Auteur Topic: De citta en het Doodloze  (gelezen 984 keer)

0 leden en 1 gast bekijken dit topic.

Offline nico70+

  • Sangha Ouderling
  • *****
  • Berichten: 828
  • Geslacht: Man
    • Bekijk profiel
    • Facetten van het Boeddhisme
De citta en het Doodloze
« Gepost op: 08-03-2018 18:09 »
De citta en het Doodloze

Verkorte versies van leerreden van de eerwaarde Thaise Arahant Maha Bua Nyanasampanno.

Inleiding

In eerdere posten heb ik geschreven dat het doel van de leer van de Boeddha is om het bewustzijn vrij te maken. Dat vrije bewustzijn is het enkelvoudige bewustzijn. Ik verwees toen naar de volgende woorden: "Iemand met een dergelijk enkelvoudig bewustzijn beschouwt het gevoel, de waarneming, de formaties, het bewustzijn niet als het zelf, als een ik. Hij is niet geboeid door de banden van het gevoel, van de waarneming, van de formaties, van het bewustzijn; hij is inwendig en uitwendig ongeboeid. Hij vindt de andere oever, is volledig bevrijd van lijden. (S.XXII.117; zie ook S.XXII.115).
Tot zover alles goed. Maar verder schreef ik dat het enkelvoudige bewustzijn geen eenheid is die op zichzelf bestaat, maar dat bewustzijn is iets dat ontstaat en vergaat, afhankelijk van voorwaarden.

   Ik kreeg commentaar van Siebe dat een bewustzijn dat ontstaat niet als vrij kan worden aangeduid. Mijn antwoord was toen: Het bewustzijn dat zich nergens vestigt, zich nergens aan hecht, is bevrijd, omdat het niet groeit en niet samenstelt. Bewustzijn dat niet samenstelt, is bevrijd.
   Lord Rainbow (alias Dirk Knol, Dirkjan en Marcel) vroeg welk bewustzijn van leven naar leven gaat. Hij vroeg hoe wedergeboorte plaatsvindt.

   Ik moet toegeven dat er een fout is gemaakt en wel door het niet bekend zijn met het Pali. Ik dacht dat de Pali woorden viññāna en citta dezelfde betekenis hadden (bewustzijn). De woordenboeken en teksten die ik daarover heb geraadpleegd, vermelden het volgende.

   >>Het begrip "geest", "het geestelijke" wordt in het Pāli-Boeddhisme o.a. aangeduid met de woorden: viññāna of citta.
   Het woord viññāna betekent bewustzijn. Het is een stroom van bewustzijn. Er is geen blijvende geest-substantie. Zonder voorwaarden ontstaat er geen bewustzijn (M.38). Afhankelijk van karma-formaties ontstaat bewustzijn (viññāna).
   Het woord citta betekent: geest, bewustzijn, staat van bewustzijn, gedachte, het denken, het verstand, het denkorgaan. Het is een synoniem van viññāna.<<


   Tot zover wat ik uit de boeken leerde. Maar de eerwaarde Thaise leermeester Maha Bua Nyanasampanno, een Arahant, die leefde in Wat Pa Baan Taad, Udon Thani, Thailand, legde uit eigen ervaring uit dat er een wezenlijk verschil bestaat tussen viññāna enerzijds en citta anderzijds.

Viññana is dat deel van de geest dat ontstaat en vergaat als bewustzijn, het zich bewust worden van iets door contact van de zintuigen met een zintuiglijk waarneembaar object.
De citta daarentegen is bewustzijn, het weten, “degene die weet”. En dat deel van de geest sterft niet. De eerwaarde Arahant Maha Bua legt de citta anders uit dan wat gebruikelijk is.

Hij heeft veel leerreden gehouden, zowel tot zijn mede-monniken als tot devote leken. Hij werd geboren op 12 augustus 1913, ontving de hogere wijding op 12 mei 1934, bereikte Arahantschap op 15 mei 1950 en overleed op 30 januari 2011.
Meerdere van zijn leerreden zijn op verzoek van een Thaise mevrouw die kanker had en in zijn tempel raad ging vragen hoe om te gaan met de pijn en er wekenlang ging mediteren, op band opgenomen en later in druk verschenen. Dankzij een eerwaarde monnik van de tempel die mijn vrouw en ik regelmatig bezoeken, heb ik twee gratis boeken met leerreden van wijlen de eerwaarde leermeester Maha Bua ontvangen, zodat ik die leerreden herhaaldelijk kan raadplegen. En ik moet mijn eerdere visie corrigeren op grond van de ervaringen en inzichten van de heilige leermeester.
Van de eerwaarde Ajahn Dick Silaratana kreeg ik de toestemming om de leerreden van de eerwaarde Arahant Maha Bua in verkorte vorm weer te geven, en/of er een samenvatting van te maken. In die leerreden legde deze eerwaarde Arahant uit hoe de citta en hoe wedergeboorte en het Doodloze verstaan moeten worden.
Ik hoop dat mijn korte weergave van de soms lange leerreden een goede indruk geeft van wat met citta bedoeld wordt; en ook enig licht brengt inzake wedergeboorte.

In de Engelse vertaling zijn meerdere Pali woorden niet vertaald omdat ze niet met een enkel woord omschreven kunnen worden. In voetnoten zijn die Pali woorden dan nader uitgelegd.

Nico


« Laatst bewerkt op: 13-03-2018 23:52 door nico70+ »

Offline nico70+

  • Sangha Ouderling
  • *****
  • Berichten: 828
  • Geslacht: Man
    • Bekijk profiel
    • Facetten van het Boeddhisme
Re: De citta en het Doodloze
« Reactie #1 Gepost op: 09-03-2018 10:38 »
1. De citta

     De eerwaarde leermeester Maha Bua Ñanasampanno zei dat de citta is als een gevangene die in de gevangenis geboren is en er sterft. Die gevangene kent de wereld buiten de gevangenis niet. Hij kent de vrijheid niet van de buitenwereld.
     Ook wij hebben geen mogelijkheid te weten welk geluk en vrede er buiten te vinden is. Een citta dat nog door de krachten van de smetten beheerst wordt, is als een dergelijke gevangene. Een eend die nabij een modderpoel is opgegroeid, is tevreden ermee in die poel rond te zwemmen. Zij kent niet de vrijheid van het zwemmen in een groot meer waar ze kopje onder kan gaan. De citta die nooit het geluk, het welbehagen en de vreugde ondervonden heeft die van de Dhamma uitgaan, is als de eend in de modderpoel.

     De Dhamma is een middel, geen doel op zich. Wanneer de smetten stap voor stap ontworteld worden, dan ontwikkelt het hart een glans, een stralend licht. Alle smetten moeten vernietigd worden, ook de onwetendheid, ook de mening van "ik ben". Datgene wat buiten het gebied van het conventionele ligt, blijft over. Het wordt de zuivere citta genoemd. De natuur van die zuiverheid kan door niets vernietigd worden. Datgene wat weet dat alles ten einde is, ligt buiten de vier edele waarheden.
     Als men bij het echte is aangekomen, spelen de vier edele waarheden geen rol meer. Zuiverheid blijft over. De Boeddha onderwees de methode hoe die zuiverheid bereikt kan worden. Hij maakte daarbij gebruik van conventionele middelen. Als de zuiverheid bereikt is, dan is de citta uit de gevangenis, is dan in vrijheid. Maar de meesten willen niet naar die vrijheid omdat die niet bekend is. [Het Doodloze zelf ligt aan gene zijde van het conventionele taalgebruik en kan daarom niet uitgelegd worden].

Leerrede van de eerwaarde Maha Bua Nyanasampanno,
verkort weergegeven door Nico.

