Auteur Topic: De drie hogere trainingen en de vierpunten analyse  (gelezen 7462 keer)

0 leden en 1 gast bekijken dit topic.

lord rainbow

  • Gast
De drie hogere trainingen en de vierpunten analyse
« Gepost op: 31-01-2007 20:27 »
De weg die een boeddhist gaat,is onder te verdelen in drie hoofdthema's:

- morele zelfdiscipline.
- koncentratie.
- wijsheid.


Morele zelfdiscipline is nodig om een enigszins gezonde basis te creeeren van waaruit concentratie en wijsheid beoefend kunnen worden.
Het ontwikkelen van discipline heeft als effekt dat de geest niet onnodig verstoord en afgeleid wordt.

Als mens zijn wij aktief op drie gebieden: lichaam,spraak en geest(=denken).
Er zijn tien schadelijke,verstorende, aktiviteiten.Deze zijn onderverdeeld in:
- doden
- stelen
- seksueel wangedrag

- liegen
- tweedracht zaaien(roddelen).
- zinloos geklets(prietpraat).
- grof taalgebruik.

- hebzucht
- kwaadwil
- verkeerde zienswijzen.


Het zal duidelijk zijn dat discipline inhoudt dat we deze zaken niet ondernemen of ons er minimaal bewust van te zijn als we ze doen.


Koncentratie.

Op basis van morele zelfdiscipline, ontwikkelt een boeddhist eenpuntige koncentratie,ofwel:mentale stabiliteit.

En deze koncentratie meditatie is geen doel op zich.

Zij wordt aangewend tijdens de analytische wijsheids meditatie.







De methode van de vier punten analyse.

1- Vaststellen van het object dat verworpen dient te worden.

Waar je in deze analyse naar kijkt is niet het ik zoals we het intellektueel kunnen begrijpen als alleen maar een benoeming op basis van een verzameling lichamelijke en geestelijke processen.
Waar je naar kijkt is het ik zoals zich dat steeds voor doet als een konkrete,opzichzelfstaande entiteit.Het ik dat heel manifest is als je bijvoorbeeld boos bent.

2- Vaststellen dat er maar twee mogelijkheden zijn.

- of het bestaat als zijnde een met de basis van benoeming.

- of het bestaat als iets anders dan de basis van benoeming.

Waar zit dat ik dat zo onafhankelijk bestaat.Van waaruit we eigenlijk voortdurend handelen?

Waar zit dat ik dat zich zo ongelooflijk kan opwinden,dat zo in zijn/haar trots geraakt kan worden,dat zo boos kan worden,dat zo heftig kan velangen?

3- Vaststellen van het niet(konkreet )een zijn.
Als het een is met het lichaam,waar zit het dan?Je hebt lichaam en geest,is het dan het lichaam of de geest.Als het allebei is heb je op zijn minst twee elkaar wederzijds uitsluitende ikken....
En dat kan natuurlijk niet.

-4 Vaststellen dat het niet(konkreet) verschillend is.
Als het iets anders is,moet het tevoorschijn komen
als je je lichaam en geest helemaal uitkleed,ontleed.


Als je dus eerst hebt vastgesteld wat nu precies het ik is waaraan je zo vasthoudt en van waaruit je leeft en handelt,stel je vervolgens vast dat als er daadwerkelijk zo'n solide ik bestaat,er maar twee mogelijkheden zijn: of het is hetzelfde als de basiis van benoemijng(lic/geest)of het is iets totaal anders,los van de basis van benoeming.
Een andere mogelijkheid is er niet,immers: het gaat hier over een konkreet,onafhankelijk,op eigen kracht bestaand ik.Zo doet het zich aan ons voor.

