesses this Noble Eightfold Path, venerable sir, is called a stream-enterer: this venerable one of such a name and clan." "Good, good, Sariputta! One who possesses this Noble Eightfold Path is a stream-enterer: this venerable one of such a name and clan."

Ik ben verder gaan kijken op andere sites zoals hier:
http://www.palikanon.com/samyutta/sam55.html#s55_5
En daar schrijft men inderdaad “navolgt”. Veel verder kwam ik niet met het vinden van vertalingen.
Wat vertalen de Nederlandse vertalers? Kan iemand dat opzoeken?

Wat algemene opmerkingen nog hierover. Het is me wel duidelijk geworden dat het hier gaat om het boven-wereldlijke edele achtvoudige Pad. Je kunt niet zeggen dat iedere boeddhistische beoefenaar die het achtvoudige pad cultiveert en dus navolgt, al een stroom-intreder is. Dus er is een onderscheidend element. En wat is dat? Dat is de vraag. Dat heb ik willen onderzoeken. Ik kom er op uit dat het onderscheidend element is dat iemand juist de kennis heeft opgedaan, of de visie of het zicht is ontstaan dat voorbij dhukkka, anicca en anatta is. Er is een glimp opgevangen van Nibbana. Er is nu de visie van het boven-wereldlijke Pad. Deze visie blijft bij iemand en vestigt iemand op een onomkeerbare manier  richting volledige bevrijding. Het wordt niet gedeeld met iedere boeddhistische beoefenaar die het achtvoudige pad navolgt.

-----------------------------------------

Wat de voordelen aangaat. Jij geeft aan dat het lijden van een stroom-intreder ook beperkt is omdat men inziet dat er geen “ik” is die iets ervaart. Hier twijfel ik wat over omdat de sutta’s aangeven dat die realisatie meer iets is van de arahant. De stroom-intreder beschouwt de aggregaten weliswaar niet meer als “dit ben ik” maar hij heeft nog altijd een notie van "Ik ben” in relatie tot de khandha’s. Dit is onderwerp van SN22.89. Er is als het ware ook na stroom-intrede nog altijd een restgeur van subjectiviteit in de geest die pas volledig verdwijnt bij arahantschap. Je ziet dit ook terug, vind ik, in de ketens of neigingen die blijven bestaan na stroom-intrede, zoals eigendunk. Zou een stroom-intreder echt weten dat er geen ik is die ervaart, hoe kan er dan eigendunk bestaan bij een stroom-intreder? 

-----------------------------------------

Wat de obstakels betreft. Bedankt voor de aanvulling en verwijzing naar MN16.

Ik geloof dat je al eens eerder gezegd heb dat jij niet gelooft dat bij stroom-intrede een glimp wordt opgevangen van Nibbana, het ongeconditioneerde, maar volgens mij wijst alles wel in die richting.
In ieder geval verrijst een soort begrip dat niet meer filosofisch is want zulk filosofisch begrip van de leer is grillig, dan weer eens zus en dan weer eens zo, en dat geeft geen vertrouwen. Het is ook geen niet-weten.
Niet -weten kan iemand nooit stevig vestigen in de stroom richting volledig bevrijding. Nee, voor mij is toch wel vrij zeker dat met stroom-intrede de visie van het boven-wereldlijk Pad verrijst, de visie of het begrip dat verrijst met de ontmoeting of openbaring van het ongeconditioneerde, van Nibbana. Dan zijn de vier edele waarheden en het voorwaardelijk ontstaan geen leer meer. Het wordt gezien en gekend. Het leren gaat nog door en het begrip of de visie van het Pad helpt hierbij.


Hartelijke groet,
Siebe

Offline nico70+

  • Sangha Ouderling
  • *****
  • Berichten: 918
  • Geslacht: Man
    • Facetten van het Boeddhisme
Re: Stroom-intrede(r), Een Verkennend Onderzoek
« Reactie #12 Gepost op: 12-07-2016 09:01 »
Hallo Sybe,

   Je schreef dat er tijdens stroomintrede een ervaren is voorbij de drie kenmerken van dukkha, anatta, anicca, namelijk het zicht van het ongeconditioneerde.