« Laatst bewerkt op: 09-03-2018 10:40 door nico70+ »

Offline nico70+

  • Sangha Ouderling
  • *****
  • Berichten: 828
  • Geslacht: Man
    • Bekijk profiel
    • Facetten van het Boeddhisme
Re: De citta en het Doodloze
« Reactie #2 Gepost op: 10-03-2018 12:17 »
2. Onderzoek van de khandhas[*1]

     Gewoonlijk straalt de citta en is altijd bereid om met elk ding contact op te nemen. Alle verschijnselen zonder uitzondering zijn onderworpen aan de drie kenmerken: dukkha, anicca en anatta. Maar de ware natuur van de citta is er niet aan onderhevig.
     De dingen die aan de drie kenmerken onderhevig zijn, wervelen om de citta heen, zozeer dat de citta zich laat meeslepen. De citta draait wel mee maar kan niet uiteen vallen. De natuurlijke kracht van de citta bestaat hierin dat hij weet en niet sterft. Het Doodloze ligt aan gene zijde van de drie kenmerken en van de wetten van de natuur. Wij worden ons er niet van bewust omdat de citta omhuld is door conventionele realiteiten.
     Geboorte en dood hebben de door de smetten geïnfecteerde citta steeds begeleid. Wij hebben dat niet gemerkt omdat onwetendheid immers tot de smetten behoort die verwijderd moeten worden. Wij hebben niet de kracht om de eigen ware citta te zien. Wij hebben steeds alle soorten van verkeerde dingen als ons zelf beschouwd.
     De oorspronkelijke citta is stralend, maar wordt verduisterd door de kilesas[*2] eromheen. De Boeddha gebruikte de uitdrukking "pabhassaram" = stralend. Het betekent niet "rein". Degenen die hun citta gezuiverd hebben, worden niet meer wedergeboren.
     In deze wereld kan geen gevoel van welbehagen zijn totdat de smetten geheel en al uit het hart zijn verwijderd.

     Waardoor wordt het hart bedekt zodat wij het stralen en de reinheid ervan niet kunnen vinden? - De vijf khandhas en de begeleiders ervan komen in contact met oog, oor, neus, tong en lichaam. Ze verbinden zich met de citta en vormen de basis voor een [verkeerde] mening. Dan hecht de citta zich aan de objecten, zodat hij volledig verduisterd wordt door liefde, haat, woede, en andere toestanden. Wat echter diep begraven ligt, is onze mening dat de khandhas ons zelf zijn. En die mening hebben wij al sedert ondenkbare tijden.
     Van de vijf khandhas beschouwen wij het lichaam (rupa) als "wij". Vedana, sañña, sankhara en viññana[*3] zijn "wij", zijn "van ons". Deze meningen zijn diep in ons begraven. Daarom onderwees de Boeddha ons om onderzoek te doen. Wij onderzoeken de vijf khandhas om te onderzoeken, om de waarheid ervan duidelijk in te zien en om de verkeerde meningen en het hechten eraan te ontwortelen. Vormen, geluiden, geuren, smaken, aanrakingen, gedachten zijn gewoon natuurlijke verschijnselen. We moeten ze onderzoeken om met behulp daarvan onze eigen dwaling waar te nemen en om ons met behulp van weten ervan te bevrijden. Het feit dat de citta de khandhas als zijn zelf beschouwt, als tot hem toebehorend, berust op dwaling.
     Zodra wij onderzocht en begrepen hebben wat die dingen werkelijk zijn, trekt de citta zich innerlijk terug door weten, begrip en pañña[*4], zonder verder door die dingen geraakt te zijn.
Wij onderzoeken die khandha die het meeste opvalt. Neem bijvoorbeeld het lichaam, een lichamelijk aspect dat het meest voorkomt, dat onze belangstelling wekt. Concentreer je dan op de vraag "wat is dukkha?"
Dukkha wordt gewoonlijk met "pijn, onvoldaanheid, onverdraaglijkheid" omschreven. Maar ik [= de eerwaarde Maha Bua] vertaal het liever met "voortdurende druk". Niet krijgen wat men wil is dukkha, want het zet ons onder voortdurende druk. En het maakt ons onbehaaglijk.
   Ons lichaam is een bron van vuiligheid; het is afstotend, walgelijk. Het lichaam moet steeds gewassen en gezuiverd worden. Blijft iets rein als het met een lichaamsdeel te maken heeft? - Zelfs het voedsel dat we eten wordt tot vuilnis wanneer het in de mond komt en ingeslikt wordt. Onze kleding is eveneens onrein. Ze moet gewassen en gestreken worden. Onze woning moet gereinigd worden, stofzuigen, poetsen, stof afnemen. Overal waar mensen wonen moet rein gemaakt worden, omdat de mensen onrein zijn.
   Zo te contempleren betekent het walgelijke te onderzoeken.
   Concentreer je erop de inwonende natuur ervan in te zien. Beschouw elk facet ervan. Als een punt onderzocht is, vloeit het weten geleidelijk naar het volgende punt. Wanneer oplettendheid en het waarnemen in nauwe verbinding blijven, moet pañña [wijsheid] gaan werken en onophoudelijk verder gaan. Stap voor stap zullen jullie werkelijk inzien en weten. Dan is pañña op het eerste niveau van onderzoek.

   Na het onderzoeken van de vuiligheid moeten jullie het proces van verandering in het lichaam onderzoeken.
     Stap voor stap moeten wij tot de waarheid doordringen, moeten wij ons bevrijden van het hechten en van verkeerde meningen. De citta wordt dan helder en zal waardigheid en moed uitstralen. Hij zal tevreden elk facet van de waarheid onpartijdig accepteren.
   "Dwazen stapelen voor zich steeds meer last op. De wijze laat steeds meer los totdat niets over blijft."

   Na het onderzoek van het proces van verandering in het lichaam moeten jullie het proces van verandering in de khandhas onderzoeken. Elk deel van het lichaam is aan verandering onderworpen. Er is geen enkele uitzondering; wij kunnen ons nergens aan vasthechten.

   Hetzelfde met het begrip anatta. De dingen behoren ons niet toe noch behoren zij iemand anders toe. Alle dingen zijn slechts natuurlijke verschijnselen.
Maar wij mensen grijpen ernaar, houden ze vast. De Boeddha waarschuwde ons niet vast te grijpen. Beschouw de dingen niet als "ik" of "mijn". Ze zijn niet ons zelf.

   Concentreer je erop hoe alles vervalt. Wat ondervindt de citta daarbij? De elementen aarde, water, wind en vuur [van het lichaam] keren na de dood weer terug. Aarde wordt aarde, water wordt water, wind wordt wind en vuur wordt vuur. Maar er is niets dat als "ik" of "mijn" aangeduid kan worden. Er is geen "ik" of "mijn" te vinden. Er zijn alleen de elementen aarde, water, wind en vuur. Door zo te zien wordt de citta rustig, komt tot rust, wordt stil.
   De citta wordt dan niet trots, hoogmoedig of opstandig. Maar het hart wordt rustig. Daarom onderwees de Boeddha herhaaldelijk om te onderzoeken totdat wij het begrijpen en er goed mee kunnen omgaan.
   Wanneer de citta met zijn eigen pañña helder ziet, kan hij zich alleen in de stilte terug trekken, vast in zich geconcentreerd, alle zorgen loslatend.


Leerrede van de eerwaarde Maha Bua Nyanasampanno,
verkort weergegeven door Nico.


----------
[*1] khandha (s) = accumulaties, groepen, hopen of aggregaten. Het zijn de vijf componenten waaruit onze persoonlijkheid bestaat, namelijk lichaam, gevoel, geheugen en zijn functies, denken en bewustzijn. Het zijn de fysieke en mentale componenten die deze hele wereld van sensorische verschijnselen mogelijk maken.

[*2] kilesas: Zij zijn de handlangers van avijja. Het is datgene wat het hart verontreinigt, bevlekt en vervuilt. De gebruikelijke lijst van de kilesa's bevat hebzucht, haat, afkeer en waanideeën in hun verschillende vormen, zoals passie, afgunst, hypocrisie, verwaandheid, ijdelheid, trots, gierigheid, zich zorgen maken, angst, twijfel, opstandigheid, zelfgenoegzaamheid, luiheid, ongerustheid, rusteloosheid, schaamteloosheid, immoraliteit en alle soorten van subtielere variaties ervan, die tot kwade, slechte en onheilzame gemoedstoestanden voeren.