« Laatst bewerkt op: 11-06-2012 11:49 door lord rainbow »

Offline Viriya

  • Sangha lid
  • ****
  • Berichten: 462
  • Geslacht: Man
  • Zoek!
    • Toegang tot Inzicht (De verzamel site van Boeddhistische Geschriften)
Re: de drie hoofdzaken van het pad en de vierpunten analyse
« Reactie #1 Gepost op: 31-01-2007 22:44 »
Waar staat de vierpunten analyse in de geschriften of waarop is hij gebaseerd? In de DN staat hij in ieder geval niet bij sutta 33 en 34.
« Laatst bewerkt op: 31-01-2007 22:49 door DjangoVaal »
http://www.toegangtotinzicht.nl
 De Verzamelsite van Alle Nederlandse Boeddhistische Geschriften

lord rainbow

  • Gast
Re: de drie hoofdzaken van het pad en de vierpunten analyse
« Reactie #2 Gepost op: 01-02-2007 06:59 »
Ik ben hem tegengekomen op een cursus aan het maitreya instituut.
Het is een analytische meditatie techniek ontwikkelt binnen het tibetaans boeddhisme.En wel door personen van de gelukpa sekte.
De tekst is opgesteld door geshe lam rim pa.
Hierin geeft hij een beknopte versie van de juiste zienswijze van de madhyamika school.
En het betreft het begrip 'leegte' of'zelfloosheid.'

Offline Gen Dragpa

  • Geïntresseerde
  • *
  • Berichten: 9
  • Geslacht: Man
  • Lid van het boeddhaforum!
    • Kadampa boeddhisme in Nederland
Re: snip " de vierpunten analyse " - meditatie op leegte
« Reactie #3 Gepost op: 01-02-2007 16:40 »
Dit is een van de belangrijkste leringen in het Mahayana en Vajrayana boeddhisme en niet gemakkelijk te begrijpen en realiseren. Maar als men erin slaagt dit in het dagelijks leven te integreren dan onstaat er een enorme vrijheid. Bij een rechtstreekse realisatie van "Leegte" worden we vrij van conceptueel gevormde misleidingen en zullen dan de aangeboren misleidingen met verdere meditatie verwijderen en bevrijding bereiken,

vriendelijke groeten

Gen Dragpa

Uit: Het Meditatie Handboek, van Geshe Kelsang Gyatso, uitgeverij Karuna.


De leegte van het ik

Het identificeren van het object van ontkenning

Ofschoon we de hele tijd naar een inherent bestaand ik grijpen, zelfs tijdens onze slaap, is het niet eenvoudig vast te stellen hoe het aan onze geest verschijnt. Om het duidelijk te identificeren, moeten we beginnen om ervoor te zorgen dat het zich sterk manifesteert door situaties te overdenken waarin we een overdreven ik-gevoel hebben, zoals wanneer we voor schut gezet worden, beschaamd, bang of verontwaardigd zijn. We herinneren of verbeelden ons zo'n situatie en proberen dan zonder enig commentaar of analyse een duidelijk mentaal beeld te krijgen van hoe het ik vanzelf verschijnt op zulke tijden. In dit stadium moeten we geduldig zijn, omdat het vele sessies kan duren voordat we een duidelijk beeld krijgen. Uiteindelijk zullen we zien dat het ik volledig solide en echt lijkt te zijn, van zijn eigen kant bestaand zonder van het lichaam of de geest afhankelijk te zijn. Dit helder verschijnende ik is het inherent bestaande ik dat wij zo sterk koesteren. Dit is het ik dat wij verdedigen wanneer we bekritiseerd worden en waarop we zo trots zijn wanneer we geprezen worden.
   Zodra we een beeld hebben van hoe het ik in deze extreme situaties verschijnt, zouden we moeten proberen te identificeren hoe het gewoonlijk verschijnt, in minder extreme situaties. We kunnen bijvoorbeeld het ik observeren dat op dit ogenblik mediteert en proberen te ontdekken hoe het aan onze geest verschijnt. Ten slotte zullen we zien dat, hoewel er in dit geval niet zo'n opgeblazen ik-gevoel is, het ik niettemin nog steeds inherent bestaand lijkt te zijn, van zijn eigen kant bestaand zonder van het lichaam of van de geest afhankelijk te zijn.
   Zodra we een beeld hebben van het inherent bestaand ik, richten we ons hier voor een tijdje op met ??npuntige concentratie en gaan dan verder naar het tweede stadium.