   Volgens mij is het zo: in het begin van stroomintrede (het begaan van het pad van de edele) is er door eigen ervaring een inzicht in een van die drie aspecten. Later, als de vervulling of vrucht van stroomintrede verwerkelijkt wordt, heeft men ook daadwerkelijk inzicht wat nibbana is.
   Iemand die de beëindiging van al het geconditioneerde meemaakt, is een arahant, een volmaakte heilige. Zover is een in de stroom getredene nog niet.

   Degene die in de stroom is ingetreden, ziet in dat er geen "ik" is. Maar dat inzien is niet blijvend (zoals bij de arahant). Het ontstaat vaak en vaak ook verdwijnt het. Inderdaad is er nog altijd een notie van "ik ben". Die notie verdwijnt pas bij volledige heiligheid. Vergeet niet dat de smetten, boeien, hindernissen bij een in de stroom getredene nog niet allemaal zijn opgeheven.

Groeten
Nico
« Laatst bewerkt op: 12-07-2016 15:16 door nico70 »

Offline Passievrucht

  • Eerwaarde
  • ******
  • Berichten: 3392
Re: Stroom-intrede(r), Een Verkennend Onderzoek
« Reactie #13 Gepost op: 12-07-2016 15:17 »
Hallo Sybe,

   Je schreef dat er tijdens stroomintrede een ervaren is voorbij de drie kenmerken van dukkha, anatta, anicca, namelijk het zicht van het ongeconditioneerde. En je schreef ook dat jij niet gelooft dat bij stroom-intrede een glimp wordt opgevangen van Nibbana.

Hoi Nico,

Jawel, ik geloof wel dat er een glimp wordt opgevangen van Nibbana.


   Volgens mij is het zo: in het begin van stroomintrede (het begaan van het pad van de edele) is er door eigen ervaring een inzicht in een van die drie aspecten. Later, als de vervulling of vrucht van stroomintrede verwerkelijkt wordt, heeft men ook daadwerkelijk inzicht wat nibbana is.
   Iemand die de beëindiging van al het geconditioneerde meemaakt, is een arahant, een volmaakte heilige. Zover is een in de stroom getredene nog niet.

   Degene die in de stroom is ingetreden, ziet in dat er geen "ik" is. Maar dat inzien is niet blijvend (zoals bij de arahant). Het ontstaat vaak en vaak ook verdwijnt het. Inderdaad is er nog altijd een notie van "ik ben". Die notie verdwijnt pas bij volledige heiligheid. Vergeet niet dat de smetten, boeien, hindernissen bij een in de stroom getredene nog niet allemaal zijn opgeheven.
Nico

Oke, ik laat het even bezinken.

hartelijke groet,
Siebe

Offline nico70+

  • Sangha Ouderling
  • *****
  • Berichten: 918
  • Geslacht: Man
    • Facetten van het Boeddhisme
Re: Stroom-intrede(r), Een Verkennend Onderzoek
« Reactie #14 Gepost op: 12-07-2016 15:20 »
Hallo Sybe,

Sorry, ik had  de verkeerde tekst gekopieerd. Ik heb die tekst dan ook verwijderd. Je gelooft wel dat er een glimp van Nibbana wordt opgevangen.

lord rainbow

  • Gast
Re: Stroom-intrede(r), Een Verkennend Onderzoek
« Reactie #15 Gepost op: 14-07-2016 12:13 »

Wat de vertaling aangaat van SN55.5. Ja, ik schreef daar dat iemand die de stroom is ingetreden, iemand  is die het boven-wereldlijke achtvoudige Pad bezit.
Ik heb de vertaling van bhikkhu Bodhi gebruikt, die schrijft hier:
What now, Sariputta, is a stream-enterer?"
"One who possesses this Noble Eightfold Path, venerable sir, is called a stream-enterer: this venerable one of such a name and clan." "Good, good, Sariputta! One who possesses this Noble Eightfold Path is a stream-enterer: this venerable one of such a name and clan."

Ik ben verder gaan kijken op andere sites zoals hier:
http://www.palikanon.com/samyutta/sam55.html#s55_5
En daar schrijft men inderdaad “navolgt”. Veel verder kwam ik niet met het vinden van vertalingen.
Wat vertalen de Nederlandse vertalers? Kan iemand dat opzoeken?

de Breet & Janssen zeggen:

''begiftigd met dit Edele Achtvoudige Pad.''

