Ik denk dat het wel goed is het zo te zien dat de Boeddha niet leert dat al die hartstochtelijkheid in ons, in de vorm van opgepotte verlangens, neigingen, driften, felheid, obsessie en fanatisme, inclinaties, gewoontekrachten, opwellingen... worden veroorzaakt door Ego. Als het opwelt in de geest, is dat niet het initiatief van een soort innerlijke bestuurder of entiteit-Ik of Ego.
...maar ...er zijn allerlei processen gaande die leiden tot zintuiglijk contact...met contact als voorwaarde ontstaat gevoel. Met gevoel als voorwaarde ontsluiten bepaalde neigingen zoals voorkeur en afkeer of onverschilligheid en wordt de geest beladen met die emoties. Wat aangenaam is wordt omarmt, verwelkomt en wat onaangenaam is wil niet gevoeld worden en wat neutraal is daarvan wordt het ontstaan en verdwijnen niet gevoeld en begrepen. Dit alles is niet een intentie, plan, initiatief van ego. Sterker, het ego besef is het resultaat er van.
Zoals zonlicht, object, en muur nou eenmaal een schaduw werpt, zo is Ego besef de cognitieve schaduw van het proces hartstochtelijkheid, van grijpen en hechten. En als eenmaal dat sterke besef van een Ik zich heeft genesteld in de geest, en wordt beleeft als de natuur van geest, gaat dat een eigen leven leiden en het versterkt alleen maar het hartstochtelijke en beladen karakter wat de geest al heeft verkregen.
Het is niet Ego dat hartstochtelijkheid veroorzaakt. Nee, dit zit diep in ons onderbewuste opgepot als zaad dat elk moment kan ontkiemen, als energie die elk moment kan vrijkomen. Als lading die elk moment kan ontladen. Die opwelling van energie, van drift, beladenheid is geen keuze van een Ego, of Ik. Het is niet diens initiatief. Daarom is het ook verwardheid als de analyse zo is dat Ego dat wel doet en om die reden weg moet. Als eenmaal door hartstocht en hechten de Ego perceptie zich voordoet dan versterkt dat alleen maar al ontstane emoties, energieën en beladenheid. Maar het veroorzaakt het niet.
Waar het mahayana en vajrayana vooral de nadruk leggen op een directe kennismaking of ontmoeting met de geest om daadwerkelijk het inzicht te krijgen dat deze Ik-of Egoloos is, leggen de Pali sutta's de nadruk op het ontwikkelen van die wijsheid, (anicca, dukkha, anatta, asubha), die percepties, waardoor de hitte in jezelf, de hartstocht, geleidelijk maar zeker afkoelt, en dus ook de cognitieve schaduw van hartstocht (Ego-besef) langzaam maar zeker vervaagt en verdwijnt.
Het is niet erg zinvol te spreken over wel of niet een bestuurder want waar het echt om gaat is dat je denken, spreken en doen kan opereren onder invloed van hartstocht en onwetendheid en dan haar eigen en andermans welzijn in de weg zit, of het opereert onder invloed van vrede en ware kennis en is dan een licht en vriend voor zichzelf en anderen.
Als de geest opereert onder invloed van sterke hartstocht dan weten we allemaal wel dat onze belevingswijze veel te extreem is geworden en begrip van zaken helemaal uit het lood.
Besturing vindt er sowieso wel plaats, weliswaar niet door een innerlijke bestuurder-Atta maar processen sturen ons denken, spreken en doen en laten aan in een bepaalde richting.
Het ontbreken van een atta als bestuurder reduceert niemand tot een stuurloos, energieloos, wijsheid loos, vermogen loos, krachteloos, initiatief loos, controle loos, machteloos wezen. De Boeddha was veel wijzer en zag dat er ook zonder bestuurder besturing mogelijk is. In een computer zit ook geen bestuurder maar wel een besturingssysteem. Net zo kan een mens of wezen ook zich laten besturen door of vrijkomende hartstochtelijkheid en onwetendheid of door spirituele vermogens als wijsheid en mindfulness en toewerken naar een situatie vrij van alle hartstochtelijkheid en onwetendheid.
Het ontbreken van een innerlijke bestuurder maakt een mens en andere wezens dus ook niet stuurloos, zonder macht, zonder invloed, zonder keuze, zonder mogelijkheid om ergens aan te komen.