Het weerleggen van het object van ontkenning

Als het ik bestaat op de manier waarop het verschijnt, dan moet het bestaan op een van deze vier manieren: als het lichaam, als de geest, als de verzameling van het lichaam en de geest, of als iets gescheiden van het lichaam en de geest; er is geen andere mogelijkheid. We overdenken dit zorgvuldig totdat we overtuigd raken dat dit het geval is en gaan dan verder met het onderzoeken van elk van de vier mogelijkheden:

1.   Als het ik het lichaam is, is het zinloos om te zeggen 'mijn lichaam'; omdat de bezitter en het bezit identiek zijn.     
       Als het ik het lichaam is, is er geen wedergeboorte, omdat het ik ophoudt te bestaan    wanneer het lichaam sterft.
       Als het ik en het lichaam identiek zijn, dan zou, aangezien we in staat zijn geloof te ontwikkelen, te dromen, wiskundige raadsels op te lossen enz., hieruit volgen dat vlees, bloed en beenderen hetzelfde kunnen doen.
   Omdat niets van dit alles waar is, volgt hieruit dat het ik niet het lichaam is.

2.    Als het ik de geest is, is het zinloos om te zeggen 'mijn geest', omdat de bezitter en het bezit identiek zijn;maar gewoonlijk wanneer we ons richten op onze geest zeggen we 'mijn geest'. Dit wijst er duidelijk op dat het ik niet onze geest is.
       Als het ik de geest is, dan volgt hieruit, aangezien elk persoon vele soorten geestestoestanden heeft, zoals de *zes bewustzijnen, conceptuele geestestoestanden en niet-conceptuele geestestoestanden, dat elk persoon net zoveel ikken heeft. Daar dit absurd is,volgt hieruit dat het ik niet de geest is.

3.    Daar het lichaam en de geest niet het ik zijn, kan de verzameling van lichaam en geest niet het ik zijn. De verzameling van lichaam en geest is een verzameling van dingen die niet het ik zijn, dus hoe kan de verzameling zelf dan het ik zijn ? 
   In een kudde koeien bijvoorbeeld is geen van de dieren een schaap, daarom is de kudde zelf geen schaap. Op dezelfde manier is in de verzameling van lichaam en geest noch het lichaam, noch de geest het ik, daarom is de verzameling zelf niet het ik.

Misschien vindt u dit punt moeilijk te begrijpen, maar als u hier een lange tijd met een kalme en positieve geest over nadenkt en het met meer ervaren beoefenaars bespreekt, zal het u geleidelijk aan duidelijk worden. U kunt ook authentieke boeken over het onderwerp raadplegen, zoals Hart van Wijsheid.

4.    Als het ik niet het lichaamis, niet de geest en niet de verzameling van lichaam en geest, is de enige mogelijkheid die overblijft dat het iets is dat gescheiden is van het lichaam en de geest. Als dit het geval is, moeten we in staat zijn het ik waar te nemen zonder dat ?f het lichaam ?f de geest verschijnt, maar als we ons verbeelden dat ons lichaam en onze geest totaal zouden verdwijnen, zou er niets overblijven dat het ik genoemd kan worden. Daarom volgt hieruit dat het ik niet gescheiden is van het lichaam en de geest.

We zouden ons moeten voorstellen dat ons lichaam geleidelijk aan in niets oplost. Daarna lost onze geest op, onze gedachten verwaaien met de wind en onze gevoelens, wensen en bewustzijn versmelten in het niets. Is er iets van het ik dat achtergebleven is? Er is niets. Het is duidelijk dat het ik niet iets is dat gescheiden is van het lichaam en de geest.

