Ga er nou eens serieus in op wat de bevestiging moet geven dat iemand/jij het Absolute echt kent?
In navolging van Ramesh Balsekar vermijd ik termen als "het absolute".
Ramesh Balsekar vermeed vaak termen als "het Absolute" (of zelfs "Brahman", "Non-dualiteit", of "Hoogste Zelf") omdat hij, in de lijn van zijn leraar Nisargadatta Maharaj, benadrukte dat conceptuele labels de directe ervaring van wat-is kunnen vervangen.
Dat snap ik allemaal wel...maar begrijp je dan nog altijd niet dat bijvoorbeeld ook de leraren van de Boeddha vonden dat ze een directe ervaring/niet-conceptuele kennis/ontmoeting te hebben van/met
wat-is, maar dat eigenlijk helemaal niet hadden? Het was gewoon een perceptie van het vormloze. Een geest geboren perceptie.
Perceptie gaat over hoe iets of iemand lijkt te zijn. Maar wanneer en hoe weet je nou dat je hier buiten bent geraakt en niet in een kenniswereld bent waarin dingen zo lijken te zijn maar werkelijk contact hebt met wat is?
Perceptie is nooit een contact met, of kennen van wat-is volgens mij. Of je nu de perceptie hebt dat gras groen is, of iets/iemand mooi of lelijk is, maar ook de perceptie hebt van een oneindige ruimte, een oneindig bewustzijn, 'er is Niets', het is nog altijd een door de geest gecreerde 'werkelijkheid', een wereld van hoe het LIJKT te zijn.
Zoals ik het begrijp, waren de leraren van de Boeddha hiervan zich niet bewust. Zij geloofden, net als velen, dat als je maar de geest heel stil maakt en leeg, je vanzelf wat-is krijgt te zien. Maar hoe stil en leeg moet die geest dan worden?
Zelfkenners in de tijd van de Boeddha bereikten zeer verstilde en lege vormloze staten en ze beleefden en zagen dit als hun ware zelf, als een ontmoeting en kennis met wat-is, kun je zeggen. Toch begreep de Boeddha dit anders. Eigenlijk bleven de ervaringen van de leraren in die verstilde staten, in die leegte, ook nog altijd geest gecreeerde ervaringen, percepties, voorwaardelijke ontstane indrukken. Tijdelijk, geconditioneerd. Er vond geen werkelijke ontmoeting met wat-is plaats.
De les die ik er in zie: Wij, en evengoed OOK spirituele leraren, kunnen ons vergissen en
menen een niet-conceptueel soort contact/ontmoeting en kennis te hebben van wat-is, terwijl er eigenlijk gewoon sprake is van de wereld van perceptie, dus van iets wat de geest ons nog altijd
voorspiegelt als waar en werkelijk. Nog altijd een geest geschapen werkelijkheid. En dus niet een kennis van wat-is.
Zoals ik het zie, kende de Boeddha alles wat te kennen valt op een perceptuele manier (d.w.z het grofstoffelijke, fijnstoffelijk en ook onstoffelijke/vormloze percepties) maar ook het einde van perceptie. Hierdoor kon hij beoordelen en zien dat wat sommige leraren en mensen houden voor kennis van wat-is, in feite nog een geest-geschapen belevingswijze is, gevormd, geest-gemaakt, een wereld van indrukken. Dat wat wordt voorgespiegeld als de werkelijkheid, en hoe het werkelijk LIJKT te zijn.....(maar nog altijd niet is).
Dit is de ware opdracht van elke spirituele zoeker volgens mij. Want, als je hoe zaken lijken te zijn, gaat aanzien voor hoe het is, is dat per definitie begoocheling.
Het is gewoon een hele mooie taak vind ik dit allemaal goed uit te zoeken.
Want je wilt toch noch jezelf noch anderen bedotten?
Dus ja, hoe weet je nu dat je buiten de wereld bent van hoe zaken
lijken te zijn?
Ook zie je bij Zelfkenners, van oudsher tot nu, dat ze niet allemaal hetzelfde onderwijzen als het Zelf.
Ze hebben van oudsher tot nu niet allemaal dezelfde Zelf-kennis en Zelf-realisatie.
Vandaar een nooit eindigend debat in de sfeer van...wat ik zie als ware zelf is werkelijk het ware zelf...wat een ander ziet, een waan.