[*3]  Vedanâ, sañña, sankhara en viññana:
Vedanâ: Gevoel, het gewaar worden van aangename of vreugdevolle, neutrale of pijnlijke gevoelens. Gevoel is een van de mentale aggregaten van de persoonlijkheid (khandhâ).
   Saññâ: herinnering, het in kaart brengen van betekenis en belang van het onbekende. Het is het herkennen van het bekende en alle soorten van associaties. Al deze functies kleuren en conditioneren onze persoonlijke waarneming. Geheugenfuncties is een van de mentale aggregaten van de persoonlijkheid (khandha).
   Sankhâra: formaties, conditionaliteit. 1) Het is datgene wat met de hulp van de vijf khandhas dat schept wat we krijgen geserveerd als dingen, verschijnselen en uiteindelijk als onze wereld. Normaal kunnen we niet inzien dat de individuele kandha's elkaar alleen maar veroorzaken, dat ze als zeepbellen opstaan en barsten. We zien alleen de afgewerkte eindproducten (formaties) en niet de ingrediënten waaruit ze zijn ontstaan. 2) Als de vierde khandha heeft het betrekking op denken, d.w.z. korte gedachtenformaties, die dan door saññâ tot ideeën, meningen en visies worden.
Viññana, bewustzijn, is de spirituele bevestiging van inkomende gewaarwordingen. Bewustzijn is een van de mentale aggregaten van de persoonlijkheid (khandha).

[*4]  pañña: Wijsheid, inzicht. Kennis die voortkomt uit ervaring.

Offline nico70+

  • Sangha Ouderling
  • *****
  • Berichten: 828
  • Geslacht: Man
    • Bekijk profiel
    • Facetten van het Boeddhisme
Re: De citta en het Doodloze
« Reactie #3 Gepost op: 11-03-2018 11:04 »
3. Onderzoek van pijn

   Onderzoek verder gevoelens van pijn, in het bijzonder wanneer jullie ziek zijn of wanneer jullie lange tijd in meditatie gezeten hebben en wanneer dan pijn optreedt. Neem de pijn als object voor onderzoek. Waar doet het pijn? Vanwaar komt de pijn? Eerst was die pijn er niet. Alleen nu treedt dat gevoel van pijn op. Waar heeft de pijn zich verstopt? Als de pijn ons toebehoorde, had onze citta hem op elke tijd moeten waarnemen. Als de pijn werkelijk tot ons behoort, waarom verdwijnt de citta dan niet wanneer de pijn verdwijnt?
   Pijn en citta zijn niet hetzelfde. En jullie moeten het lichaam analyseren. Wanneer de botten pijn doen en de pijn dan verdwijnt, waarom verdwijnen dan de botten niet samen met de pijn? Wanneer ze daadwerkelijk één en dezelfde zaak zijn, dan moeten met de pijn ook de botten verdwijnen.
   Maar kijk, wanneer de ziekte gaat of wanneer wij na het zitten opstaan, dan verdwijnt de pijn (geheel of gedeeltelijk). Het gevoel van pijn is niet gelijk aan het lichaam. Het lichaam is niet gelijk aan het gevoel. En de citta is niet gelijk aan het lichaam. Lichaam, gevoel en citta zijn drie verschillende zaken. Ze zijn niet hetzelfde. Elk heeft zijn eigen realiteit. Onderzoek ze, scheidt ze van elkaar overeenkomstig de waarheid.

   Een verder resultaat: zelfs als de lichamelijke pijn niet verdwijnt, dan heeft die toch geen uitwerking op hart en citta. Uiteindelijk is de citta heel rustig, zeker en verheven. Welk deel van het lichaam ook pijn doet, de citta wordt er op geen enkele manier door gestoord of opgewonden. Hij is ontspannen omdat hij met pañña [wijsheid] de pijn heeft doorzien.
   Jullie oplettendheid en pañña moeten niet terugwijken maar moeten voortdurend verder gaan om de waarheid te ontdekken. Streef niet ernaar om de pijn te laten verdwijnen. Zo’n verlangen versterkt de pijn alleen maar. Onderzoek, zie de waarheid in.
   Het lichaam bestaat uit vier elementen. Wanneer die elementen samengevoegd zijn, noemt men dat "man" of "vrouw". Het lichaam is geen gevoel. Pijn is een gevoel. Definieer dat gevoel niet. Het is niet "ons" gevoel. Pijnen ontstaan in het lichaam. Het lichaam treedt een tijd op en lost op bij de zogenaamde dood. De gevoelens van pijn kunnen op één enkele dag 100x optreden en 100x verdwijnen, ja zelfs 1000x. Ze zijn niet blijvend. Zie ze met pañña duidelijk in, laat de citta niet afdwalen.

   Gevoel is een verschijnsel dat ontstaat, even duurt en dan verdwijnt. Citta, bewustzijn en gevoel zijn niet hetzelfde; lichaam en citta zijn niet hetzelfde. Waarneming en gevoel zijn niet hetzelfde. Lichaam is lichaam; citta is een mentaal verschijnsel; heeft de natuur van te weten. De elementen van het lichaam weten niet. Het geest-element (mano-dhatu) weet. Pijn is een gevoel, een element dat niet weet.

   Zodra sankhara [de formaties] iets vormen, hecht de saññâ [herinnering] zich er direct aan en geeft het een naam, groepeert het tot dit of dat. “Dat zijn wij, dat behoort ons toe. Dat is pijn, daar doet het pijn.” Dat zijn de eigenschappen die ons bang maken, die de citta met zorg vullen.

   De geest sterft niet. De wetende sterft niet; citta kan niet verdwijnen. De citta weet dat pijn ontstaat en verdwijnt. Maar de citta verdwijnt niet. Hij is een afzonderlijk verschijnsel dat steeds weet en zich niet met iets anders vermengt. Zo blijft het gemoed ontspannen. Als de citta van de kilesas [smetten] bevrijd is, is nibbana bereikt.

Leerrede van de eerwaarde Maha Bua Nyanasampanno,
verkort weergegeven door Nico.




Offline nico70+

  • Sangha Ouderling
  • *****
  • Berichten: 828
  • Geslacht: Man
    • Bekijk profiel
    • Facetten van het Boeddhisme
Re: De citta en het Doodloze
« Reactie #4 Gepost op: 12-03-2018 17:13 »
4. De stralende citta is avijja [*5]

   Weest jullie ervan bewust dat vedanâ, saññâ, sankhâra en viññâna slechts individuele oorzakelijkheden zijn welke de citta ten toon spreidt. Ze verschijnen en verdwijnen. Ze zijn zonder een zelf. Hoe kan men dan eraan hechten? Let goed op om ze met oplettendheid en pañña in te zien.
   Sankhara (gedachtenformaties) vormen zich in het hart. Dan verdwijnen ze weer. Er is geen substantie in te vinden. Viññâna (bewustzijn): als contact met iets ontstaat, neemt bewustzijn het waar en verdwijnt weer.
Alle khandhas verschijnen en verdwijnen; ze zijn niet blijvend, zijn niet zelf.
   De citta kan zich - als wij tot dit punt onderzocht hebben - dan in de stilte terugtrekken. Hij moet stil zijn, moet uitblinken. Het innerlijke waarnemen van de citta moet uitmuntend zijn omdat de citta zich door het inzien van de waarheid van deze dingen heeft teruggetrokken. Pijn zal door het onderzoeken oplossen en wel omdat de citta heel duidelijk de waarheid inzag. Of, wanneer de pijn niet weggaat, dan hebben de pijn en de citta ieder hun eigen afzonderlijke realiteit. Het hart krijgt innerlijke majesteit, ongebogen, zonder angst.
   Als de tijd om te sterven komt, laat het gebeuren. Er is geen angst meer, want de dood is enkel een zaak van rupa, vedana, sañña, sankhara en viññana. Het is niet de zaak van “degene die weet”, het hart. Het is niet “de wetende” - het hart – die/dat sterft. Alleen alle andere dingen sterven. De dwaal-meningen van de citta hebben hem voor de gek gehouden.
   Wanneer wij ons het feit zichtbaar kunnen maken dat de meningen en vermoedens slechts illusies zijn en dat ze niet geloofwaardig zijn, dan zal de citta zich terugtrekken en alleen aan de waarheid geloof schenken.
        Zodra de pañña [wijsheid] iets heeft onderzocht, laat hij los. Moet hij eerst nog iets doorzien, dan houdt hij eraan vast. Welke soort van gedachten ontstaan, goede of slechte, ze ontstaan en vergaan, hebben geen duurzaamheid. De oorspronkelijke, stralende citta wordt bevlekt door de vermenging met de kilesas.
   Door onderzoek verdwijnen die dingen en de citta wordt onthuld door de heldere pañña. Dit is echter niet de citta die bevrijd is van de kringloop der wedergeboorten; het is meer de citta als van een pasgeboren baby.