We hebben nu alle vier de mogelijkheden onderzocht en zijn er niet in geslaagd om het ik te vinden. Daar we reeds besloten hebben dat er geen vijfde mogelijkheid is, moeten we concluderen dat het werkelijk bestaande, of inherent bestaande, ik dat gewoonlijk zo duidelijk verschijnt, helemaal niet bestaat.  Waar er eerder een inherent bestaand ik verscheen, verschijnt nu een afwezigheid van dat ik. Deze afwezigheid van een inherent bestaand ik is leegte, de uiteindelijke waarheid.

EERSTE MEDITATIE

Op deze manier denken wij hierover na totdat er een mentaal beeld van de afwezigheid van een inherent bestaand ik aan onze geest verschijnt. Dit beeld is ons object van plaatsingsmeditatie. We proberen hier volledig vertrouwd mee te raken door er zo lang mogelijk ??npuntig op te concentreren.
   Omdat we sinds beginloze tijd naar een inherent bestaand ik gegrepen hebben en het meer gekoesterd hebben dan wat dan ook, kan de ervaring van het niet kunnen vinden van het ik in meditatie in het begin vrij schokkend zijn. Sommige mensen worden bang, terwijl ze denken dat ze helemaal niet meer bestaan.  Anderen voelen een grote vreugde, alsof de bron van al hun problemen aan het verdwijnen is. Beide reacties zijn goede tekenen en wijzen op een juiste meditatie. Na een tijdje zullen deze eerste reacties afnemen en zal onze geest tot rust komen in een evenwichtiger toestand. Dan zullen we in staat zijn om op een kalme en beheerst manier op leegte te mediteren. We moeten ervoor zorgen dat onze geest zo lang mogelijk opgaat in ruimte-achtige leegte. Het is belangrijk dat we onthouden dat ons object leegte is, de afwezigheid van een inherent bestaand ik, en niet louter *niets(heid). Af en toe dienen we onze meditatie met waakzaamheid te controleren. Als onze geest naar een ander object is afgedwaald, of als we de betekenis van leegte verloren hebben en *ons op louter nietsheid aan het richten zijn (louter op niets gericht zijn), moeten we terugkeren naar de overdenkingen om leegte opnieuw duidelijk voor de geest te halen.

   We kunnen ons misschien afvragen 'Als er geen werkelijk bestaand ik is, wie is er dan aan het mediteren? Wie zal er uit de meditatie opstaan, met anderen spreken, en antwoorden wanneer mijn naam wordt geroepen?' Ofschoon er niets is binnen het lichaam of de geest, of gescheiden van het lichaam en de geest, dat het ik is, betekent dit niet dat het ik helemaal niet bestaat. Hoewel het ik niet op ??n van de hierboven genoemde manieren bestaat , bestaat het wel op een conventionele manier. Het ik is louter een benaming die door de conceptuele geest aan de verzameling van lichaam en geest toegeschreven is. Zolang we maar tevreden zijn met de loutere benaming 'ik', is er geen probleem. We kunnen denken ?ik besta?, ?ik ga naar de stad? enz.. Het probleem doet zich alleen voor wanneer we een ik zoeken buiten de louter conceptuele toeschrijving 'ik'. De zelfvervormende geest grijpt naar een ik dat uiteindelijk bestaat, onafhankelijk van conceptuele toeschrijving, alsof er achter dit etiket een ?echt? ik zou bestaan. Als zo'n ik bestond zouden we het moeten kunnen vinden, maar door nader onderzoek hebben we gezien dat het ik niet gevonden kan worden . De conclusie van ons onderzoek was een definitieve onvindbaarheid van het ik. Deze onvindbaarheid van het ik is de leegte van het ik, de uiteindelijke aard van het ik. Het ik dat bestaat als een loutere toeschrijving is de conventionele aard van het ik.     
OM TARE TUTTARE TURE SOHA

lord rainbow

  • Gast
Re: de drie hoofdzaken van het pad en de vierpunten analyse
« Reactie #4 Gepost op: 01-02-2007 18:43 »
bedankt voor de uitwerking.

