Leuk hoor, die paramita's, maar soms vraagt Rianne zich toch af:
"Waar doe ik toch al die moeite voor?"
En daar heeft de vijfde paramita misschien wel antwoord op.
In de relaties die ik heb gehad ben ik altijd ups and downs tegen gekomen. Mede daarom ben ik gaan onderzoeken hoe de paramita’s mij kunnen helpen. De paramita’s of perfecties zijn zes deugden die je kunt ontwikkelen en kan beoefenen om ook buiten het meditatiekussen verlicht te zijn. De eerste vier paramita's van vrijgevigheid, discipline, geduld en ijver bleken stuk voor stuk goede gereedschappen te zijn. Maar nog steeds komt soms ook de vraag opduiken: Waar doe ik toch al die moeite voor?
Want over het bodhisattva pad en het boeddhisme in het algemeen kun je veel zeggen, maar niet dat het je direct zekerheid en een comfortabel leven geeft. Althans, niet het soort comfort dat ik graag zou hebben. Open zijn over mijn gevoelens is niet altijd fijn. Soms kan ik het geduld niet opbrengen om angst en onzekerheid toe te laten en te accepteren dat ik me voel zoals ik me voel op dat moment. Zeker in tijden van stress of twijfel zou ik soms liever de handdoek in de ring gooien: “Goed, het was leuk, doei!” Op het moment dat deze wanhoop opkomt, wordt het me duidelijk dat ik iets mis. Wat ik wellicht mis is een visie en dat brengt me bij de vijfde paramita: Meditatie.
Getemd zijn
Van de meditatie -dyana- paramita wordt gezegd dat dit de paramita is waar de voorgaande vier absoluut niet zonder kunnen. Door jezelf te trainen in de andere paramita’s, zegt Chögyam Trungpa Rinpoche, ontstaat er een ontzettend groot gewaarzijn. Door dat gewaarzijn te koppelen aan de mindfulness of aandacht van meditatie heb je alles in handen om je getemde geest onder controle te houden. Het gaat hier volgens Trungpa Rinpoche niet zozeer meer om het temmen van de geest, zoals je dat doet als je begint met mediteren, maar meer om het getemd zijn. Het zien van hoe je geest op dit moment is. Dit is dus niet alleen als je op je meditatiekussen zit, maar op elk moment van de dag.
Normaal gesproken is meditatie de beoefening die je doet, en de ademhaling het object waar je je aandacht op richt.
(Voor de duidelijkheid:dit is concentratie meditatie.
Die valt onder de vijfde paramita.
In feite waar dit stuk over zou behoren te gaan.
Wat echter opvalt is dat hier het accent gelegd wordt op vipassana meditatie.
Volgens mijn inzicht valt dat nu juist onder de zesde paramita, maar dat zullen we afwachten.
De vijfde paramita,waarvan hier sprake is zou volgens mij behoren te gaan over de dhyana/shamatha/concentratie meditatie.
Daarover wordt echter niets verteld.
red; Dirk Knol).
Bij mindfullness-oefeningen kun je je aandacht richten op je beweging: tandenpoetsen, eten of je veters strikken. In mijn geval is de relatie met mijn vriend de beoefening, maar wat is het object? Susan Piver, Shambhala-leraar en schrijfster van verschillende boeken over relaties draagt openheid of liefde aan als object van de beoefening.
Mooi, laat los
De beoefening die wij het aangaan en cultiveren van een relatie noemen, heeft net zoals aandacht-gewaarzijn twee aspecten. Het eerste aspect is aandacht of mindfulness. De aandacht houdt je gericht op de relatie en het constant openen en loslaten. Susan Piver zegt dat het constant loslaten essentieel is bij zowel positieve als negatieve emoties. Dat betekent niet dat je dan meteen poeslief moet worden en nooit meer boos, verdrietig of jaloers mag zijn. Het houdt simpelweg in dat je bewust ben van hoe je je voelt en dat je jezelf daar niet te veel door laat meeslepen. Ben je nu boos? Mooi, laat los. Chagrijnig? Laat los. Jaloers, uitgeput, verveeld, verward, verliefd, eenzaam, gelukkig, geil? Laat los.
Voor het tweede aspect, gewaarzijn, heeft de Amerikaanse boeddhistisch leraar en auteur Lama Surya Das een goede beschrijving: nieuwsgierig zijn. Onderzoeken hoe dingen werken, hoe wij in elkaar zitten, wie de ander is, zodat we onszelf beter leren kennen en elke keer weer een open houden aannemen. Dan kun je je op elk moment afvragen: hoe voel ik me nu? Ben ik moe, blij, verdrietig of boos? Tegelijkertijd houd je je ogen, oren en al je andere zintuigen open om te zien hoe de ander zich voelt.
Alleen
Ik was laatst bij mijn vriend. Hij was bezig met een project en het hele huis zat vol met mensen. Hij was druk bezig en had afwezig 'hoi' tegen me gezegd. Geen knuffel, geen kus, niks. Ik voelde me eenzaam en afgewezen en ik begon me steeds bozer te voelen. Ik had levendige beelden in mijn hoofd dat ik het huis uit zou stormen en hard met de deur zou slaan, want dan zou hij wel begrijpen dat ik boos was. Vermakelijke gedachten, maar echt nuttig zijn ze niet, dus vroeg ik hem om een rondje met me te gaan lopen. ‘Ik voel me alleen’, zei ik. Hij keek me verbaasd aan. ‘Maar er zijn zeven mensen binnen’’ antwoordde hij. ‘Ja, maar ik voel me compleet onzichtbaar en overbodig voor jou, en ik ben hier voor jou, niet voor de anderen’. Hij zei dat hij me begreep maar dat ik ook moest begrijpen dat hij op dit moment andere dingen aan zijn hoofd had. We besloten ter plekke dat als we bij elkaar willen zijn we rekening moeten houden met hoe de ander zich voelt. Op dat moment kon ik zien dat hij het druk had, en ik kon accepteren dat ik ergens onderaan zijn prioriteitenlijst bungelde. En hoewel ik me nog steeds alleen voelde, te midden van al die mensen, vond ik het toch minder moeilijk, nu hij begreep hoe ik me voelde. Uiteindelijk was het nog een ontzettend leuke gezellige dag.
Door met een open houding te blijven kijken naar de bewegingen van mijn geest en me gewaar te zijn van mijn gevoelens en gedachtes, blijkt het makkelijker om mijn gevoelens te delen en ze los te laten. Zo beoefen ik het cultiveren van mijn relatie met behulp van de paramita's, en het lijkt nog te werken ook.
Bron