   Tijdens het stap voor stap onderzoeken verzamelen de kilesas zich in dit ene punt en worden binnen in de citta tot straling. Omdat wij zoiets voordien nog niet hebben meegemaakt, worden wij bedrogen en ondervinden eerbied en bewondering. Het schijnt dat niets zich kan meten met de pracht ervan.
   Het stralen en de kilesas zijn twee kanten van dezelfde munt. Ze zijn allebei conventionele realiteiten. Het stralen uit de samenkomst van de diverse kilesas vormt een punt, een centrum zodat we duidelijk kunnen waarnemen: dit is het centrum van het stralen. Wanneer ergens een smet optreedt, dan verheft zich in het centrum een zeer verfijnd dukkha. Het stralen, de kilesas en het dukkha zijn metgezellen van elkaar. Daarom moet de citta die het stralen bezit, zich zorgen maken, het bewaken en beschermen om te voorkomen dat iets de straling komt verstoren.
   Wat nu is dat stralen? Onderzoek het en jullie zullen zien dat het de eigenschappen heeft van anicca, dukkha en anatta.
   Men mag niets als vanzelfsprekend aannemen. Alle werkelijk bedrieglijke dingen liggen in de citta, en het stralen is de allerlaatste vervalsing. Maar het stralen is de koning van de vijand – avijja [onwetendheid].
   Dit is de echte avijja; ze is niet als een tijger, demon of monster; maar de meest verleidelijke Miss Universum.
   Als wij niemand hebben die ons in deze raad kan geven, blijven we beslist lange tijd hangen, tot wij begrepen hebben en ons kunnen bevrijden. Maar als er iemand is die ons raad geeft hoe te handelen, dan kunnen wij beginnen ze te begrijpen, ze op dezelfde manier onderzoeken als de andere verschijnselen. Die verschijnselen zullen dan geheel onverwacht oplossen. Men kan het als ontwaken onder de Bodhi boom betitelen. En iets wonderlijks dat door de avijja verborgen was, wordt in zijn volle schoonheid geopenbaard. Het is een heel beslissend ogenblik. Wanneer het hart zich afscheidt van het conventionele, dan breken bevrijding en conventionele realiteit uit elkaar. Dat is het bereiken van de vrucht van arahantschap. Avijja verdwijnt dan geheel en al. De citta is volmaakt.
   Het is als het betreden van een huis. De ene voet staat nog op het trottoir, de andere voet is al binnen. Pas als beide voeten in de gang of hal van het huis staan, zijn we “in het huis” aangekomen. De citta is dan volledig vrij. De Boeddha onderwees: er is geen ander gevoel van welbehagen dan de vrede. Sa-upadisesa-nibbana is dan bereikt.

Leerrede van de eerwaarde Maha Bua Nyanasampanno,
verkort weergegeven door Nico.

----------
[*5] avijjâ = fundamentele onwetendheid. Een belangrijk aspect dat hier vermeld moet worden is de wil: willen weten, maar niet kunnen weten; willen begrijpen, maar niet kunnen begrijpen. Avijjâ is de afwezigheid van elk weten van hogere aard, een weten dat verder gaat dan conventioneel weten, of weten zonder enig inzicht. Avijjā is onwetendheid, zo diepgaand, zo blind dat ze zichzelf volledig omhult, zichzelf zo perfect misleidt, maar alles zo door elkaar brengt dat ze ons doet geloven dat datgene wat fout is, goed is, en dat datgene wat goed is, verkeerd is. Met onwetendheid is hier niet bedoeld de kennis die we hebben verworven in het leven, op school of universiteit, maar het gebrek aan inzicht en kennis van de ware aard van dingen, of gewoon misleidende kennis. Men kan avijjâ ook een fata morgana noemen, een luchtspiegeling die we zien, maar die niet echt is. Avijjâ lijkt op zichzelf het volmaakte product zijn, de dualiteit van hemel en hel, van goed en kwaad, zodat het extreem moeilijk is om ze als iets transcendent te beschouwen. Avijjâ moet echter worden overwonnen om de Verlichting te verwerkelijken.



Offline nico70+

  • Sangha Ouderling
  • *****
  • Berichten: 828
  • Geslacht: Man
    • Bekijk profiel
    • Facetten van het Boeddhisme
Re: De citta en het Doodloze
« Reactie #5 Gepost op: 13-03-2018 12:37 »
5. Zorg voor het eigen hart

   De leer te beoefenen betekent: te zorgen voor het eigen hart. Wie ondervindt pijn en moeilijkheden? Wie is gevangen? Het is de citta, gevangen door de kilesas en asava.[*6] Pañña [wijsheid] moet ingezet worden, want alleen heldere pañña kan met de kilesas omgaan, tot ze oplossen. Rupa, vedana, sañña, sankhara en viññana zijn alleen voorwaarden die de vrije citta niet langer lastig kunnen vallen. Hetzelfde geldt voor zichtbare objecten, geluiden, geuren etc. Ze hebben hun eigen realiteit. Alle verschijnselen hebben hun afzonderlijke realiteit. Wanneer wij dat niveau bereiken, kunnen we zeggen dat de strijd tussen de citta en de kilesas voorbij is.

   De khandhas zijn niet “wij” - ze zijn niet "wij" tijdens ons leven. Als wij sterven, wat is er dan om ons aan vast te houden? De citta neemt alleen waar op welke manier de khandhas zich gedragen en uit elkaar breken. Maar overeenkomstig zijn aard lost hij niet op met de khandhas. Wij hoeven dus nergens bang voor te zijn.

   Zodra de citta de gepaste reinheid heeft bereikt, zodat hij steeds straalt, dan vinden wij - wanneer wij ons op een rustige plek bevinden, ook als de citta niet in samadhi geconcentreerd is, - dat de citta zo uiterst delicaat en verfijnd is dat hij slechts heel moeilijk te beschrijven is. Deze fijnheid wordt dan als een straling die zich rondom in alle richtingen uitbreidt. Op dat ogenblik schijnt niets met onze zintuigen contact te hebben. Het is de vaste basis van de citta die gezuiverde, verwonderlijke opmerkzaamheid, heerlijkheid en sensibiliteit in zich toont.