Offline Viriya

  • Sangha lid
  • ****
  • Berichten: 462
  • Geslacht: Man
  • Zoek!
    • Toegang tot Inzicht (De verzamel site van Boeddhistische Geschriften)
Re: snip " de vierpunten analyse " - meditatie op leegte
« Reactie #5 Gepost op: 05-02-2007 19:12 »
Dit is een van de belangrijkste leringen in het Mahayana en Vajrayana boeddhisme en niet gemakkelijk te begrijpen en realiseren.
(...)
 Deze onvindbaarheid van het ik is de leegte van het ik, de uiteindelijke aard van het ik. Het ik dat bestaat als een loutere toeschrijving is de conventionele aard van het ik.     

Het lijkt me een indrukwekkende ervaring  :o.

@lord rainbow
Stelen wordt bij de uitgeverij van Asoka vertaalt als: nemen wat niet gegeven is. Dit heeft een veel grotere invloed op je gedrag. Dit brengt veel meer vraagstukken naar voren over wat je wel kan nemen en wat niet. Bijvoorbeeld als er een schaal met koekjes op de tafel bij je werk staat, pakken of niet? Of het eten dat bij je gezin in huis staat? Eventjes iets lenen van iemand zonder dat hij er toestemming voor heeft gegeven is dan ook immoreel.

Over het achtvoudige pad.
In de tijd van de Boeddha bestond de communicatie vooral uit de spraak maar in deze tijd is er sprake van meerdere communiicatie middelen. Misschien zou het een idee zijn om een nieuwe manier van opschrijven te introduceren waar er gesproken wordt over "De Juiste Communicatie". Voor de rest hoeft er dan niks verandert te worden maar het verbreedt de horizon al tijdens het lezen ;).

Met metta,
Django
 

http://www.toegangtotinzicht.nl
 De Verzamelsite van Alle Nederlandse Boeddhistische Geschriften

lord rainbow

  • Gast
Re: de drie hoofdzaken van het pad en de vierpunten analyse
« Reactie #6 Gepost op: 05-02-2007 19:20 »
Ja,stelen is nemen wat niet gegeven is.

 ;D

Offline Katinka - Boeddha hoekje

  • Mindfulness Trainer en Boeddhistisch Student
  • Administrator
  • Verspreider van inzicht
  • *****
  • Berichten: 122
  • Geslacht: Vrouw
  • Forum eigenaar en manager
    • Een Boeddha hoekje
Re:De drie hoofdzaken van het pad en de vierpunten analyse
« Reactie #7 Gepost op: 13-02-2012 10:50 »
De vier punten analyse wordt wat mij betreft goed uitgelegd - toepasbaar in meditatie, wat uiteindelijk de bedoeling is - in 'Meditation on Emptiness' van Jeffrey Hopkins.

Cruciale hint: als je het ik dat verworpen dient te worden niet kan vinden, vind het dan door je voor te stellen dat iemand je beledigt o.i.d.

Een nog eenvoudiger meditatie om de leegte van het zelf te vinden is van Lama Yeshe (ook FPMT, aka Maitreya Instituut). In mijn woorden:

Vraag jezelf in meditatie steeds weer af: Waar identificeer ik me nu mee? En nu? En nu? Blijf de vraag stellen, merk dat het antwoord steeds verandert. Lach om jezelf.

