De uitspraak dat de khandha’s lijden zijn kan dus niet betekenen “Elke waarneming is een subtiele vorm van lijden.” Maar eerder “De khandha’s zijn ongeschikt als basis voor blijvend geluk of identiteit.” Dat is een existentiële waarschuwing, geen ontologische veroordeling van verschijning zelf.
M.a.w. een extreem vredige ervaring/staat zoals zelfs nirodha-samapatti is ongeschikt als basis voor bevrijding, het is een ervaring/staat en dus tijdelijk. In zulke ervaring/staat kan er even geen onwetendheid, gehechtheid of verwerping meer opkomen, want er is niets meer waar het betrekking op kan hebben. Het kan best interessant zijn om dat (direct) te ervaren, maar het is niet bevrijdend op zich, en dus ook geen voorwaarde voor bevrijding. Want dat helpt hoegenaamd niet nadat deze tijdelijke staat weer eindigd.
Wat helpt dan wel, en is dus een basis voor duurzame, onanfhankelijke bevrijding (onafhanlijke van welke staat dan ook)?
Dat onwetendheid, gehechtheid of verwerping niet meer opkomen, hoewel ervaringen, hoe fijn of hoe grof ook, zich toch voordoen.
Het is volgens mij niet alleen maar een trucje dat de Boeddha leert dat de khandha's anatta zijn, dus zonder inherent bestaan, zonder zelf-natuur, maar ook echt dukkha en ook echt anicca.
Vaak wordt gedacht dat de khandha's pas dukkha zijn als je ze wilt vastgrijpen en vasthouden maar geldt dat dan ook voor anicca en anatta? Is iets pas tijdelijk en niet duurzaam als je het vastgrijpt? Nee, ik denk dat de Boeddha echt bedoelde...naar realtiteit, zoals het werkelijk is, zijn de khandha's dukkha.
Ik zie dit zelf niet als een pessimisme of nihilisme maar ik geloof dat de vrede van Nibbana ook het soort zintuiglijkheid en zintuiglijk contact mist dat de vervuilde geest voortbrengt.
Zie bijvoorbeeld MN44:
“
Sir Visākha, when a monk has emerged from the cessation of recognition and feeling, three kinds of contact touch him: emptiness contact, objectless contact, and undirected contact.
Er verandert iets in het soort contact als de geest vrij wordt van bezoedelingen. Het soort contact wat hier beschreven wordt als
emptiness contact, objectless contact, and undirected contact, is volgens mij geen (zes) zintuiglijk contact.
Zintuiglijk contact, dat ook altijd gepaard gaat met gevoel (vedana), is juist nooit undirected-contact, volgens mij, net zoals een vinnana moment ook nooit een ongericht kennis moment is maar de aandacht en geest is altijd gericht geraakt op, en bewust van, iets specifieks. Dat vereist altijd gerichtheid in de geest. Dat is zelfs een voorwaarde voor het ontstaan van zintuiglijk bewustzijn (MN28).
Elk moment van iets specifieks zien, horen, ruiken, voelen, kennen is een gericht soort kennis moment (vinnana). En volgens mij kun je dan ook zeggen dat op dit moment de geest ook niet meer in zijn natuurlijke staat is. Het contact met leegte, het objectloze en het ongerichte is kwijt. In de plaats gekomen is een zintuiglijk soort contact.
Oftewel, gewaarworden betekent lijden. Hoe subtiel en miniem ook. Maar zoiets kan denk ik alleen maar begrepen worden als je die toestand als referentie hebt dat er alleen maar emptiness, objectless en undirected contacts zijn. Ergens heb ik er zo een intuitief gevoel voor.
In de praktijk zijn er allerlei hartstochten, opwellingen, neigingen, aandriften, inclinaties in ons die eigenlijk constant veroorzaken dat er juist pijnlijke contacten ontstaan of aangename of neutrale. Oftewel we worden constant de op de 6 zintuiglijke domeinen gebaseerde belevingswereld ingeslingerd. We verlaten als het ware constant het niet zintuiglijke domein, vrede. Niet bewust maar de ketens slingeren ons in die werelden.
Ik heb er wel gevoel voor dat dit ook een element van lijden vertegenwoordigt, zelfs als die zintuiglijke belevingswereld aangenaam is en dus bestaat uit aangename gevoelens met aangename fysiek en mentale contacten. Oftewel, er is eigenlijk geen belevingswereld die vrij is van lijden, zelfs niet de belevingswereld van het vormloze. Hier vinden we elkaar wel denk ik.
De nog hartstochtelijke gaat geheel op onbeheerste wijze, gedreven door innerlijke opwellingen, neigingen, hartstochten en aandriften de zintuiglijke belevingswerelden in. Een bevrijde doet dat naar wens. Kan dat naar wens wel of niet doen. Maar ik denk dat de Boeddha wel degelijk bedoeld heeft dat vinnana (en rupa als kenobject, vedana, sanna, sankhara zijn onafscheidelijk van vinnana) iets fundamenteels onbevredigends heeft en lijden is. Vinnana is het resultaat van de vervuilde geest. De aandacht en de kennis landt dan weer hierop, dan weer daarop, en dat heeft iets rusteloos ook maar ook iets wat grofheid met zich meebrengt en altijd een zintuiglijk contact impliceert.
De vrede van Nibbana is volgens mij niet iets zintuiglijks.
Maar dat vinnana, vedana, sanna, sankhara en rupa als kenobject, dukkha worden genoemd is denk ik bedoeld ook om letterlijk te nemen. Het zit allemaal in de zintuiglijke sfeer en is een aggregatie, een samenklontering, iets voorwaardelijk bestaat ook. In de sfeer van wat de sutta's de wereld noemen of the All. In alles wat samengesteld is, zit ook een element van spanning en stress en weerstand om uiteen te vallen. Dat is puur natuur. Dat er in het samengestelde spanning zit is eigenlijk heel normaal. Alles wat bindt en bijeenbrengt komt ook met spanning.
In die zin zijn de khandha's denk ik intrinsiek dukkha.
Nibbana zie ik als het spanningsvrije, het niet-desintegrerende.