   Het is bij dit soort van bewustzijn alsof wij ons helemaal niet in een lichaam bevinden. Dit is een heel verfijnd bewustzijn. Hoewel de citta niet in samadhi is verzonken, treedt dit heel markante bewustzijn op zonder dat visioenen of beelden verschijnen. Dat is één niveau van de citta.
   Een verder niveau is wanneer de goed gezuiverde citta zich in de stilte begeeft, zonder te denken, zonder gedachten te vormen. De citta rust van zijn activiteit uit. Alle vormingen van gedachten binnen de citta rusten volledig. Er blijft alleen eenvoudig bewustzijn. Dat wordt genoemd “de citta treedt binnen in de stilte.” Ook hier geen beelden. Er is alleen bewustzijn, opmerkzaamheid, alsof de hele kosmos ermee bedekt werd. De straling van de citta is namelijk niet zoals de straling van licht. De lichtstralen hebben een einde, dichtbij of veraf, afhankelijk van de lichtsterkte.
   De stralen van de citta echter zijn niet zo. Daar is geen dichtbij of veraf. Er is geen tijd en geen plaats. Alles bestaat nog zoals voorheen, maar er is alleen dit bewustzijn, deze opmerkzaamheid die alles tot het einde van het universum omhult.
   Wanneer de citta volledig gezuiverd is, is hij nog moeilijker te beschrijven. Hij laat zich niet met conventionele dingen uitdrukken omdat die citta geen conventionele realiteit is. Er zijn geen woorden voor.
   De wereld is vol van conventionele dingen. Wat wij ook zeggen, wij moeten een conventioneel beeld gebruiken om vergelijkingen te maken. “Het is als dit of als dat.” Nibbana is een conventioneel woord. Wat ook erover gezegd wordt, het wordt altijd verkeerd uitgelegd.
    Het is verkeerd bevrijding of een bevrijde citta te nemen en met de vijf khandhas te verwisselen die conventionele realiteit zijn. De vijf khandhas zijn een niveau van de conventionele realiteit en de gewone citta is eveneens een niveau van de conventionele realiteit.
        De verfijning van de citta - zo fijn dat het al een wonder is - toont zich voor ons duidelijk herkenbaar. Wanneer de citta helemaal vrij is van de dingen die hem omhulden, gevangen hielden, dan wordt de citta Dhamma. Dhamma is citta en citta is Dhamma. Op dit punt kunnen geen conventionele dingen meer gebruikt worden.
   De khandhas van zulke mensen zijn als die van ons. Wanneer de citta bevrijd is, is de natuur van de bevrijding het ene, en de wereld van de khandhas iets heel anders. Toch kan het gezuiverde hart midden in de wereld van de khandhas wonen; het is toch steeds een bevrijde citta. Men kan hem een getranscendeerde citta noemen omdat hij boven de conventionele realiteit ligt.
        De getranscendeerde Dhamma is een Dhamma aan gene zijde van de wereld. Daarom onderkennen zulke mensen dit soort van verbindingen in de citta. Zodra de citta niveau na niveau gezuiverd is, kunnen zij de begin- en eindpunten ervan zien. Is er nog een neiging aanwezig, en zo ja welke? Op dit niveau kunnen die mensen de dingen duidelijk herkennen en ze vinden dan ook een weg om de dingen die tot hechten voeren, stap voor stap van de citta te verwijderen.
   Wanneer de kilesas dicht om de citta heen wervelen, dan is er totale duisternis in de citta. Wij weten dan niet wat de citta is of wat de dingen zijn waarin hij verstrikt is. Maar zodra de citta stap voor stap gezuiverd is, onderkennen wij hoeveel nog in de citta verblijft. Zelfs als er nog maar een heel klein beetje aanwezig is, weten wij dat. Wij weten dan: “dit is het zaad dat de oorzaak ervan is dat wij in die of die sfeer wedergeboren worden.” Wij kunnen dat dan duidelijk inzien. Wij moeten dan de situatie zuiveren door toepassing van de diverse methoden van oplettendheid en moeten pañña toepassen totdat deze zaak zonder verbindingen van de citta is afgesneden. Dan wordt de citta volledig gezuiverd, zonder verdere mogelijkheden tot binding of voortzetting [van de smetten]. Wij kunnen dan helder zien. Dit is degene die bevrijd werd. Dit is degene die niet sterft.

Leerrede van de eerwaarde Maha Bua Nyanasampanno,
verkort weergegeven door Nico.

----------
[*6] âsava(s): meestal vertaald als afvoer of uitstroom. Asava's zijn die kilesa's die vanuit het hart voortkomen en die zich in gedachten, taal of actie uiten. Ze behoren tot vier verschillende groepen: zintuiglijk verlangen, existentieel verlangen, visies en meningen en elementaire onwetendheid.

Offline nico70+

  • Sangha Ouderling
  • *****
  • Berichten: 828
  • Geslacht: Man
    • Bekijk profiel
    • Facetten van het Boeddhisme
Re: De citta en het Doodloze
« Reactie #6 Gepost op: 14-03-2018 14:54 »
6. De citta tot rust brengen

   Met het inzien van de Dhamma is het als met het proeven van zout of van scherpe peper. Als de tong in contact komt met het zout, weten wij: dit is zout. En als de tong in contact komt met scherpe peper, dan weten wij: de peper is scherp. Dit weten we uit eigen ervaring. Wij kunnen daarin niet verkeerd zijn.
   Zo is het met het inzien van de Dhamma. Wij moeten stap voor stap tot inzicht komen. Wanneer de kilesas afgelegd zijn, is er inzicht in de Dhamma. De waarheid is dan duidelijk.
   Degenen die luisteren naar de Dhamma van zulke mensen die waarlijk ingezien en gezien hebben, zouden in staat moeten zijn om hun kilesas en asavas al tijdens het luisteren te reinigen. Dit is een zaak die niet van plaats of tijd afhangt.
   De hele Dhamma loopt samen in de citta. Wat zijn de dingen door welke de citta gevangen is en waarin hij verwikkeld is? Het zijn de elementen, de khandhas, en de grenzeloze aanblikken, geluiden, geuren, smaken en aanrakings-ondervindingen buiten ons die met oog, oor, neus, tong en lichaam en het hart in ons in contact komen. De dingen binnen en buiten ons. De citta kan zowel binnen als buiten op een dwaalspoor gebracht worden. Hij kan beide: binnen en buiten, haten en liefhebben.

   Zodra wij iets herkennen, kunnen wij het loslaten. Wat wij werkelijk begrijpen, is geen probleem meer omdat wij het loslaten zodra wij het herkennen.
   In het begin moeten wij de citta dwingen in een begrensd gebied te blijven, bv met het meditatie-woord "buddho" of met in- en uitademen. Zo bereikt de citta met het meditatie-thema een vaste plek. Wij moeten de citta leren om zich van zijn diverse bezigheden terug te trekken door een passend meditatie-thema te gebruiken.
Als wij door het meditatie-thema voldoende stilte hebben verworven om een toegang tot de weg te openen, beginnen wij met te onderzoeken. Pañña en opmerkzaamheid beginnen zich trapsgewijze te vertakken of beginnen hun reikwijdte uit te breiden, totdat ze zonder grenzen zijn. Wanneer wij na enige tijd onze citta door de ontwikkeling van samadhi willen uitrusten, dan concentreren wij ons op de rust, kalmte. Wij passen dan zoals voorheen het meditatie-thema toe zonder aan pañña op dat moment aandacht te schenken. Wij richten onze aandacht op het bevorderen van stilte, door ons meditatie-thema. Stap voor stap concentreren wij ons op dit thema, geleid door oplettendheid. Dat noemt men de citta tot rust brengen door de ontwikkeling van samadhi.
   Wanneer de citta zich van zijn rustoord terugtrekt, moet de pañña de dingen ontwarren en onderzoeken. Laat de pañña onderzoeken wat zij wil, totdat zij het begrijpt. Wanneer pañña begint aktief te worden, moet het onderzoek ervan steeds omvangrijker worden. Tenslotte onderkent ze de oorzaken en werkingen van de verschijnselen zoals ze overeenkomstig de waarheid zijn. Twijfel verdwijnt. De kilesas worden stap voor stap uit het hart verwijderd.
   Dan trekt de citta zich langzaam aan in een begrensd gebied terug, zonder ertoe gedwongen te worden. Want als hij de dingen heeft onderzocht en ingezien, waarin zou hij dan verward kunnen raken?! Waarover zich nog zorgen maken? De citta trekt zich steeds verder terug en laat de zorgen los. Hij gaat zover terug tot zijn gebied steeds beperkter wordt - beperkt tot de elementen, de khandhas en dan uitsluitend tot de citta zelf. Op dit niveau werkt de citta in een beperkt gebied omdat hij zijn lasten heeft afgelegd.