Offline Passievrucht

  • Eerwaarde
  • ******
  • Berichten: 3392
Re: Stroom-intrede(r), Een Verkennend Onderzoek
« Reactie #16 Gepost op: 14-07-2016 13:10 »

Wat de vertaling aangaat van SN55.5. Ja, ik schreef daar dat iemand die de stroom is ingetreden, iemand  is die het boven-wereldlijke achtvoudige Pad bezit.
Ik heb de vertaling van bhikkhu Bodhi gebruikt, die schrijft hier:
What now, Sariputta, is a stream-enterer?"
"One who possesses this Noble Eightfold Path, venerable sir, is called a stream-enterer: this venerable one of such a name and clan." "Good, good, Sariputta! One who possesses this Noble Eightfold Path is a stream-enterer: this venerable one of such a name and clan."

Ik ben verder gaan kijken op andere sites zoals hier:
http://www.palikanon.com/samyutta/sam55.html#s55_5
En daar schrijft men inderdaad “navolgt”. Veel verder kwam ik niet met het vinden van vertalingen.
Wat vertalen de Nederlandse vertalers? Kan iemand dat opzoeken?

de Breet & Janssen zeggen:

''begiftigd met dit Edele Achtvoudige Pad.''

Bedankt.
Siebe

Offline nico70+

  • Sangha Ouderling
  • *****
  • Berichten: 918
  • Geslacht: Man
    • Facetten van het Boeddhisme
Re: Stroom-intrede(r), Een Verkennend Onderzoek
« Reactie #17 Gepost op: 20-07-2016 13:28 »
Hallo Siebe,

   In reactie 8 schreef je over de obstakels. Ik heb voor stroomintrede de volgende obstakels gevonden. Misschien zijn bij de door mij vermelde obstakels enkele die jij ook vermeld. Maar voor alle zekerheid noem ik ze hier allemaal op.
   Er worden 10 boeien vermeld. (zie: AN.IX.70; AN.X.13;  AN.X.12; DN.2; MN.64) Van die 10 boeien zijn door stroomintrede de drie lagere boeien opgeheven, namelijk (1) geloof in persoonlijkheid, (2) twijfel, (3) bijgeloof; gehechtheid aan regels en rituelen. - Deze boeien of obstakels zijn door jou al vermeld.

   In AN.IX.67, AN.IX.64 en DN.2 worden vijf hindernissen vermeld, namelijk 1. begeerte, zintuiglijk verlangen; 2. haat, afkeer, kwaadwil; 3. traagheid en luiheid; 4. rusteloosheid en zich zorgen maken; 5. twijfel. [zie ook AN.III.69, SN.47.5 en MN.10]
   Deze vijf hindernissen worden ook vermeld bij de vier grondslagen van oplettendheid, bij het beschouwen van geestelijke objecten. (Twijfel is ook vermeld bij de drie lagere boeien).
   
   Deze vijf hindernissen kunnen tijdelijk opgeheven worden door het bereiken van de jhanas, de meditatieve verdiepingen.

   In AN.IX.62 worden negen hindernissen vermeld die overwonnen moeten worden vóórdat het pad van de edelen betreden kan worden. Die hindernissen zijn: 1. begeerte, 2. haat, 3. onwetendheid,  4. toorn, 5. woede, 6. kleineren, 7. tirannie, overheersen, 8. afgunst, jaloersheid, en 9. gierigheid.
   
   (1) Begeerte en (2) haat zijn ook genoemd bij de vijf hindernissen. Hindernis 3 (onwetendheid)  wordt pas helemaal opgeheven bij het verwerkelijken van volmaakte heiligheid.
   
   En in MN.7 worden 16 smetten van de geest opgesomd. Van die 16 smetten van de geest worden volgens het commentaar bij MN.7 zes smetten opgeheven door het pad van in de stroom treden (sotapatti-magga). Het zijn de smetten lasteren, kleineren, verachten,  tirannie, overheersen, afgunst, nijd, jaloersheid, huichelarij, misleiding, en bedriegen.   
   Van deze smetten zijn kleineren, tirannie, overheersen, afgunst, nijd en jaloersheid ook vermeld bij de negen hindernissen.