In de tijd van de Boeddha leerde Makkhali Gosala dit: …”Er is geen vermogen, geen energie, geen mannelijke kracht, geen mannelijke volharding. Alle wezens, alle levende dingen, alle schepsels, alle zielen zijn zonder heerschappij, kracht en energie; gekneed door het lot, omstandigheden en hun eigen aard (nature), ze ervaren plezier en pijn in de zes klassen” (MN60§21).
Misschien is dat het extreme gedachtegoed van iemand die meent dat het ontbreken van een atta, een innerlijke bestuurder, een Ik, ook wel moet betekenen dat je zonder heerschappij bent. Maar Boeddha onderwees dit beslist niet want ook al is geen entiteit-Ik als bestuurder, de geest heeft vermogens en die vermogens kunnen herkend worden, gebruikt, sterk gemaakt en zo kan wel degelijk heerschappij ontstaan over impulsen, emoties, neigingen, alles wat opkomt.
Dezelfde waanideeën over het niet kunnen bestaan van besturing zonder een bestuurder... leidt ook tot andere waanideeën zoals: als er geen bestuurder is, geen Ik, is er ook niemand die verlichting realiseert. Of andere waanideeën zoals: als er geen bestuurder is dan is het onmogelijk dat wezens zichzelf bezoedelen of zichzelf kunnen zuiveren. Ook dat laatste was iets wat Makkhali leerde. Boeddha beslist niet. Het is, wederom, juist omdat er geen atta is dat wezens zichzelf kunnen zuiveren of bezoedelen!
Boeddha haalde volgens de Pali overlevering best uit naar Makkhali met zulke waanideeen. Hij zou gezegd hebben:
-"Bhikkhu's, ik zie geen enkel persoon die zo optreedt voor het leed van vele mensen, het ongeluk van vele mensen, voor de ondergang, het nadeel en lijden van vele mensen, van deva's en mensen, als de lege man Makkhali. Net zoals een val gezet aan de monding van een rivier, nadeel zou brengen, lijden, rampspoed en onheil voor vele vissen, zo is ook de lege man Makkhali, als het ware, "een val voor mensen", die in de wereld gekomen is voor het nadeel, lijden, rampspoed en onheil voor vele mensen". (AN1.319)
Nou dat is niet mals nietwaar?
-“Bhikkhu’s, een haaromslag wordt verklaard als het ergste soort geweven kledingstuk. Een haaromslag is koud in koud weer, warm in warm weer, lelijk, stinkend en oncomfortabel. Zo wordt ook de leer van Makkhali verklaard als de ergste onder de doctrines van de verschillende asceten. De lege man Makkhali onderwijst de leer en visie: ‘Er is geen kamma, geen daad, geen energie’.
(1) “Bhikkhu’s, De Gezegenden, Arahants, Volmaakt Verlichten van het verleden onderwezen een leer van kamma, een leer van daden, een leer van energie. Niettemin spreekt de lege man Makkhali hen tegen [met zijn claim]: ‘Er is geen kamma, geen daad, geen energie’.
(2) De Gezegenden, Arahants, Volmaakt Verlichten van de toekomst zullen ook een leer van kamma, een leer van daden, een leer van energie onderwijzen. Niettemin spreekt de lege man Makkhali hen tegen [met zijn claim]: ‘Er is geen kamma, geen daad, geen energie’.
(3) “Op het moment ben ik de Arahant, de Volmaakt Verlichte en ik onderwijs een leer van kamma, een leer van daden, een leer van energie. Niettemin spreekt de lege man Makkhali me tegen [met zijn claim]: ‘Er is geen kamma, geen daad, geen energie’. Net als een val aan de monding van een rivier, nadeel, lijden, onheil en rampspoed zou veroorzaken bij vele vissen, zo is ook de lege man Makkhali, als het ware, ‘een val voor mensen’, die in deze wereld is gekomen voor het nadeel, lijden, onheil en rampspoed voor vele wezens”. (AN3.137)
De implicaties van anatta zijn mijns inziens NIET dat; 1 er geen besturing mogelijk is; 2. dat niemand verlichting kan realiseren; 3. dat we zonder heerschappij en macht zijn; 4. dat we onszelf niet kunnen bezoedelen en zuiveren; 5. dat als atta maar weg is er ook niemand is die lijden en geluk ervaart (atta ervoer sowieso nooit lijden en geluk maar de geest).