   De elementen en de khandhas zijn allemaal anicca, dukkha, anatta. Bij het onderzoeken van het lichaam volgt automatisch het begrijpen van het gevoel (en omgekeerd). Ze hebben alle dezelfde soort van eigenschappen - omdat zij uit dezelfde stroom van de citta stammen. Ze hebben geen eigen waarde. Laat ze los. Alle kilesas en asava vloeien samen in de ene citta, wanneer lichaam, vedana, sañña, sankhara en viññana onderzocht zijn.

Leerrede van de eerwaarde Maha Bua Nyanasampanno,
verkort weergegeven door Nico.



Offline nico70+

  • Sangha Ouderling
  • *****
  • Berichten: 828
  • Geslacht: Man
    • Bekijk profiel
    • Facetten van het Boeddhisme
Re: De citta en het Doodloze
« Reactie #7 Gepost op: 15-03-2018 13:00 »
7. Conventionele en bevrijde citta

   Waarom zeggen wij “de conventionele citta” en “de bevrijde citta”? Zijn er dan twee afzonderlijke cittas?  Helemaal niet. Het is steeds dezelfde citta. Wanneer de conventionele realiteit - kilesas en asava - hem beheersen, dan is dat een toestand van de citta. Wanneer hij echter door pañña gewassen is tot die toestand van de citta vernietigd is, dan verdwijnt niet de echte citta, de ware Dhamma, die deze reiniging overziet. Alles wat verdwijnt zijn alleen anicca, dukkha en anatta die in de citta ingeslopen zijn.
   Wanneer deze dingen verdwijnen, dan kan de ware citta in zijn volle omvang verschijnen. Dat noemt men de bevrijde citta, de reine citta. En blijft alleen eenvoudig bewustzijn, eenvoudige opmerkzaamheid, heel rein. Wij kunnen dan niet meer zeggen in welk punt van ons lichaam die eenvoudige opmerkzaamheid, dit eenvoudige bewustzijn gecentreerd is. Tijdens samadhi bijvoorbeeld wisten wij dat het in het midden van de borst gecentreerd was. Maar wanneer de citta tot de reine citta wordt, dan verdwijnt dit centrum; wij kunnen dan niet meer zeggen dat de citta op een bepaalde plek is. Er is alleen opmerkzaamheid zonder meer. Die bevindt zich wel nog midden tussen de elementen, maar die hinderen niet meer [net zoals de lotus in het water ontstaat, maar boven het water uitsteekt zonder erdoor nat gemaakt te worden].
   Wij kunnen nu duidelijk inzien dat de khandhas slechts khandhas zijn, de citta is de citta, het lichaam is het lichaam. Vedana, sañña, sankhara en viññana zijn afzonderlijke khandhas.
   De gevoelens in die citta bestaan niet meer, want hij is van alle kilesas bevrijd. Daarom bestaan in die citta de drie kenmerken niet meer. De citta heeft aan de conventionele gevoelens geen deel meer, afgezien van het hoogste heil, wat niets anders is dan zijn eigen natuur.*1]
   De Boeddha onderwees dat Nibbana het hoogste heil is. Maar die uitdrukking “hoogste heil” is geen gevoel van welbehagen zoals de gevoelens van de nog bevlekte citta. Het hoogste heil moet men zelf ondervinden. Wij kunnen niet zeggen dat de absoluut reine citta gevoelens heeft.
   Nibbana is blijvend. Het hoogste heil is blijvend. Ze zijn een en hetzelfde. Maar ze liggen buiten de conventionele begrippen. Dat is het einde van de omschrijvingen. Verder kan niets meer uitgelegd worden.

   Onderzoek de formaties (sankhara) die steeds ontstaan en vergaan. De Dhamma is in ons lichaam en onze citta, niet erbuiten; (en ook niet in het verleden of in de toekomst). De kilesas, het pad en de reinheid liggen hier in het hart. Geen enkele van de kilesas blijft in het hart wanneer de bevrijding bereikt is. De citta van de arahant is leeg.

Leerrede van de eerwaarde Maha Bua Nyanasampanno,
verkort weergegeven door Nico.

_____
*1] Dit wordt m.i. duidelijker uitgelegd door de eerwaarde Bhikkhu Bhuddhadasa, eveneens een bosmonnik.  "In de mens is een diep liggend deel dat niet naar begeerte zoekt. Het is het vrije reine element van de geest dat de vreugde van de ‘spirituele voeding’ zoekt. Dat deel wordt de bron van de tevredenheid van de Verlichte mens wiens geest door geen verontreiniging gestoord kan worden."
(Buddhadasa Bhikkhu. Handbuch für die Menschheit, zum Verständnis des Buddhismus, s.a., p. 9.
« Laatst bewerkt op: 14-06-2018 01:31 door nico70+ »

Offline nico70+

  • Sangha Ouderling
  • *****
  • Berichten: 828
  • Geslacht: Man
    • Bekijk profiel
    • Facetten van het Boeddhisme
Re: De citta en het Doodloze
« Reactie #8 Gepost op: 16-03-2018 14:11 »
8. Samenvatting

   De leer van de Boeddha is erop gericht de citta vrij te maken.  Met citta wordt bedoeld dat deel van de geest dat kent, dat weet, bewustzijn, “degene die weet”. En dat deel van de geest sterft niet.
   De vrije citta is vrij van de smetten, van de hindernissen. Hij wordt ook het vrije bewustzijn genoemd, het enkelvoudige bewustzijn.
Dood en geboorte zijn beide aanwezig in de citta. De citta zelf wordt nooit geboren en sterft nooit. Het zijn de in de citta indringende, verontreinigende dingen die ons naar geboorte en dood voeren.
De bevrijde citta is onbeweeglijk. Zodra de citta het niveau van reinheid, zuiverheid heeft bereikt, worden de vijf khandhas tot onvermengde khandhas. Er zijn dan geen smetten en geen belemmeringen meer. Reinheid blijft over. De arahant heeft nog een lichaam met de zintuigen, maar hij hecht er niet meer aan. Hij ziet ontstaan en vergaan. Zijn citta is rein. Hij maakt gebruik van de khandhas tot hij in nibbana ingaat. Het hart is geheel zuiver.
Als de smetten helemaal verdwenen zijn, dan is de citta volmaakt leeg. Dan kan niets meer in het hart indringen. Er is geen hechten meer. Het gemoed is dan steeds helder en stralend. Over blijft alleen de zuivere essentie van de Dhamma en de vrijheid. Alleen stilte en leegte. Het bewustzijn, de geest, het hart, het gemoed dat vrij is van de belemmeringen, is niet meer aan iets gebonden, is zonder basis. Het vrije hart (citta) rust nergens meer op.
   De innerlijke stilte van het hart is de basis van de citta, is de toevlucht. Door niets kan de citta dan nog gevangen worden. Dit is de ware natuur van de citta die geen conventionele realiteit meer bezit. Vimutthi, de mentale bevrijding van het hart, is nibbana.

Eerwaarde Maha Bua Nyanasampanno,
verkort weergegeven door Nico.


Omschrijving van citta:

Citta: 1) wordt meestal vertaald met geest (in het algemeen) en hart. 2) denken, denkorgaan, bewustzijn, rede; 3) opzet, bedoeling, wil.
   De eerwaarde Arahant Maha Bua Nyanasampanno omschrijft citta als volgt: Het is meer precies de essentie van de geest, de essentie die ten grondslag ligt aan de geest, die zich manifesteert als gevoel, geheugen en associaties, gedachten en bewustzijn. De citta staat centraal omdat al deze manifestaties randverschijnselen zijn. Het is het soort fundamentele heldere kennis (helder weten) of duidelijke herkenning (helder inzien) in het hart - dat wat van de dingen weet heeft - waaruit al het andere  ontspringt. En dat deel van de geest sterft niet. Citta is beide, zowel de onzuivere citta (door de kilesas verontreinigd), als de zuivere citta. Op het moment van de Verlichting, wanneer de avijjā en kilseas definitief uit de citta verdwijnen, blijft alleen nog over de zuivere, helder stralende citta, een citta van puur goud. Citta wordt ook wel het hart genoemd, omdat degenen die goed kunnen mediteren, ervaren dat alle gebeurtenissen, inclusief die van de waarnemer zich in het hart tot een eenheid samentrekken. Vanuit dit ene punt, het hart, ontspringen dan ook alle manifestaties. Op grond daarvan is het raadzaam de neiging te vermijden om de geest te beschouwen als iets dat in de hersenen gelokaliseerd kan worden.
   