   Het commentaar benadrukt herhaaldelijk dat steeds waar in de tekst ‘opheffen’ wordt vermeld, verwezen wordt naar iemand die een niet-wederkerende is (anagami). Want ook als de smetten opgeheven zijn bij het in-de-stroom-treden, worden de staten van de geest welke die smetten veroorzaken, alleen vernietigd door het pad van niet-wederkeer.

Groeten
Nico


Offline Passievrucht

  • Eerwaarde
  • ******
  • Berichten: 3392
Re: Stroom-intrede(r), Wat wordt bedoeld met stroom-intrede?
« Reactie #18 Gepost op: 22-01-2018 19:25 »
Wat wordt bedoeld met stroom-intrede?

Dit wordt op verschillende manieren verwoord in de teksten. Hierbij dient opgemerkt te worden dat er in de teksten niet gezegd wordt dat het gaat om stroom-intrede, maar zowel Bodhi, als Walshe als anderen geloven dat het stroom-intrede aanduidt:

A. Het ontstaan/ontluiken van het smetteloze dhamma-oog.

B. De doorbraak tot de Dhamma

C. De doorbraak tot de Vier Edele Waarheden.



Ik heb dit hier boven uitgebreider behandeld. Ik heb te horen gekregen van de auteur van deze site,
https://puredhamma.net, dat de laatst  genoemde doorbraak niet verwijst naar stroom-intrede maar naar arahantschap. Dit wilde ik met jullie delen. Ik heb hierover ook een opmerking geplaatst in de oorspronkelijke post hier boven.

groetjes,
Siebe


Offline Passievrucht

  • Eerwaarde
  • ******
  • Berichten: 3392
Re: Stroom-intrede(r), Een Verkennend Onderzoek
« Reactie #19 Gepost op: 26-04-2019 16:42 »
Nu na enige tijd wat reflectie hierop:

Het openen van het Dhamma-oog. Ik denk (corrigeer me maar als dit fout is) dat dit betekent dat iemand werkelijk ziet, werkelijk begrijpt, met visie, dat alle geconditioneerde staten voortgebracht zijn. Ze zijn instabiel want eindig. Of het nu zintuiglijke genoegens zijn, mooie waarnemingen van muziek of de natuur, de Brahma vihara's (metta, karuna, mudita en upekkha), de subtiele meditatieve staten (jhana's), spiritueel of wereldlijk, grof of subtiel, al die staten zijn voortgebracht, geconditioneerd, bestaan voorwaardelijk en eindigen dus weer. Je heil er in zoeken, toevlucht toe nemen als oplossing voor lijden, het is kansloos. Want die staat eindigt immers toch weer. Waar wil je je dan aan vasthouden? Waar zoek je hoop in? Waar vertrouw je dan op?

Het gehele geconditioneerde terrein is niet geschikt als toevlucht. Het heil zoeken in de wereld is kansloos.
Dit ontkent niet dat er wel gelukkige momenten kunnen zijn maar het is allemaal tijdelijk, fragiel, niet-blijvend.

Is het heil zoeken in het geconditioneerde ongevaarlijk? Waarschijnlijk niet, want je kunt erg gehecht raken aan staten die slechts tijdelijk zijn, en obsessief gericht raken op het geconditioneerde. Op onrealistische wijze er heil van verwachtend. Op onrealistische wijze er toevlucht in zoekend, wat het niet kan bieden.
En, dat, dat onwetend zoeken is niet oke. Die naieviteit is niet oke. Dat werkt tegen je in dit leven en na de dood ook.

Is er dan helemaal geen uitweg? Geen toevlucht? Jawel, het ongeconditioneerde, dat waarvan geen ontstaan wordt gezien, geen veranderen terwijl het bestaat en geen eindigen.

Siebe







Offline Dorje

  • Eerwaarde
  • ******
  • Berichten: 1002
Re: Stroom-intrede(r), Een Verkennend Onderzoek
« Reactie #20 Gepost op: 27-04-2019 22:01 »
Mooie reflectie,

Ik kan er alleen maar eens mee zijn.