Overigens is het belangrijk om bij meditatie op leegte in het oog te houden of nihilisme en depressie in je systeem verschijnt. Als dat het geval is, is het belangrijk om over karma (oorzaak en gevolg) na te denken en te mediteren op bodhicitta (de verlichtingsgeest). http://www.katinkahesselink.net/boeddha/bodhisattva.html

Basho

  • Gast
Re:De drie hoofdzaken van het pad en de vierpunten analyse
« Reactie #8 Gepost op: 13-02-2012 21:55 »
Het ego of “ik” wordt meestal beschreven als datgene waar we vanaf zouden moeten komen, of datgene wat verworpen zou moeten worden. Wellicht is dit een manier van schrijven, die u nu ook hanteert Katinka, maar de term “verwerpen” kan wat mij betreft soms verkeerde associaties oproepen. Dat is eigen aan onze taal, we weten nooit hoe een bepaald concept begrepen wordt door de lezer. Ik ben zelf van mening dat alhoewel het ego of het “ik”, of zelf in het Boeddhisme gezien wordt als een “illusie”, een waandenkbeeld, omdat er immers geen sprake kan zijn van een ondeelbaar, substantieel, onveranderlijk “ik”, is het mijns inziens altijd van belang dat er sprake is van inzicht. Zonder inzicht, zonder begrip en doorzicht of gewaarzijn van hoe het ego werkt, op talloze wijzen, kan nooit actief afstand gedaan worden van dit “ik”. Omdat afstand proberen te doen, het ego “verwerpen” betekent dat er sprake zou zijn van strijd. En strijd is juist één van de troeven in handen van het ego, van het “ik”. Dus een actief verwerpen van het ego of zelf betekent dat er sprake van verzet is, verzet tegen uzelf, en verzet betekent geen inzicht. Maar nogmaals: waarschijnlijk bedoelt u hetzelfde, u gebruikt echter andere bewoordingen. Ik raad niemand aan om van zijn ego af proberen te raken. Afgezien van het feit dat het een vruchteloze poging zal zijn, is “getuige-zijn” van het “ik”, het zien hoe het werkt en wat het eigenlijk betekent een juiste poging om niet-oordelend door te dringen tot de kern van de zaak, de kern dat er geen kern is, dat we open bewustzijn "zijn", dat we niet kunnen omschrijven wat we zijn, maar dat we slechts bewust-zijn, een besef hebben van het feit dat we beseffen.

Het u in meditatie blijven afvragen waar u uzelf mee identificeert op een bepaald moment, is een goede manier om zichzelf inderdaad bewust te worden van hoeveel identificaties we eigenlijk hebben. Er lijkt geen einde aan te komen, omdat het ego onafgebroken probeert zichzelf als geconditioneerd verdedigingsmechanisme in stand te houden. Maar we zijn het zelf geworden, de identificatie met het “ik” of het zelf, dat is gebeurd door onze opvoeding, onze manier van leven, onze internalisatie van de cultuur om ons heen. Dat het een zelf is vol van verkeerde opvattingen, aannames en geloofsopvattingen van wat de werkelijkheid zou zijn, betekent pijn en lijden. Dat is onder andere door de Boeddha uiteengezet in zijn leer van de Vier Edele Waarheden en het achtvoudige pad. Door onze identificaties waar te nemen, door er getuige van te zijn, zonder strijd en zonder oordeel, wordt het mogelijk om te zien wat het feitelijk inhoudt. Dat u merkt dat geen enkele identificatie een lang leven is beschoren, dat identificaties worden opgeroepen door emoties, verlangens, en vooral ook door de situatie(s) waarin we leven en ons begeven. Glimlachen bij identificaties, glimlachen om de subtiliteit ervan betekent dat u de identificatie beschouwt als iets grappigs, iets dat niet al te serieus genomen moet worden. Omdat serieus-zijn inhoudt dat u met een zuur gezicht de ernst van de situatie denkt in te zien. Niets is serieus, alleen de mens lukt het om dit te worden als gevolg van het verkeerde idee dat het leven “serieus” zou moeten zijn. De Chinese Boeddha’s glimlachen en lachen onafgebroken. Het lijkt bijna onnatuurlijk en niet vol te houden. Maar ze leven in vreugde en toewijding aan de (glim)lach. Een te serieuze geest is een “zieke” geest, vandaar dat bijvoorbeeld Osho (Bhagwan Shree Rajneesh) mijns inziens terecht zei: “Vier het bestaan, zie het als iets feestelijks. Maak van uw leven geen probleem. Het leven moet geleefd worden, het is namelijk geen probleem wat zou moeten worden opgelost.”