Voor vragen en online boeken zie:

Forest Dhamma Books
Baan Taad Forest Monastery
Baan Taad, Ampher Meuang
Udon Thani, 41000, Thailand
FDBooks@gmail.com
www.ForestDhammaBooks.com
   en
http://luangta.eu/site/books.php

Groeten,
Nico

Offline Sybe

  • Eerwaarde
  • ******
  • Berichten: 2146
    • Bekijk profiel
Re: De citta en het Doodloze
« Reactie #9 Gepost op: 16-03-2018 14:44 »
Erg bedankt Nico. Ik vind het inspirerend.

alle goeds,
Siebe

Offline Sybe

  • Eerwaarde
  • ******
  • Berichten: 2146
    • Bekijk profiel
Re: De citta en het Doodloze
« Reactie #10 Gepost op: 20-03-2018 17:42 »

"Ik zag met ondubbelzinnige helderheid dat de essentiele wetende natuur van de citta onmogelijk vernietigd kan worden. Zelfs indien al het andere volledig vernietigd zou worden, de citta zou geheel onaangedaan blijven. Ik realiseerde deze waarheid met absolute helderheid op het moment dat de wetende natuur van de citta geheel op zichzelf stond/overbleef, in het geheel niet betrokken bij wat dan ook. Er was alleen die wetende aanwezigheid op prominente wijze aanwezig, indrukwekkend in diens luister. De citta laat het lichaam los, gevoel, geheugen, gedachte en bewustzijn en gaat een zuivere stilte binnen, met absoluut geen verbinding met de khandha’s. Op dat moment functioneren de khandha’s op geen enkele manier in relatie tot de citta. In andere woorden, de citta en de khandha’s bestaan op onafhankelijke wijze omdat ze volledig van elkaar afgesneden zijn door de volhardende inspanningen van meditatie.

[bron: arhattamagga, arhattaphalla, the path to arahantship, A Compilation of Venerable Ãcariya Mahã Boowa’s Dhamma Talks About His Own Path of Practice, Translated from the Thai by Bhikkhu Dick Sïlaratano, blz. 32]

Offline Sybe

  • Eerwaarde
  • ******
  • Berichten: 2146
    • Bekijk profiel
Re: De citta en het Doodloze
« Reactie #11 Gepost op: 22-03-2018 17:29 »
Een erg interessant stuk over avijja en verschillende soorten leegte, vind ik:

“Het verschil tussen de leegte van de avijja-citta (de citta onder invloed van onwetendheid, Siebe) en de leegte van de zuivere citta, vrij van avijja, kan geillustreerd worden door een persoon voor te stellen in een lege ruimte. Terwijl die persoon in het midden van de ruimte staat, zijn leegte bewonderend, vergeet die persoon zichzelf. Terwijl hij ziet dat er in de kamer niets is, denkt hij alleen aan de leegte die hij waarneemt en niet aan het feit dat hij [zelf] een centrale positie in die ruimte inneemt. Zolang er iemand in de ruimte aanwezig is, is het niet werkelijk leeg. Wanneer hij tenslotte zich realiseert dat de kamer nooit werkelijk leeg kan zijn totdat hij [zelf] vertrekt, dat is het moment dat avijja desintegreert en de zuiver citta ontstaat. Als de citta eenmaal verschijnselen van elke soort heeft losgelaten, lijkt de citta ultiem leeg; maar degene die de leegte bewondert, die helemaal onder de indruk is van de leegte, diegene die blijft voortbestaan. Het zelf als referentiepunt, wat het wezen van avijja is, blijft geintegreerd in de wetende natuur van de citta. Dit is de authentiek avijja. Je “zelf” is op dat moment het echte obstakel. Zodra het desintegreert en verdwijnt, blijven er geen obstakels meer over. Alles is leeg: de externe wereld is leeg en het innerlijk van de citta is leeg. Zoals in het geval van een persoon in een lege kamer, kunnen we alleen zeggen dat de kamer werkelijk leeg is als de persoon de kamer verlaat. De citta die een alomvattend begrip van alle externe zaken heeft verkregen, en alle zaken die betrekking hebben op zichzelf, van deze citta wordt gezegd dat het volkomen leeg is. Ware leegte doet zich voor wanneer elk spoor van conventionele realiteit verdwenen is uit de citta”.

[bron: arhattamagga, arhattaphalla, the path to arahantship, A Compilation of Venerable Ãcariya Mahã Boowa’s Dhamma Talks About His Own Path of Practice, Translated from the Thai by Bhikkhu Dick Sïlaratano, blz. 65]

fragment door mij vertaald.

groet,
Siebe


MaartenD

  • Gast
Re: De citta en het Doodloze
« Reactie #12 Gepost op: 23-03-2018 14:20 »
Sadhu, Siebe.

Ik vind het fascinerend dat moderne psychologie en aanverwante wetenschap steeds meer duidelijk maakt dat er helemaal geen zelf (als ontologisch fundamenteel object) is. Het zelf hoeft eigenlijk niet eens te vertrekken want het was er toch al nooit! Daarom is avijja zo'n mooi woord; vijja is kennis of wetenschap. Daadwerkelijk begrip van hoe het allemaal in elkaar zit levert volautomatisch de oplossing op.

Met warme groet,

Maarten

Offline Sybe

  • Eerwaarde
  • ******
  • Berichten: 2146
    • Bekijk profiel
Re: De citta en het Doodloze
« Reactie #13 Gepost op: 23-03-2018 15:15 »
Hallo Maarten,

Wat is volgens jou daadwerkelijk begrip? Heeft een wetenschapper daadwerkelijk begrip van zelfloosheid op een manier zoals de Boeddha dat bedoelde?

Siebe

MaartenD

  • Gast
Re: De citta en het Doodloze
« Reactie #14 Gepost op: 23-03-2018 16:57 »
Hey Siebe,

Ruwweg denk ik dat daadwerkelijk begrip ongeveer overeenkomt met 'direct realiseren' zoals de sutta's het vaak noemen. Iets dat je echt begrijpt beïnvloedt ook je gedrag en je houding. Waar ik op doelde is dat modern begrip van hoe de hersenen hun werk doen ons helpt te begrijpen waar de Boeddha het over heeft. We hoeven niet meer oeverloos te discussiëren of er nou wel of niet een zelf bestaat want we kunnen te rade bij de wetenschap die een helder beeld geeft van wat er nou plaatsvindt. Filosofen zijn al duizenden jaren bezig met steeds dezelfde vraagstukken. Komen we ooit verder?

Ik denk alleen als we ruimte bieden aan onderzoek dat op empirische basis wordt gedaan, samen met de inzichten uit onze filosofische/religieuze achtergronden.

Met warme groet,

Maarten

Offline Sybe

  • Eerwaarde
  • ******
  • Berichten: 2146
    • Bekijk profiel
Re: De citta en het Doodloze
« Reactie #15 Gepost op: 23-03-2018 17:57 »
Ja, direct realiseren. Het wordt ook wel directe kennis genoemd of ware kennis.

Ik ben erg blij met het boek van eerwaarde Maha Boowa waarin hij het pad naar diens realisatie van arahantschap (arhattamagga en phala) verwoordt. Het is gratis te downloaden.

In het laatste fragment wat ik hier postte geeft hij (in mijn eigen woorden) aan dat avijja, onwetendheid, er voor zorgt dat er een soort centrum van aandacht ontstaat in de geest, een soort punt van waaruit je gewaar bent. Dat is eigenlijk wat men in boeddhisme de notie van 'het zelf noemt. Het bestaan van zo'n soort punt/centrum van waaruit je gewaar bent, wordt niet ontkend.