De Boeddhistische “leegte” is volgens mij een andere bewoording voor bijvoorbeeld het feit dat de mens substantie ziet en ervaart, terwijl in dit leven niets “substantieels” kan bestaan. Alles is afhankelijk, alles is veranderlijk, niets staat op zichzelf. Dus is het verkeerde idee dat er sprake zou zijn van een substantieel bestaan “leeg”, oftewel “niet-waar”, niet “zuiver”  en onjuist. Als mediteren op de leegte betekent dat er sprake zou kunnen zijn van het opkomen van nihilisme of depressie, dan betekent dit feitelijk dat men onjuist mediteert over die “leegte”. Nihilisme heeft in het Boeddhisme geen bestaansrecht, omdat nihilisme inhoudt dat er “niets” zou kunnen zijn. Dat is een verkeerd denkbeeld, wat vooral soms postvat in de westerse mens. Want met name de laatstgenoemde verwart het Boeddhisme vrij gemakkelijk en ten onrechte met nihilisme. Het Boeddhisme erkent zeer zeker het bestaan van de echte realiteit, het enige wat ontkend wordt is dat deze realiteit op welke wijze dan ook in begrippen te vatten zou zijn. Zelfs het Nirvana (Nibbāna) kan niet worden beschouwd als nihilistisch; als men dat toch als zodanig beschouwt, is men slachtoffer van een illusie:

      “’Waar bestaat Nibbāna?’ werd door koning Milinda gevraagd aan de Eerwaarde Nagasena. Het antwoord luidde: “Noch in het oosten, westen, zuiden, noorden, noch opwaarts, neerwaarts, noch rondom is Nibbāna gesitueerd. Toch is er Nibbāna, want degene die zuiver is in deugd en die juist inzicht bezit, bereikt het waar hij of zij zich ook maar bevindt.” Uit deze woorden blijkt al dat Nibbāna niet iets materieels is, maar een geestelijke toestand. Dit volgt ook uit meerdere woorden van de Verhevene. Nibbāna is een geestelijke “eenzaamheid”, een bevrijding van de geest.   
    “Wie zich vrijgemaakt heeft van begeerte, afkeer en onwetendheid, die heeft deze zee met haar haaien en demonen en met het gevaar van de golven overgestoken, deze zee die zo moeilijk is over te steken. Hij is aan de andere oever aangekomen, staat op vaste grond.” (It.69).
       “Nibbāna is omschreven als een bovenwereldse staat die in dit leven reeds verwezenlijkt kan worden. Het is een toestand die vrij is van de hartstochten, maar het is niet een staat van niets-heid. Het is een blijvende zalige sfeer van bevrijding welke bevrijding het resultaat is van de volledige uitroeiing van de hartstochten. Metafysisch is Nibbāna de uitdoving van lijden; psychologisch is het de opheffing van egoïsme; ethisch is het de verwijdering van begeerte, afkeer en onwetendheid. Nibbāna heet ‘leeg’ niet omdat die sfeer nietsheid is, maar omdat die sfeer leeg is van begeerte, afkeer en onwetendheid. Nibbāna is noch een eeuwig zijn (eternalisme) noch een eeuwig niet meer zijn (nihilisme). In Nibbāna is niets eeuwig en evenmin is er iets vernietigd behalve dan de hartstochten,” zo schreef de Eerwaarde Narada Thera.[1]
       Zoals een golfbeweging tot rust komt in een stille baai, evenzo komt begeerte, afkeer en waan tot rust in Nibbāna. Wat een afzonderlijke golf genoemd werd, houdt op te bestaan. Maar wat vernietigd wordt, is enkel de onwetendheid als zou er een afzonderlijke zelfstandige golf zijn. Door weten wordt ingezien dat van een afzonderlijke golf geen sprake was. Alleen de beweging verdwijnt. Door de opheffing van onwetendheid ontstaat weten. Bij het bereiken van Nibbāna komt men tot rust. Vernietigd, uitgedoofd wordt niets anders dan de beweging van begeerte, afkeer en waan, welke beweging oorzaak is voor een steeds weer egoïstisch leven. En dat laatste is lijden. De opheffing ervan is de opheffing van lijden. Wie Nibbāna verwerkelijkt, ziet in dat de woorden van de Boeddha waar zijn: “Ik leer u maar twee dingen, namelijk dat er lijden is en de opheffing van dat lijden.” Geen entiteiten, geen wezenheden, geen realiteiten worden vernietigd, maar enkel de onjuiste meningen over die zogenaamde entiteiten. Wie inziet dat niets als zelfstandig iets kan bestaan, wie ziet dat alles onwerkelijk is, die hecht zich nergens aan. Onthecht is hij vrij. En de bevrijde weet dat hem geen wedergeboorte meer te wachten staat. Hij weet heel zeker dat hij niet meer in deze wereld van onvoldaanheid en lijden terug zal keren.
       “Als de heilige in diepe, stille uren van gedachten de waarheid achterhaalt, dan is hij vrij van vreugde en van leed, en van vorm en vormloze staten eveneens. Waar water, aarde, vuur en lucht geen post vatten, daar branden geen lichtende sterren, noch schijnt er de zon. En de maan schijnt er niet met haar schitterende stralen. Maar het tehuis van de duisternis is daar niet.” (Ud.I.10).

[1] Nārada Thera: The Dhammapada : Pali Text and translation with stories in brief and notes.  (3rd ed.). Colombo: BMS, 2522-1978.  (1st ed. 1963), p. 25-26.” (citaat Nico Moonen: “Facetten van Boeddhisme”)

Ook depressie betekent dat er sprake is van een verkeerd begrip van hoe de werkelijkheid of realiteit wordt ervaren. Depressie is een vorm van het als het ware bevriezen van het gevoel, niets doet er meer toe en men kan niet meer genieten van het leven. Vaker is depressie het gevolg van het onderdrukken van frustratie en woede. Als men in beweging komt, gaat hardlopen en dergelijke, kan de energie weer gaan stromen. Vandaar dat psychologen als Janov ooit succes boekten met een oerschreeuwtherapie. Schreeuwen of huilen betekent dat energie in beweging komt. Maar dat willen mensen liever niet horen, want schreeuwen (hetgeen niet betekent een ander uitschelden of zo) of huilen wordt als zodanig geëtiketteerd als negatief. Er zijn maar een beperkt aantal situaties waarin huilen wordt toegestaan, bijvoorbeeld als een dierbare is overleden, enzovoort. Maar hoeveel negativiteit heeft de mens in zich verborgen als gevolg van de culturele geboden en verboden? Mocht zoiets in meditatie ontstaan, depressie, dan betekent dat feitelijk dat er energie onder de knie wordt gehouden. Beter is het mijns inziens dan, om niet stil te gaan zitten, maar het lichaam te aarden door energiek te worden, zelfs tegen de stroom van de negativiteit in. Want iemand die zich depressief voelt, heeft nergens fut voor. In het leven werkt het echter exact tegenovergesteld: hoe meer energie u gebruikt met uw lichaam, des te meer krijg u er voor terug, meer energie. Maar iemand die depressief is, begrijpt dat niet. Beweging kan ook meditatief zijn, ik noemde al hardlopen. Hardlopen als sport is zeer aardend, zeer aards en geeft lichamelijke voldoening en energie.

Met vriendelijke groet,

Basho :)
« Laatst bewerkt op: 13-02-2012 22:04 door Basho »