Wat hij aangeeft is dat geest volledig kan verstillen op een manier dat alle gebruikelijke waarnemingen verdwijnen. Dus ook die van het lichaam, gevoelens etc. Toch resteert dan in de geest nog dat punt van waaruit iemand die overblijvende leegte gewaar is. Alsof er al die tijd een getuige is. Iemand aanwezig die alles ervaart.

Hij geeft eigenlijk aan dat op dat moment de citta nog altijd niet puur is maar nog altijd onder invloed staat van onwetendheid. Het is pas wanneer ook dat centrum/punt van gewaarzijn eindigt, dat de ware natuur zich echt onthult. Volgens hem is die onvernietigbaar. Avijja, onwetendheid, raakt op dat moment diens greep op de geest kwijt. Op dat moment heb je zeker een toevlucht en eiland van jezelf gemaakt. Gevoelens van onveiligheid zijn er niet meer, want die horen bij de citta onder invloed van onwetendheid, de citta waarin een soort centrum van gewaarzijn aanwezig is en daarmee een indruk van een persoonlijk-zelf.

Omdat dit alles puur een verinnerlijkt soort ervaren is, verinnerlijkte kennis, gnosis, kennis op basis van ervaring, zal wetenschap dit nooit accepteren als de waarheid, lijkt me.

siebe









MaartenD

  • Gast
Re: De citta en het Doodloze
« Reactie #16 Gepost op: 24-03-2018 15:52 »
Als de wetenschap iets niet accepteert dan moet je er wat mee, denk ik zelf. Dat wil niet zeggen dat alle concepten die niet meetbaar zijn daarmee meteen waardeloos zijn. Feit is wel dat, om eens wat te noemen, de opbouw van ons zonnestelsel zo zeker is aangetoond dat dit algemeen geldt voor alle mensen. Ongeacht ons geloof of afkomst, kleur of beroep.. de Aarde draait om de Zon. Wij kunnen niet voorkomen dat dit ons denken beïnvloed en dat zou ook niet goed zijn naar mijn mening. Wat we ook geloven, de Aarde rust echt niet op een stapel schildpadden, ook niet als dat idee een diepe waarde heeft.

Christenen zijn uitstekend in staat om een conceptueel gesloten systeem op te bouwen rond de eigenschappen van de ziel. Op basis van bepaalde teksten in de Bijbel weten ze een aantal eigenschappen van die ziel en ze kunnen erg scherpzinnig redeneren daarover. Je kunt er hele boekenkast over lezen. De vraag 'maar bestaat de ziel wel?' komt dan niet snel op. Als iemand die vraag wel stelt dan wordt er maar al te makkelijk verwezen naar die complete literatuur. En de ziel moet toch wel bestaan? God heeft ons immers geschapen.

Wij spreken over zaken als citta en kamma. We kunnen er uitstekend over redeneren, ingewikkelde constructies over uit ons hoofd leren en begrijpen. We ervaren de werking van kamma in ons leven, zelfs. Komt dit door het model in ons hoofd of heeft juist precies onze levensfilosofie precies de werkelijkheid in pacht? Verschillende grote leraren hebben prachtige illustraties gegeven van wat citta is, hoe je het kunt begrijpen. Er zijn metaforen te over die je kunt lezen om een gevoel te krijgen bij waarom het logisch en plausibel is dat kamma bestaat los van het lichaam, dat kamma overgaat naar elders bij het opbreken van het lichaam. We begrijpen citta als 'dat wat weet'.....

Maar bestaat het wel? Hoe werkt het dan? De Boeddha zelf geeft een reden om te geloven dat niet alles ophoudt na dit leven.. waarom zou je anders de Dhamma oefenen en je goed gedragen? Dat maakt het echter niet meer of minder waar. Het universum werkt nu al op een bepaalde manier, wat wij er ook van vinden. Het enige wat we kunnen doen is proberen meer te leren.

Ik bedoel absoluut en totaal niet een naturalistische interpretatie van de Dhamma op te leggen of zelfs maar te propageren. Feit is echter dat er gewoon geen goed naturalistisch antwoord bestaat op dit soort vragen. Misschien vinden we dat wel niet belangrijk. Dat kan. Ik persoonlijk laat me niet afleiden bij mijn oefening door het ontbreken van die antwoorden.

We moeten er echter wat mee. We zullen moeten accepteren dat er geen definitief antwoord mogelijk is op een verzoek van een buitenstaander om eens aan te tonen dat het klopt wat we zeggen. Ja, ehipassiko. Dan kom en kijk eens mee in Myanmar. Op zich is het niet erg dat we niet alles kunnen aantonen. Het is wel een feit dat het niet kan.

We moeten er wat mee. Hoewel grote gedeelten van de Leer steeds verder bevestigd worden door allerlei onderzoek zullen, tenzij er iets radicaals veranderd in de natuurkunde, vorige en komende levens een bovennatuurlijke aangelegenheid blijven.

Ik sta een verbond voor tussen wetenschap en spiritualiteit. Zoals ik elders betoogd heb, is neutraal de werkelijkheid onderzoeken, waarnaartoe de bewijzen ook leiden, eigenlijk een nederige, zelfs spirituele onderneming. Al onze ideeën, hoop, gedachten, verlangens.. laten we los. Zelfs de idee van een zelf... laten we los. De psychologie van ruwweg het laatste kwart van de vorige eeuw en verder levert ons alleen maar meer redenen om dat te doen. Hoe meer neurologen ontdekken, hoe duidelijker het wordt dat er geen locus is voor een zelf, geen homunculus in het brein die de teugels in handen houdt.

De Boeddha stelde dat een geloof dat er een vaststaand zelf bestaat een extreme visie is, evenals het geloof dat er echt geen zelf is. In moderne bewoordingen zou de wetenschap stellen dat het zelf te beschrijven is als iets er tussenin: een proces. De natuur van elk proces is vergankelijk, veranderend: anicca. En zo zijn we weer rond.

Wat niet overeind blijft onder het stellen van redelijke vragen zal sneuvelen. Dat is zelfs geen verlies.

Moeten we ons hechten aan onze ideeën over het Doodloze? Het woord een hoofdletter geven helpt geen zier als het gaat om een helder concept dat een werkelijkheid beschrijft. Is dat er wel?

We gaan off-topic hier. Ik trek me voor nu terug en beloof binnenkort een apart stuk te schrijven over de verhouding tussen rationaliteit en wetenschap, saddha en cijfers.

Met warme groet,

Maarten

Offline Sybe

  • Eerwaarde
  • ******
  • Berichten: 2146
    • Bekijk profiel
Re: De citta en het Doodloze
« Reactie #17 Gepost op: 16-04-2018 13:06 »
“Ons werkelijke probleem, ons ene fundamentele probleem- dat ook het fundamentele probleem is van de citta- is dat we de kracht missen die nodig is om ons eigen ware zelf te zijn. In plaats daarvan hebben we altijd namaak dingen aangezien voor de essentie van wie we werkelijk zijn, zodat het gedrag van de citta nooit in harmonie is met diens ware natuur. Veeleer drukt het zichzelf uit door middel van de kilesa’s sluwe misleidingen, dat veroorzaakt dat het zich gespannen en angstig voelt voor zo goed als alles. Als gevolg hiervan is de citta voor altijd vol bezorgdheden en angsten. En hoewel angst en zorgen niet eigen zijn aan de citta, krijgen ze het toch voor elkaar om daar vrees te produceren. Wanneer de citta is gereinigd zodat het absoluut zuiver is en vrij van alle verwikkeling, alleen dan zullen we een citta zien die verstoken is van alle angst. Dan verschijnen noch angst noch moed, alleen maar de ware natuur van de citta, die op natuurlijke wijze op zichzelf bestaat, voor altijd onafhankelijk van tijd en ruimte. Alleen dat verschijnt- niets anders. Dit is de authentieke citta” (Forest Desana, Ajaan Maha Boowa Nanasampanno, pag. 12.)

Fragment door mij vertaald uit het Engels.

Siebe